De voorzitter opent de zitting op 15/12/2025 om 22:35.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Bestuursdecreet van 7 december 2018.
De notulen van de vergadering van 17 november 2025 worden goedgekeurd.
Het meerjarenplan 2026-2031 is opgemaakt volgens de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen en de regels, schema's en rekeningstelsels volgens het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Het meerjarenplan 2026-2031 bestaat uit een strategische nota, een financiële nota, een toelichting en de bijhorende documentatie. Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 voorziet in een geïntegreerde planning van het beleid van de gemeente en het O.C.M.W. Dit beleidsrapport omvat de beleidsdoelstellingen en ramingen van zowel de gemeente als het O.C.M.W.
Beide entiteiten blijven als aparte rechtspersonen bestaan, de gemeenteraad en de O.C.M.W.-raad stellen in uitvoering van artikel 249 van het decreet lokaal bestuur elk hun deel van het meerjarenplan vast, waarna de gemeenteraad het deel van het meerjarenplan, vastgesteld door de O.C.M.W.-raad, goedkeurt.
Door die beslissingen wordt het beleidsrapport in zijn geheel geacht definitief vastgesteld te zijn (cfr. art. 249 §3 DLB).
Het meerjarenplan 2026-31 is financieel in evenwicht (schema M2) gezien het geraamde beschikbaar budgettair resultaat in geen enkel jaar negatief is en de geraamde autofinancieringsmarge voor 2031 minstens gelijk is aan nul. De kredieten voor 2026 worden per entiteit vastgesteld (schema M3).
Het financiële evenwicht wordt beoordeeld voor de gemeente en het O.C.M.W. samen.
Na beraadslaging.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikels 249 tem 275.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Het ministerieel besluit van 13 november 2018 betreffende de gemeenten en de openbare centra voor openbaar welzijn, de autonome gemeentebedrijven en de welzijnsverenigingen die de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen toepassen.
Meerjarenplan 2026-2031.
Artikel 1:
Het meerjarenplan 2026-2031 - deel GEMEENTE wordt vastgesteld.
Artikel 2:
Het meerjarenplan 2026-2031 - deel OCMW wordt goedgekeurd.
Artikel 2:
Overeenkomstig artikel 250 van het decreet lokaal bestuur bezorgt de gemeente onmiddellijk na de vaststelling de gegevens over het vastgestelde beleidsrapport in digitale vorm aan de Vlaamse regering.
Artikel 3:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeente de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Het toekennen van de nominatieve subsidies gebeurde in het verleden via het vaststellen van het budget waarin een lijst met nominatieve subsidies werd opgenomen.
In het decreet lokaal bestuur is geen budget maar enkel een meerjarenplan voorzien, waarin de lijst met nominatieve subsidies niet wordt opgenomen; bijgevolg dienen de nominatieve subsidies via een apart besluit te worden toegekend.
De gemeenteraad heeft de volle bevoegdheid om een nominatieve subsidie toe te kennen.
Deze uitdrukkelijke bevoegdheid verhinderd niet dat er een algemene regeling en procedure kan worden opgesteld waarbinnen de gemeenteraad de nominatieve subsidies toekent.
De algemene regeling dient beperkte procedures in te houden zodat er op een efficiënte manier kan toegekend en uitbetaald worden.
Deze algemene regeling kan voorwaarden bepalen op het vlak van:
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht;
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Artikel 1:
§1
Om voor nominatieve subsidies van de gemeente Kruisem in aanmerking te komen, dient de organisatie te voldoen aan volgende algemene voorwaarden:
§2
Om voor nominatieve subsidies van de gemeente Kruisem in aanmerking te komen, dient de organisatie te voldoen aan volgende specifieke niet cumulatieve voorwaarden:
Artikel 2:
Om voor nominatieve subsidies van de gemeente Kruisem in aanmerking te komen, dient de organisatie volgende rapporteringsverplichtingen na te leven:
Een nominatieve subsidie, ongeacht het bedrag, wordt uitbetaald op voorwaarde dat:
Artikel 3:
Om voor nominatieve subsidies van de gemeente Kruisem in aanmerking te komen, dient de organisatie volgende aanvraag- en uitbetalingsprocedure na te leven:
Organisaties die voor het eerst een nominatieve subsidie aanvragen dienen steeds een verantwoordingsdossier in, zodat de gemeente de opportuniteit en de hoogte van het bedrag aan nominatieve subsidie kan bepalen. Dit verantwoordingsdossier bevat minstens de gegevens van de organisatie en van de verantwoordelijken van de organisatie enerzijds en een motivering op inhoudelijk en financieel vlak anderzijds.
Organisaties die jaarlijks meer dan 1.240 euro toegekend krijgen, dienen jaarlijks een verantwoordingsdossier in. Dit verantwoordingsdossier bevat minstens de gegevens van de organisatie en van de verantwoordelijken van de organisatie enerzijds en een korte rapportering over de voorbije activiteiten en een motivering op inhoudelijk en financieel vlak voor de nieuwe aanvraag anderzijds. Daartoe wordt een sjabloon ter beschikking gesteld.
Voor de toekenning van een nominatieve subsidie, waarvan het bedrag op jaarbasis meer dan 5.000 euro bedraagt, wordt een uitgebreidere verantwoording ingediend door de begunstigde. Deze verantwoording wordt ondersteund met een kasverslag, jaarverslag of activiteitenverslag waaruit de financiële vraag duidelijk is. Indien de begunstigde een boekhoudkundige verplichting en neerleggingsplicht heeft, wordt dit ondersteund door de jaarrekening.
Deze uitgebreidere verantwoording wordt ingediend tegen ten laatste 15 juni van het jaar volgend op het werkingsjaar waarover het kasverslag, jaarverslag, activiteitenverslag of jaarrekening handelt.
Het gemeentebestuur dient zo een duidelijk beeld te krijgen van de inkomsten- en uitgaven en de overeenkomstige resultaten van de vereniging. De rapportering beschrijft ook de meerwaarde van de subsidie voor het gemeentebestuur en de inwoners.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Het belastingreglement op masten en pylonen dient hernieuwd te worden.
De financiële toestand van de gemeente Kruisem rechtvaardigt rendabele belastingen.
Naast het financieel hoofddoel wordt ook een nevendoelstelling nagestreefd. De gemeente Kruisem wordt gekenmerkt door zijn landelijk karakter. Masten en pylonen verstoren dit landelijk karakter en hebben een visuele impact voor de gemeente Kruisem en diens inwoners en bezoekers.
De aanwezigheid van masten en pylonen op het grondgebied van de gemeente heeft een substantiële invloed op de aantrekkingskracht van Kruisem als woonomgeving. Het heffen van een belasting op masten en pylonen is dan ook verantwoord.
Omwille van deze doelstellingen is het dan ook objectief en redelijk verantwoord om enkel de masten en pylonen met een hoogte van minimaal 20 meter te belasten, gezien de hoogte een doorslaggevende invloed heeft op het storend karakter van een mast en/of pyloon.
In de omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit wordt aanbevolen om constructies voor het produceren van groene energie belastingvermindering te geven of vrij te stellen en de constructies voor openbare hulpverlenings- en veiligheidsdiensten eveneens vrij te stellen.
De gemeente heeft het Lokaal Energie- en Klimaatpact 1.0 (LEKP 1.0) onderschreven en zich daarmee gebonden tot het stimuleren van groene energieproductie. Om het draagvlak voor hernieuwbare energie te verhogen wordt er voorzien in een vrijstelling van belasting voor constructies rond windenergie of andere vormen van groene stroom. Dit sluit aan bij de doelstellingen van de gemeente om de energietransitie te ondersteunen. De vrijstelling van belasting voor constructies die groene stroom produceren is objectief en redelijk en kadert in de groene fiscaliteit. Het landschapsverstorend element wordt hier gecompenseerd door het milieuvriendelijk aspect ervan.
Voor openbare hulpverlenings- en veiligheidsdiensten die primaire overheidstaken uitoefenen is communicatie en bereikbaarheid essentieel. Hiervoor zijn masten en pylonen een onmisbare schakel. Omwille van hun maatschappelijk belang is een vrijstelling verantwoord.
De gemeente doet eveneens inspanningen om haar verenigingen te ondersteunen in hun activiteiten.
Constructies voor louter recreatief gebruik zijn duidelijk te onderscheiden van constructies van commerciële ondernemingen. Gezien de afwezigheid van enig bedrijfsmatig aspect wordt voor constructies voor louter recreatief gebruik eveneens een vrijstelling voorzien.
De ontvangsten en uitgaven van de gemeente moeten in evenwicht gehouden worden. Het hernieuwen van deze belasting is budgettair noodzakelijk.
De artikelen 41, 162 eb 170,§4 van de Grondwet.
De artikelen 2, 40, 41, 252, 286, 287, 288 en 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, zoals gewijzigd.
De omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit.
Het gemeenteraadsbesluit van 19 december 2022 tot goedkeuren van een belastingreglement op masten en pylonen voor een termijn eindigend op 31 december 2025.
Artikel 1:
Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2028 wordt een jaarlijkse gemeentebelasting geheven op de masten en pylonen, geplaatst in openlucht en zichtbaar vanaf de openbare weg, die zich op 1 januari van het aanslagjaar op het grondgebied bevinden.
Artikel 2:
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder
Artikel 3:
Het bedrag van de belasting wordt als volgt vastgesteld: 2.500 euro per mast of pyloon.
De belasting is ondeelbaar, er wordt geen vermindering of terugbetaling van de belasting toegestaan als de mast of pyloon in de loop van het jaar wordt weggenomen.
Artikel 4:
Van de belasting zijn vrijgesteld:
constructies voor louter recreatief gebruik.
Artikel 5:
De belasting is verschuldigd door de eigenaar van de mast en/of pyloon, zoals gedefinieerd in artikel 2 van dit reglement, die zich op 1 januari van het aanslagjaar op het grondgebied van de gemeente Kruisem bevindt. De eigenaar van de constructie en/of de grond waarop de masten en pylonen werden opgericht, is mee hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Artikel 6:
De belastingplichtige doet uiterlijk op 30 september van het aanslagjaar aangifte van de belastbare elementen, volgens de toestand op 1 januari van het aanslagjaar bij het gemeentebestuur Kruisem, dienst financiën, Markt 1, 9770 Kruisem of via mail naar belastingen@kruisem.be. Het aangifteformulier wordt ter beschikking gesteld op de gemeentelijke website of kan op eenvoudig verzoek bekomen worden bij de financiële dienst (belastingen@kruisem.be).
Valt de uiterste indieningsdatum op een zaterdag, zondag of een feestdag, dan wordt de vervaldag naar de eerstvolgende werkdag verplaatst.
Als aangiftedatum geldt de postdatum of (bij afgifte) de datum vermeld op het ontvangstbewijs. Als de aangifte verzonden wordt via elektronische weg, geldt de datum van de elektronische verzending als datum van indiening van de aangifte.
Artikel 7:
De belastingplichtige dient elke wijziging in het aantal masten en/of pylonen, zoals gedefinieerd in artikel 2 van dit reglement, waarvan hij eigenaar is geworden tijdens het aanslagjaar op eigen initiatief aan het gemeentebestuur bekend te maken binnen de maand na de wijziging.
Artikel 8:
Als er geen, geen juiste of geen volledige aangifte is gedaan voor de aangiftedatum, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, conform de procedure voorzien in artikel 7 van het decreet van 30 mei 2008.
De ambtshalve belasting wordt verhoogd met 50 % van de verschuldigde belasting. Het bedrag van deze verhoging wordt gelijktijdig en samen met de ambtshalve belasting ingekohierd.
Artikel 9:
De belasting wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 10:
De belasting is betaalbaar binnen de twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 11:
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen deze belasting een bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen op de wijze bepaald in artikel 9 van het Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Artikel 12:
Overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 13:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Het reglement waarbij de opcentiemen op de onroerende voorheffing worden vastgesteld loopt tot en met 31 december 2025 en dient hernieuwd te worden.
In 2022 paste Kruisem de gemeentelijke fiscaliteit aan. Tot dan was er een uniform tarief van 693 opcentiemen op de onroerende voorheffing en bestond er voor de bedrijven een motorenbelasting. Vanaf het aanslagjaar 2023 werd ervoor gekozen om een gedifferentieerd tarief voor de opcentiemen op de onroerende voorheffing toe te passen en de motorenbelasting af te schaffen. Voor de gewone onroerende goederen bleef het tarief ongewijzigd op 693 opcentiemen. Voor de industriële kadastrale inkomens (op nijverheidsgronden, nijverheidspanden en materieel en outillering) werd het tarief op 826 opcentiemen gebracht.
Deze differentiatie op vlak van opcentiemen op de onroerende voorheffing is mogelijk ingevolge het decreet van 15 mei 2018, dat artikel 41 van het decreet lokaal bestuur wijzigt, doordat het decreet lokaal bestuur nu een gedifferentieerd tarief voor de opcentiemen op de onroerende voorheffing toestaat. Hierdoor kan een afzonderlijk tarief voor het industrieel kadastraal inkomen bepaald worden, zonder het tarief voor het gewoon kadastraal inkomen te verhogen.
De aanpassing van de fiscaliteit betekende geen structurele verhoging van de gemeentelijke inkomsten, maar een loutere verschuiving van motorenbelasting naar opcentiemen op de onroerende voorheffing.
Met de afschaffing van de belasting op motoren viel een grote jaarlijkse administratieve last voor zowel de bedrijven als de administratie weg. Met de invoering van een gedifferentieerd systeem van opcentiemen op de onroerende voorheffing werd een transparante regeling bereikt die rechtszekerheid verschaft voor de gemeente en de Kruisemse bedrijven.
Bovendien wordt de kleinschalige lokale economie niet bijkomend belast, aangezien het verhoogde tarief enkel toepasselijk is op industriële nijverheidsgronden en -gebouwen. Voor de burgers en de niet-industriële bedrijven zoals kleine handelaars, landbouwers en zelfstandigen in hoofd- en bijberoep bleef het tarief dus ongewijzigd.
De differentiatie van de opcentiemen op de onroerende voorheffing wordt tot algehele tevredenheid toegepast en wordt in dit voorstel integraal behouden. Ook de geldende tarieven blijven identiek.
De differentiatie van de opcentiemen bevat volgende tarieven:
| Categorie |
Waarde aanslagjaar |
Toelichting |
| Standaard |
693 |
Gemeentelijke opcentiemen voor alle gewone gebouwde en ongebouwde belastbare kadastrale inkomens ( codes 1 (F,K,L,P) en 2 (F,K,L,P) ) |
| Nijverheid |
826 |
Gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing op de gebouwde en ongebouwde belastbare kadastrale inkomens nijverheid en materieel en outillage ( codes 3 (F,K,L,P), 4 (F,K,L,P), 5 (F,K,L,P) en 6 (F,K,L,P) ) |
Aangezien de inning van deze belasting verloopt via Vlabel, werd voorafgaandelijk advies aangevraagd omtrent de technische uitvoerbaarheid.
De ontvangsten en uitgaven van de gemeente moeten in evenwicht gehouden worden. Het hernieuwen van deze belasting is budgettair noodzakelijk.
De artikelen 41, 162, 170 §4 en 173 van de Grondwet.
Het Wetboek van de inkomstenbelasting 1992, meer bepaald het artikel 464/1, 1°.
De artikelen 40, 41, 286, 287, 288 en 326 tot en met 341 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en alle latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
De omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit.
Het gemeenteraadsbesluit van 10 oktober 2022 betreffende het vestigen van een belasting 'opcentiemen op de onroerende voorheffing' voor de aanslagjaren 2023 tot en met 2025.
Het positief advies van de Vlaamse belastingdienst van 30 oktober 2025.
Artikel 1:
Er wordt voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2028 ten voordele van de gemeente opcentiemen op de onroerende voorheffing gevestigd als volgt:
Artikel 2:
De vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeurt door toedoen van de Vlaamse Belastingdienst.
Artikel 3:
Overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 4:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Artikel 5:
Deze beslissing zal worden medegedeeld aan het Agentschap Vlaamse Belastingdienst – Onroerende Voorheffing.
Het retributiereglement voor materialen en diensten ter beschikking gesteld door de openbare bibliotheken in het samenwerkingsverband Regiobib Leie Schelde dient hernieuwd te worden.
De Regiobib Leie Schelde is een nauwe samenwerking tussen bibliotheken uit de Cultuurregio Leie Schelde. Sinds 1 januari 2020 ontvangt de Cultuurregio Leie Schelde werkingsmiddelen ter ondersteuning van deze bovenlokale bibliotheekwerking.
De bibliotheken kennen reeds een lange geschiedenis van samenwerking, voorheen ZOVLA genaamd (bibliotheken De Pinte, Gavere, Kruisem, Nazareth, Sint-Martens-Latem, Zulte en Zwalm). Sinds 1 januari 2020 voegde Deinze zich ook toe tot dit samenwerkingsverband en werken de bibliotheken gezamenlijk verder.
De bibliotheek verandert en zal in de toekomst nog verder evolueren en sterk inzetten op onder meer digitalisering en extra dienstverlening.
De bib heeft de ambitie om uit te groeien tot een sterke derde plek in de maatschappij, naast de eigen ‘thuis’ en de school- of werkplaats.
In het bibliotheeksysteem van Cultuurconnect zijn er verschillende mogelijkheden voor bibliotheken om samen te werken.
Cultuurconnect heeft samen met de bibliotheken in Vlaanderen verschillende samenwerkingsgroepen gedefinieerd. Dit gaat van een minimale samenwerking tot één grote regiobib. De samenwerkingsgroepen staan in volgorde van groeiende evolutie. Doorschuiven naar een volgende vorm van samenwerking gebeurt in onderling overleg.
De Regiobib Leie Schelde wil zich engageren voor een samenwerking groep 3b - Regiobib met ééngemaakt leenreglement én met transport. Concreet wil dit zeggen: een lener kan uitgeleende exemplaren inleveren of gereserveerde exemplaren ophalen in alle bibliotheken van de samenwerking. Als de lener een titel reserveert, kan deze uit alle bibliotheken van de samenwerking komen. De bibliotheken maken hierbij gebruik van een intern transportsysteem.
Het onderschrijven van een Regiobib Leie Schelde houdt in dat alle gemeenten:
Deze samenwerking verliep tot op heden vlot waardoor ze niet gewijzigd wordt. De huidige tarieven blijven ook identiek.
De ontvangsten en uitgaven van de gemeente moeten in evenwicht gehouden worden. Het hernieuwen van deze retributie is budgettair noodzakelijk.
De artikelen 41 en 162 van de Grondwet.
De artikelen 40, 41,177, 286, 287, 288 en 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018 en latere wijzigingen.
Het decreet van 15 juni 2018 over de bovenlokale cultuurwerking (Bovenlokaal Cultuurdecreet).
Het gemeenteraadsbesluit van 23 september 2019 houdende goedkeuring van de oprichting van het Intergemeentelijk Samenwerkingsverband "Cultuurregio Leie Schelde".
Het gemeenteraadsbesluit van 13 mei 2024 houdende goedkeuring van het bibliotheekreglement Regiobib Leie Schelde.
Het gemeenteraadsbesluit van 13 mei 2024 tot vaststelling van het retributiereglement voor materialen en diensten ter beschikking gesteld door de openbare bibliotheken in het samenwerkingsverband Regiobib Leie Schelde voor een termijn van 1 juni 2024 tot en met 31 december 2025.
Het advies van de bibraad dd. 28 november 2025.
Artikel 1:
Er wordt een retributie geheven op de terbeschikkingstelling van materialen en diensten door openbare bibliotheken binnen het samenwerkingsverband Regiobib Leie Schelde, voor een termijn beginnend op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2028.
Artikel 2:
Het lidmaatschap is kosteloos op voorlegging van een identiteitsbewijs.
Voor jongeren beneden de 12 jaar is de toestemming van een ouder of voogd vereist.
Voor personen zonder verblijfsvergunning zal bij de inschrijving een waarborgsom worden gevraagd van 25 euro. Deze wordt onmiddellijk terugbetaald na het beëindigen van het lidmaatschap.
Bij vervanging van de lidkaart (door verlies of beschadiging) wordt 2,50 euro aangerekend.
Artikel 3:
Het lenen van alle materialen alsook de consultatie van internet is gratis.
Binnen de Regiobib Leie Schelde is het reserveren van materiaal gratis.
Voor een reservatie bij een openbare bibliotheek buiten de Regiobib Leie Schelde wordt 5 euro aangerekend, voor een reservatie bij een niet-openbare bibliotheek wordt de werkelijke kostprijs aangerekend.
Artikel 4:
Voor het laattijdig terugbrengen van materialen wordt een retributie aangerekend van 0,10 euro per geleend materiaal per openingsdag achterstand.
Een eerste herinneringsbrief of -mail wordt gratis verstuurd, voor een tweede herinneringsbrief wordt 1,25 euro aangerekend. Bij het versturen van een derde aangetekende herinneringsbrief wordt de reële kost van de aangetekende zending aangerekend, verhoogd met de aanschaffingswaarde van de geleende werken en 1,25 euro administratiekosten. Indien deze terugbezorgd worden aan de bibliotheek binnen de 3 weken na het versturen van dit schrijven (datum poststempel) wordt de aanschaffingswaarde van de geleende werken gecrediteerd.
Artikel 5:
Bij verlies wordt een retributie aangerekend ten bedrage van:
| A4 zwart/wit |
0,10 euro |
| A3 zwart/wit |
0,25 euro |
| A4 kleur |
0,25 euro |
| A3 kleur |
0,50 euro |
| A4 recto verso zwart/wit |
0,20 euro |
| A3 recto verso zwart/wit |
0,50 euro |
| A4 recto verso kleur |
0,50 euro |
| A3 recto verso kleur |
1 euro |
Artikel 8:
De retributie is verschuldigd door de persoon op wiens naam de bibliotheekmaterialen werden geleend of aan wie de bibliotheekdiensten werden verleend.
Artikel 9:
In geval van verlies of beschadiging van geleend materiaal wordt de retributie betaald na voorlegging van een balienota.
Artikel 10:
Bij gebrek aan betaling in der minne, wordt het niet betwiste gedeelte van de retributie ingevorderd overeenkomstig de bepalingen van art. 177 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017. Het betwiste gedeelte van de retributie wordt ingevorderd overeenkomstig de regels van de burgerlijke rechtspleging.
Artikel 11:
Overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 12:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking op de webtoepassing.
Het gemeenteraadsbesluit betreffende het vaststellen van de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting dient hernieuwd te worden.
De personenbelasting is een jaarlijkse belasting die de federale overheid heft op het inkomen van particulieren. De gemeente heft een aanvullende belasting op die federale personenbelasting. De aanvullende belasting wordt uitgedrukt in een percentage en vastgelegd per aanslagjaar. In het aanslagjaar wordt het inkomen, verworven in het voorgaande kalenderjaar, belast.
Het percentage van de aanvullende belasting - de zogenaamde aanslagvoet - moet door de gemeenteraad worden goedgekeurd. Dit moet gebeuren uiterlijk op 31 januari van het aanslagjaar. De tijdige beslissing omtrent deze aanvullende belasting komt de correcte financiële meerjarenplanning ten goede.
Het tarief van 7,5 % op de basisbelasting zal behouden blijven voor de periode 2026 tot en met 2028.
De ontvangsten en uitgaven van de gemeente moeten in evenwicht gehouden worden. Het hernieuwen van deze belasting is budgettair noodzakelijk.
De artikelen 41, 162 en 173 van de Grondwet.
De artikelen 464 tot en met 470/2 van het Wetboek van de inkomstenbelasting 1992.
De artikelen 40, 41, 286, 287, 288 en 326 tot en met 341 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
De omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit.
Het gemeenteraadsbesluit van 14 januari 2019 betreffende het vaststellen van een belastingvoet voor de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting - termijn 2019 tot en met 2025.
Artikel 1:
Er wordt voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2028 een aanvullende belasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die belastbaar zijn in de gemeente op 1 januari van het aanslagjaar.
Artikel 2:
De belasting wordt vastgesteld op zeven en een half (7,5) procent van het volgens artikel 466 van het Wetboek van inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar. Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.
Artikel 3:
De vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeuren door de administratie belast met de vestiging en de administratie belast met de inning en de invordering van de inkomstenbelastingen, overeenkomstig de artikelen 469-470bis van het Wetboek Inkomstenbelasting 1992.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Artikel 6:
Deze beslissing zal worden medegedeeld aan de Federale Overheidsdienst Financiën.
Het gemeenteraadsbesluit betreffende het goedkeuren van opcentiemen op de heffing van het Vlaamse Gewest ter bestrijding van leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten dient hernieuwd te worden.
Het Vlaamse Gewest staat in voor de heffing ter bestrijding van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten. De gemeenten zijn in de mogelijkheid om hierop opcentiemen te heffen.
De opcentiemen zijn reeds vele jaren vastgesteld op 50 en er was een algemene prijsstijging de voorbije jaren. Anderzijds kan langdurige leegstand van bedrijfsruimten aanleiding geven tot verloedering en een negatieve impact hebben op de directe omgeving en het straatbeeld. Dit moet voorkomen en bestreden worden.
Om deze redenen is het billijk de opcentiemen te verdubbelen.
De ontvangsten en uitgaven van de gemeente moeten in evenwicht gehouden worden. Het hernieuwen van deze belasting is budgettair noodzakelijk.
De artikelen 41, 162 en 173 van de Grondwet.
De artikelen 40, 41, 286, 287, 288 en 326 tot en met 341 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
De omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit.
De wet van 19 april 2014 tot wijziging van het wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, inzake de vestiging van aanvullende belastingen op gewestbelastingen.
De Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, inzonderheid titel 2, hoofdstuk 6 (en latere wijzigingen).
Het gemeenteraadsbesluit van 14 januari 2019 betreffende het goedkeuren van opcentiemen op de heffing van het Vlaamse Gewest ter bestrijding van leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten - termijn 2019 tot en met 2025.
Artikel 1:
Er worden overeenkomstig artikel 3.1.0.0.1, §2 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013 ten behoeve van de gemeente honderd (100) opcentiemen geheven op de heffing van het Vlaams Gewest ter bestrijding van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, vermeld in titel 2, hoofdstuk 6 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit voor een termijn beginnend op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2028.
Artikel 2:
De gemeente doet voor de inning van de in artikel 1 bedoelde opcentiemen voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2028 beroep op het Agentschap Vlaamse Belastingdienst.
Artikel 3:
Overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 4:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Het gemeenteraadsbesluit betreffende het goedkeuren van opcentiemen op de heffing van het Vlaamse Gewest op verwaarloosde en ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde woningen en gebouwen dient hernieuwd te worden.
Het Vlaams Gewest staat in voor de heffing op ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde woningen en gebouwen. Er bestaat er niet langer een gewestelijke heffing op verwaarloosde woningen en gebouwen. De gemeenten zijn bijgevolg enkel in de mogelijkheid om opcentiemen te heffen op de heffing van het Vlaams Gewest op ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde woningen en gebouwen.
De opcentiemen zijn reeds vele jaren vastgesteld op 50 en er was een algemene prijsstijging de voorbije jaren. Anderzijds kunnen ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde woningen en gebouwen aanleiding geven tot verloedering en een negatieve impact hebben op de directe omgeving en het straatbeeld. Dit moet voorkomen en bestreden worden.
Om deze redenen is het billijk de opcentiemen te verdubbelen.
De ontvangsten en uitgaven van de gemeente moeten in evenwicht gehouden worden. Het hernieuwen van deze belasting is budgettair noodzakelijk.
De artikelen 41, 162 en 173 van de Grondwet.
De artikelen 40, 41, 286, 287, 288 en 326 tot en met 341 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
De omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit.
De wet van 19 april 2014 tot wijziging van het wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, inzake de vestiging van aanvullende belastingen op gewestbelastingen.
De Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, inzonderheid titel 2, hoofdstuk 5 (en latere wijzigingen).
Het gemeenteraadsbesluit van 14 januari 2019 betreffende het goedkeuren van opcentiemen op de heffing van het Vlaamse Gewest op verwaarloosde en ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde woningen en gebouwen - termijn 2019 tot en met 2025.
Artikel 1:
Er worden overeenkomstig artikel 3.1.0.0.4, §2 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013 ten behoeve van de gemeente honderd (100) opcentiemen geheven op de heffing van het Vlaams Gewest op ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde woningen en gebouwen, vermeld in titel 2, hoofdstuk 5 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit voor een termijn beginnend op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2028.
Artikel 2:
De gemeente doet voor de inning van de in artikel 1 bedoelde opcentiemen voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2028 beroep op het Agentschap Vlaamse Belastingdienst.
Artikel 3:
Overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 4:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Het retributiereglement op het verlenen en het hernieuwen van concessies op de gemeentelijke begraafplaatsen, op afdekplaten van columbariumnissen en op naamplaatjes op de strooiweide dient hernieuwd te worden aangezien er een aanvullend tarief wordt voorzien. Bij een niet-geconcedeerde begraving kan na de wettelijk gegarandeerde grafrust van 10 jaar overgegaan worden tot een concessie waarbij het graf op dezelfde locatie behouden blijft. De termijn van de concessie (25 jaar) start vanaf de datum van overlijden en hiervoor betaalt men de geldende retributie voor een concessie volgens het reglement geldend op het moment van de aanvraag tot omzetting samen met een bijkomende dossierkost van 250 euro.
De modaliteiten voor het verlenen van concessies op alle gemeentelijke begraafplaatsen van Kruisem zijn uniform vastgelegd in het geldende algemeen reglement op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 17 november 2025.
De tarieven voor de grafconcessies werden in het retributiereglement van 12 mei 2025 verhoogd gezien de algemene prijsstijgingen in de voorbije jaren en het feit dat deze sedert 2019 niet meer werden verhoogd.
In dit retributiereglement worden de termijnen en de aanvangsdatum van de concessies niet meer vermeld omdat deze in het algemeen reglement op de begraafplaatsen en de lijkbezorging duidelijk zijn opgenomen. Mochten deze termijnen in het algemeen reglement op de begraafplaatsen worden aangepast, hoeft er geen nieuw retributiereglement te worden opgemaakt.
Het is aangewezen om het gemeenteraadsbesluit van 12 mei 2025 betreffende het vaststellen van een retributiereglement op het verlenen en hernieuwen van concessies op de gemeentelijke begraafplaatsen, op afdekplaten van columbariumnissen en op naamplaatjes op de strooiweide op te heffen vanaf 1 januari 2026.
De ontvangsten en uitgaven van de gemeente moeten in evenwicht gehouden worden. Het hernieuwen van deze retributie is budgettair noodzakelijk.
De artikelen 41 en 162 van de Grondwet.
De artikelen 40, 41,177, 286, 287, 288 en 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018 en latere wijzigingen.
Het decreet van 16 januari 2004 betreffende de begraafplaatsen en lijkbezorging en latere wijzigingen.
Het gemeenteraadsbesluit van 12 mei 2025 betreffende het vaststellen van een retributiereglement op het verlenen en hernieuwen van concessies op de gemeentelijke begraafplaatsen, op afdekplaten van columbariumnissen en op naamplaatjes op de strooiweide.
Het algemeen reglement op de begraafplaatsen en lijkbezorging van 17 november 2025.
Artikel 1:
Het gemeenteraadsbesluit van 12 mei 2025 betreffende het vaststellen van een retributiereglement op het verlenen en hernieuwen van concessies op de gemeentelijke begraafplaatsen, op afdekplaten van columbariumnissen en op naamplaatjes op de strooiweide wordt opgeheven vanaf 1 januari 2026.
Artikel 2:
Er wordt een retributie geheven op het verlenen en hernieuwen van concessies op de gemeentelijke begraafplaatsen, op afdekplaten van columbariumnissen en op naamplaatjes op de strooiweide beginnend op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2028.
Artikel 3:
Begravingen gebeuren conform de bepalingen zoals voorzien in het geldende algemeen reglement op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 17 november 2025.
Artikel 4:
Het bedrag van de retributie voor het verlenen van een concessie op de gemeentelijke begraafplaatsen wordt vastgesteld als volgt:
Artikel 5:
Het bedrag van de retributie voor het hernieuwen van concessies in volle grond, in een grafkelder, in een columbariumnis, in een urnengraf of in een urnenkelder op de gemeentelijke begraafplaatsen wordt vastgesteld op 20 euro per persoon en per jaar.
Artikel 6:
Het bedrag van de retributie voor de afdekplaat van een columbariumnis die door de gemeente wordt aangeleverd bedraagt 70 euro.
Het bedrag van de retributie voor de naamplaat op de strooiweide die door de gemeente wordt aangeleverd bedraagt 20 euro.
Artikel 7:
De administratieve kost verbonden aan de omzetting van een niet-geconcedeerd graf naar een concessiegraf bedraagt 250 euro.
Artikel 8:
De retributie is verschuldigd door de concessiehouder.
Artikel 9:
De retributie wordt betaald na voorlegging van de factuur door de gemeente.
Artikel 10:
Bij gebrek aan betaling in der minne, wordt het niet betwiste gedeelte van de retributie ingevorderd overeenkomstig de bepalingen van art. 177 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017. Het betwiste gedeelte van de retributie wordt ingevorderd overeenkomstig de regels van de burgerlijke rechtspleging.
Artikel 11:
Overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 12:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking op de webtoepassing.
Het behoort tot de bevoegdheid van de gemeenteraad om de plaatsingsprocedure en de voorwaarden van overheidsopdrachten vast te stellen tenzij het gaat over opdrachten die passen binnen het begrip ‘dagelijks bestuur’ of de raad de opdrachten nominatief heeft toevertrouwd aan het college van burgemeester en schepenen.
Het college van burgemeester en schepenen is bevoegd voor de vaststelling van de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden van overheidsopdrachten als de raad de overheidsopdracht nominatief heeft toevertrouwd aan het college van burgemeester en schepenen.
Het is voor de soepele werking van het bestuur wenselijk dat een aantal overheidsopdrachten inzake investeringen van beperkte omvang nominatief worden toevertrouwd aan het college van burgemeester en schepenen.
Op voorstel van het College van Burgemeester en Schepenen.
Na beraadslaging.
De artikelen 41, § 2,10°, art. 56, § 3, 6°, 269 en 285 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten.
Het KB van 18 april 2017 betreffende de plaatsing van overheidsopdrachten in de klassieke sectoren.
Het KB van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten.
Artikel 1:
Onderstaande overheidsopdrachten worden nominatief toevertrouwd aan het college van burgemeester en schepenen:
| 2025 | 2026 | |
| Herstellingswerken aan wegen (ACT-142): diverse plaatselijke herstellingen | 550.003 | 800.000 |
| Gemeentehuis Kruishoutem (ACT-163): oa up-to-date houden | 52.987 | 150.000 |
| Sporthal Kruishoutem (ACT-168): oa up-to-date houden gebouw (optimalisatie en herstelling) | 100.000 | |
| Cultuurcentrum De Griffel (ACT-185): up to date houden gebouw (optimalisatie en herstelling) | 40.000 | 50.000 |
| Gemeentelijke basisschool De Bosrank (ACT-188): o.a valdempende ondergrond, platte daken herstellen/vernieuwen, zonnepanelen | 89.399 | |
| Gemeentelijke basisschool De Weide Wereld (ACT-189): oa eindafrekening uitbreiding (2 klassen + afdak) | 100.000 | 200.000 |
| Gebouwen kunstonderwijs (ACT-190): oa studiekosten |
75.000 | |
| Gemeenschapszalen (ACT-192): oa up-to-date houden gebouwen (optimalisatie en herstelling) |
45.702 | 40.000 |
| Jeugdinfrastructuur (ACT-193): oa up-to-date houden gebouwen (optimalisatie en herstelling) / creatie open ruimte / berging |
80.000 | 50.000 |
| Jeugdheem Kruishoutem (ACT-197): oa up-to-date houden gebouwen (optimalisatie en herstelling) / oa dakrenovatie |
80.000 | |
| Rollend materieel (ACT-204): oa gefaseerd vervangen voertuigen |
227.945 | 50.000 |
| Materieel en machines (ACT-205): oa verkeersborden, signalisatie, diverse machines technische dienst |
220.000 | 175.000 |
| Opmaak van een duurzame ruimtelijke visie (ACT-246): oa beleidsplan ruimte |
250.000 | |
| Opmaak ruimtelijke uitvoeringsplannen (ACT-247): |
100.000 | 25.000 |
| Trage wegen (ACT-249): oa opmaak trage wegenplan en beleidskader |
44.082 | 45.000 |
| Tennissite Kerkakkers (ACT-256): oa omheining |
30.000 | |
| Energie besparen (ACT-261): oa energieaudits / oa strategisch vastgoedplan |
110.000 | |
| Voetbalsite Kruishoutem: (ACT-279): oa kosten archeologie + up-to-date houden (optimalisatie en herstelling) |
795.630 | 100.000 |
| Voetbalsite Zingem (ACT-280): oa up to date houden (optimalisatie en herstelling) / oa kunstgras, skate |
1.080.739 | 40.000 |
| Voetbalsite Lange Aststraat (ACT-281): oa up to date houden (optimalisatie en herstelling) | 40.000 | |
| Erfgoed kapellen (ACT-289): oa restauratie |
55.000 | |
| Uitvoering masterplan Kruishoutem centrum (ACT-290): oa ontwerpzone tussen sporthal en Kerkakkers |
50.000 | |
| Uitvoeren van voetpadenplan (ACT-294) |
75.000 | |
| Digitalisering (ACT-91): o.a informaticamaterieel |
83.700 | |
| Hardware, cybersecurity en informatieveiligheid (ACT-299): oa biometrie, stockbeheer, netwerkapparatuur, server, firewall, ... | 33.500 | |
| Gemeenschapszaal kerk Marolle (ACT-308): oa studiekost verbouwing | 100.000 | |
| Parking René Dhuyvetterstraat (ACT-310) | 100.000 |
Het college van burgemeester en schepenen is derhalve bevoegd om voor bovenstaande opdrachten:
Artikel 2:
Een afschrift van dit besluit zal ter kennisgeving worden overgemaakt aan de algemeen en de financieel directeur.
Artikel 3:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidies via een apart besluit dienen toegekend te worden.
De uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in een vereniging (VZW of feitelijke vereniging) nemen niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
De kredieten voor nominatieve subsidies worden opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft enkel verenigingen met een individuele subsidie tot 25.000 euro. Verenigingen met een hogere subsidie worden apart genotuleerd.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Nominatieve subsidies 2026 globaal besluit.pdf
Artikel 1:
De lijst in bijlage met nominatieve subsidies voor het jaar 2026 (kleiner dan 25.000 euro) wordt goedgekeurd en mag uitbetaald worden.
Artikel 2:
De desbetreffende verenigingen moeten aantonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor ze werd verstrekt. Als niet aan de voorwaarde is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde verenigingen moeten zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB verlaten burgemeester-voorzitter Joop Verzele en de raadsleden Mariska Nachtergaele en Anthony Coolsaet de vergadering voor de behandeling van dit punt. Het voorzitterschap wordt voor dit punt waargenomen door schepen Gerrit Depaepe.
De uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in de vereniging (VZW of feitelijke vereniging) nemen niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidie via een apart besluit dient toegekend te worden.
Er worden kredieten voor nominatieve subsidies opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft een vereniging met een individuele subsidie boven de 25.000 euro.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Artikel 1:
Er wordt een nominatieve subsidie jaar 2026 toegekend aan de organisator van de Gulden Eifeesten ten bedrage van 75.000 euro als bijdrage in de organisatiekosten van de Gulden Eifeesten.
Artikel 2:
De vereniging moet een verantwoording indienen om aan te tonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor ze werd verstrekt. Deze verantwoording wordt ondersteund met een kasverslag, jaarverslag of activiteitenverslag met financiële gegevens.
Indien de vereniging een boekhoudkundige verplichting en neerleggingsplicht heeft wordt dit ondersteund door de jaarrekening.
Indien de vereniging voor dezelfde werking of activiteit een andere overheidssubsidie ontvangt, bezorgt de vereniging een verklaring op erewoord met vermelding van de subsidie-verlenende instantie en het bedrag ervan.
Als niet aan de voorwaarden is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde vereniging moet zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB verlaat schepen Robrecht Bothuyne de vergadering voor de behandeling van dit punt.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB nemen de uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in de vereniging (VZW of feitelijke vereniging) niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidie via een apart besluit dient toegekend te worden.
Er worden kredieten voor nominatieve subsidies opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft een vereniging met een individuele subsidie boven de 25.000 euro.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Artikel 1:
Er wordt een nominatieve subsidie jaar 2026 toegekend aan Nokere Sport ten bedrage van 100.000 euro als bijdrage in de organisatiekosten van Danilith Nokere Koerse en randactiviteiten.
Artikel 2:
De vereniging moet een verantwoording indienen om aan te tonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor ze werd verstrekt. Deze verantwoording wordt ondersteund met een kasverslag, jaarverslag of activiteitenverslag met financiële gegevens.
Indien de vereniging een boekhoudkundige verplichting en neerleggingsplicht heeft wordt dit ondersteund door de jaarrekening.
Indien de vereniging voor dezelfde werking of activiteit een andere overheidssubsidie ontvangt, bezorgt de vereniging een verklaring op erewoord met vermelding van de subsidie-verlenende instantie en het bedrag ervan.
Als niet aan de voorwaarden is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde vereniging moet zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB verlaat schepen Kristof Callens de vergadering voor de behandeling van dit punt.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB nemen de uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in de vereniging (VZW of feitelijke vereniging) niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidie via een apart besluit dient toegekend te worden.
Er worden kredieten voor nominatieve subsidies opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft een vereniging met een individuele subsidie boven de 25.000 euro.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Artikel 1:
Er wordt een nominatieve subsidie jaar 2026 toegekend aan L'Equino ten bedrage van 50.000 euro als bijdrage in de organisatiekosten van een paardensportevenement en randactiviteiten.
Artikel 2:
De vereniging moet een verantwoording indienen om aan te tonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor
ze werd verstrekt. Deze verantwoording wordt ondersteund met een kasverslag, jaarverslag of activiteitenverslag met financiële gegevens.
Indien de vereniging een boekhoudkundige verplichting en neerleggingsplicht heeft wordt dit ondersteund door de jaarrekening.
Indien de vereniging voor dezelfde werking of activiteit een andere overheidssubsidie ontvangt, bezorgt de vereniging een verklaring op erewoord met vermelding van de subsidie-verlenende instantie en het bedrag ervan.
Als niet aan de voorwaarden is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde vereniging moet zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB verlaat schepen Chris Vander Meeren de vergadering voor de behandeling van dit punt.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB nemen de uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in de vereniging (VZW of feitelijke vereniging) niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidie via een apart besluit dient toegekend te worden.
Er worden kredieten voor nominatieve subsidies opgenomen in het meerjarenplan 2026 - 2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft een vereniging met een individuele subsidie onder de 25.000 euro.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Artikel 1:
Er wordt een nominatieve subsidie jaar 2026 toegekend aan de Confrérie van het Heilige Kruis ten bedrage van 250 euro als bijdrage in de algemene werkingskosten.
Artikel 2:
De vereniging moet aantonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor ze werd verstrekt. Als niet aan de voorwaarde is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde vereniging moet zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB verlaat schepen Gerrit Depaepe de vergadering voor de behandeling van dit punt.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB nemen de uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in de vereniging (VZW of feitelijke vereniging) niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidie via een apart besluit dient toegekend te worden.
Er worden kredieten voor nominatieve subsidies opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft een vereniging met een individuele subsidie onder de 25.000 euro.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Artikel 1:
Er wordt een nominatieve subsidie jaar 2026 toegekend aan de Zingemse Wielervrienden ten bedrage van 5.000 euro als bijdrage in de organisatiekosten van de Meerskantfeesten.
Artikel 2:
De vereniging moet aantonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor ze werd verstrekt. Als niet aan de voorwaarde is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde vereniging moet zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB verlaat schepen Gerrit Depaepe de vergadering voor de behandeling van dit punt.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB nemen de uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in de vereniging (VZW of feitelijke vereniging) niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidie via een apart besluit dient toegekend te worden.
Er worden kredieten voor nominatieve subsidies opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft een vereniging met een individuele subsidie onder de 25.000 euro.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Artikel 1:
Er wordt een nominatieve subsidie jaar 2026 toegekend aan Drijkeuningen Zingem ten bedrage van 5.000 euro als bijdrage in de organisatiekosten van het Drijkeuningenfeest.
Artikel 2:
De vereniging moet aantonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor ze werd verstrekt. Als niet aan de voorwaarde is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde vereniging moet zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB verlaat schepen Kristof Callens de vergadering voor de behandeling van dit punt.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB nemen de uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in de vereniging (VZW of feitelijke vereniging) niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidie via een apart besluit dient toegekend te worden.
Er worden kredieten voor nominatieve subsidies opgenomen in het meerjarenplan 2026 - 2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft een vereniging met een individuele subsidie onder de 25.000 euro.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Artikel 1:
Er wordt een nominatieve subsidie jaar 2026 toegekend aan Kerstcomité Nokere ten bedrage van 3.000 euro als bijdrage in de kosten van aankoop kerstverlichting, versiering dorp en organisatie van optreden.
Artikel 2:
De vereniging moet aantonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor ze werd verstrekt. Als niet aan de voorwaarde is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde vereniging moet zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB verlaat schepen Gerrit Depaepe de vergadering voor de behandeling van dit punt.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB nemen de uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in de vereniging (VZW of feitelijke vereniging) niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidie via een apart besluit dient toegekend te worden.
Er worden kredieten voor nominatieve subsidies opgenomen in het meerjarenplan 2026 - 2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft een vereniging met een individuele subsidie onder de 25.000 euro.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Artikel 1:
Er wordt een nominatieve subsidie jaar 2026 toegekend aan Koninklijke harmonie Sint-Cecilia Zingem ten bedrage van 4.500 euro als bijdrage voor het opluisteren van gemeentelijke kermissen en plechtigheden.
Artikel 2:
De vereniging moet aantonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor ze werd verstrekt. Als niet aan de voorwaarde is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde vereniging moet zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB verlaat raadslid Luc Vandenabeele de vergadering voor de behandeling van dit punt.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB nemen de uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in de vereniging (VZW of feitelijke vereniging) niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidie via een apart besluit dient toegekend te worden.
Er worden kredieten voor nominatieve subsidies opgenomen in het meerjarenplan 2026 - 2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft een vereniging met een individuele subsidie onder de 25.000 euro.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Artikel 1:
Er wordt een nominatieve subsidie jaar 2026 toegekend aan Verbroedering De Biest ten bedrage van 1.500 euro als bijdrage in de organisatiekosten van de Biestfeesten.
Artikel 2:
De vereniging moet aantonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor ze werd verstrekt. Als niet aan de voorwaarde is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde vereniging moet zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB verlaat raadslid Leentje De Baere de vergadering voor de behandeling van dit punt.
In toepassing van artikel 27§1 1e van het DLB nemen de uitvoerende mandatarissen die een bestuursfunctie opnemen in de vereniging (VZW of feitelijke vereniging) niet deel aan de beraadslagingen en de stemming omtrent de nominatieve subsidie van de desbetreffende vereniging.
In het decreet lokaal bestuur is een meerjarenplan voorzien maar geen budget met nominatieve subsidielijst waardoor de nominatieve subsidie via een apart besluit dient toegekend te worden.
Er worden kredieten voor nominatieve subsidies opgenomen in het meerjarenplan 2026 - 2031.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie van de gemeente Kruisem werden vooraf getoetst of zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd in de algemene regeling en procedure voor het toekennen van nominatieve subsidies.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn ingelicht over de procedure die zij moeten volgen om uitbetaling van hun subsidie te bekomen.
De verenigingen die in aanmerking komen voor het toekennen van een subsidie zijn op de hoogte gebracht omtrent de verantwoording die zij moeten voorleggen betreffende de aanwending van de bekomen subsidie.
De gesubsidieerde verenigingen zijn erop gewezen om zich te engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
De verenigingen waaraan een nominatieve subsidie wordt toegekend hebben ook effectief een aanvraagdossier ingediend dat de basis vormt van de nominatieve subsidie.
Voor verenigingen met een individuele subsidie onder de 1.240 euro, tussen de 1.240 euro en 5.000 euro en boven de 5.000 euro wordt een verschillende verantwoording voorzien in het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025.
Dit besluit betreft een vereniging met een individuele subsidie onder de 25.000 euro.
Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 tweede lid 23e inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikelen 286, 287 en 288 inzake bekendmaking en inwerkingtreding, en de artikelen 326 tot en met 341 inzake administratief toezicht.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, in het bijzonder art. 1, 2 en 3.
Het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 betreffende de algemene regeling en procedure voor toekennen nominatieve subsidies.
Artikel 1:
Er wordt een nominatieve subsidie jaar 2026 toegekend aan Samana Kruishoutem ten bedrage van 250 euro als bijdrage in de algemene werkingskosten.
Artikel 2:
De vereniging moet aantonen dat de subsidie enkel gebruikt is voor het doel waarvoor ze werd verstrekt. Als niet aan de voorwaarde is voldaan kan de nominatieve subsidie (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
Artikel 3:
De gesubsidieerde vereniging moet zich engageren om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 4:
Overeenkomstig de artikelen 285 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Het retributiereglement voor het gebruik van elektrische laadpalen, eigendom van de gemeente Kruisem dient hernieuwd te worden.
Om de Europese en Vlaamse klimaatdoelstellingen te halen, moet er efficiënter en duurzamer met energie worden omgegaan. Elektrisch rijden past in dat verhaal, want daarmee kan de CO²-uitstoot gevoelig beperkt worden.
Elektrische voertuigen worden aangedreven door een elektromotor, die gebruik maakt van elektriciteit die wordt opgeslagen in accu's. Die accu moet regelmatig opgeladen worden. Om elektrisch rijden aan te moedigen, zijn er voldoende laadpunten nodig. De laadpalen die eigendom zijn van de gemeente Kruisem, worden ter beschikking gesteld aan inwoners of bezoekers van de gemeente Kruisem, om hen in de mogelijkheid te stellen, tijdens het parkeren, hun elektrische voertuigen op te laden. Het is noodzakelijk om een tarief op te stellen voor het ter beschikking stellen van de laadpalen, rekening houdend met alle kosten voor het plaatsen en onderhouden van de laadpalen, alsook de elektriciteit die per beurt betaald wordt.
Er staan momenteel 2 publieke laadpalen op het grondgebied Kruisem, waar de gemeente eigenaar van is: een AC lader aan het administratief centrum in Zingem en een DC lader (snellader) aan de loods in Zingem.
De laadpalen werden door Powerland geplaatst en momenteel is Powerland onze laadpuntbeheerder. Bijgevolg ontvangt Powerland de inkomsten via de diverse laadpassen en stelt een platform ter beschikking voor het beheer van de palen. De gemeente ontvangt via Powerland de inkomsten voor de geleverde stroom volgens de door de gemeente ingestelde tarieven.
De prijszetting is gebaseerd op de gemiddelde residentiële stroomprijs in Vlaanderen van de voorgaande maand. Deze is terug te vinden in de boordtabel van CREG. Daarnaast rekent de laadpuntbeheerder kosten aan voor het uitvoeren van de financiële transacties en het ter beschikking stellen van het platform aan de eindgebruiker.
De prijs voor de eindgebruiker van de AC lader (11kW) aan het administratief centrum in Zingem bestaat uit de volgende componenten:
De prijs voor de eindgebruiker van de DC lader (50kW) aan de loods in Zingem bestaat uit de volgende componenten:
De voorgestelde prijzen zijn billijk en in verhouding tot de dienstverlening.
Sedert het vorige retributiereglement van 10 juni 2024 werden geen laadpalen bij geplaatst in de gemeente Kruisem. De tarieven zijn niet gewijzigd.
De ontvangsten en uitgaven van de gemeente moeten in evenwicht gehouden worden. Het is budgettair noodzakelijk het retributiereglement voor het gebruik van elektrische laadpalen, eigendom van de gemeente Kruisem te hernieuwen.
De artikelen 41 en 162 van de Grondwet.
De artikelen 40, 41, 177, 286, 287, 288 en 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018 en latere wijzigingen.
Het besluit van het College van Burgemeester en Schepenen van 25 april 2022 waarbij het leveren en plaatsen van de laadpalen op diverse plaatsen wordt gegund aan Powerland.
Het retributiereglement van 10 juni 2024 voor het gebruik van elektrische laadpalen, eigendom van de gemeente Kruisem.
Artikel 1:
Er wordt een retributie geheven op het gebruik van elektrische laadpalen, eigendom van de gemeente Kruisem, beginnend op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2028.
Artikel 2:
Er staan momenteel 2 publieke laadpalen, die eigendom zijn van de gemeente, op het grondgebied Kruisem: een AC lader aan het administratief centrum in Zingem en een DC lader (snellader) aan de loods in Zingem.
Artikel 3:
De prijs van de AC lader (11kW) voor de laadpuntbeheerder aan het administratief centrum in Zingem wordt maandelijks aangepast en bestaat uit de volgende componenten:
Artikel 4:
De prijs van de DC lader (50kW) voor de laadpuntbeheerder aan de loods in Zingem bestaat uit een vergoeding voor de geleverde stroom per kWh, vastgesteld op de gemiddelde residentiële stroomprijs in Vlaanderen van de voorgaande maand, verhoogd met een factor 2,3 aangezien de investering voor een snellader veel hoger is.
Artikel 5:
De retributie is verschuldigd door de laadpuntbeheerder van de laadpalen.
Artikel 6:
Bij gebrek aan betaling in der minne, wordt het niet betwiste gedeelte van de retributie ingevorderd overeenkomstig de bepalingen van art. 177 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017. Het betwiste gedeelte van de retributie wordt ingevorderd overeenkomstig de regels van de burgerlijke rechtspleging.
Artikel 7:
Overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 8:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking op de webtoepassing.
Het retributiereglement voor het gebruik van de etalageruimte in hoekpand Moderna dient hernieuwd te worden.
Het pand 'Moderna' is centraal gelegen, tegenover het gemeentehuis en de kerk van Kruishoutem.
Gezien de strategische ligging van het pand is de invulling en uitstraling ervan cruciaal voor de aantrekkelijkheid van de kern van Kruishoutem.
Solva kocht het pand aan met oog op de herontwikkeling. Aangezien de omgevingsvergunning nog uitblijft en om te vermijden dat het pand nog langer leeg zou staan, wil de gemeente naast het promoten van het lokale ondernemerschap ook inzetten op de tijdelijke invulling van het leegstaande pand. Door de tijdelijke invulling wordt het straatbeeld verfraaid en verbetert de uitstraling van dit centraal gelegen pand. Dit kan ook eigenaren van andere leegstaande panden inspireren.
De etalages van het pand lenen zeer goed tot tijdelijke invulling door handelaars aangezien er 6 ruime etalages zijn die doorlopen tot aan de grond.
Door de leegstaande etalages beschikbaar te stellen aan lokale handelaars, geven we hen de mogelijkheid om hun producten en diensten op een zichtbare en aantrekkelijke manier aan te bieden.
Er zal gewerkt worden met een systeem van rotatie van handelaars die in de kijker worden gezet waardoor consumenten regelmatig nieuwe zaken kunnen ontdekken.
Consumenten worden gestimuleerd om lokaal te kopen, zowel fysiek als online. Dankzij het systeem van de QR-codes wordt de link tussen het fysieke winkelen en online gemakkelijk gelegd.
Deze werkwijze verliep tot op heden vlot waardoor ze niet gewijzigd wordt. Het huidige tarief blijft ook identiek.
De ontvangsten en uitgaven van de gemeente moeten in evenwicht gehouden worden. Het is budgettair noodzakelijk het retributiereglement voor het verhuren van etalageruimte in hoekpand Moderna te hernieuwen.
De artikelen 41 en 162 van de Grondwet.
De artikelen 40, 41, 177, 286, 287, 288 en 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018 en latere wijzigingen.
Het gemeenteraadsbesluit van 13 mei 2024 houdende goedkeuring van het gebruikersreglement van etalageruimte in hoekpand Moderna.
Het retributiereglement van 13 mei 2024 voor het gebruik van de etalageruimte in hoekpand Moderna.
Artikel 1:
Er wordt een retributie geheven op het gebruik van de etalageruimten gelegen in het hoekpand Moderna, Waregemsesteenweg 2, 9770 Kruisem, voor een termijn beginnend op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2028.
Artikel 2:
Het bedrag van de retributie voor het gebruik van de etalageruimten gelegen in het hoekpand Moderna bedraagt 20 euro per etalage per maand.
Artikel 3:
De retributie is verschuldigd door de gebruiker van de etalageruimte van het hoekpand Moderna, zoals omschreven in artikel 2 van het gebruikersreglement van 13 mei 2024.
Artikel 4:
De retributie wordt betaald na voorlegging van de factuur door de gemeente.
Artikel 5:
Bij gebrek aan betaling in der minne, wordt het niet betwiste gedeelte van de retributie ingevorderd overeenkomstig de bepalingen van art. 177 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017. Het betwiste gedeelte van de retributie wordt ingevorderd overeenkomstig de regels van de burgerlijke rechtspleging.
Artikel 6:
Overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur zal deze beslissing worden afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 7:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking op de webtoepassing.
Overeenkomstig artikel 40 WGP stemt elke gemeenteraad in de meergemeentezone de dotatie die aan het lokaal politiekorps moet worden toegekend en die aan de politiezone wordt gestort.
Onder de deelnemende gemeenten in de politiezone Kluisbergen/Kruisem/Oudenaarde/Wortegem-Petegem/ Brakel/ Horebeke/Maarkedal/Zwalm werd een akkoord gesloten waarbij het netto-tekort van de uitgaven min de ontvangsten voor 2025 en 2026 worden verdeeld onder alle gemeenten volgens de hieronder bepaalde verdeelsleutel :
Brakel 16,91%
Horebeke 2,38%
Maarkedal 7,06%
Zwalm 8,22%
Kluisbergen 6,50%
Kruisem 13,14%
Oudenaarde 41,05%
Wortegem-Petegem 4,75%.
Vanaf 2027 tot 2036 wordt stelselmatig overgeschakeld naar een verdeelsleutel die voor 35% gebaseerd is op het aantal inwoners en voor 65% op de 7 basisfunctionaliteiten die de politiewerking inhoudt.
In het kader van de optimalisatie van de financiering van de politiezone werd op het vlak van de buitengewone dienst eveneens besloten om het tekort of de bijdragen van de gemeenten in de gewone dienst te ontlasten door de buitengewone dienst apart van de gewone bijdrage te gaan financieren door middel van een investeringstoelage die wordt vastgesteld op grond van dezelfde verdeelsleutel.
Ten gevolge van de overeengekomen verdeelsleutel wordt de gemeentelijke werkingstoelage voor 2026 voor Kruisem bepaald op 1.570.340,67 euro. De gemeentelijke investeringstoelage voor Kruisem wordt bepaald op 206.241,02 euro.
De gemeentelijke werkings- en investeringstoelage 2026 aan de politiezone wordt ingeschreven in de uitgaven van het meerjarenplan 2026-2031/boekjaar 2026.
De artikelen 34 en 40 van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op 2 niveaus.
Artikel 239 van de nieuwe gemeentewet.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 16 november 2001 houdende de nadere regels inzake de berekening en de verdeling van de gemeentelijke dotaties in de schoot van een meergemeente politiezone.
Het koninklijk besluit van 22 februari 2024 tot wijziging van het Koninklijk Besluit van 28 april 2000 houdende de indeling van het grondgebied van de provincie Oost-Vlaanderen in politiezones.
Het koninklijk besluit van 10 december 2024 tot instelling van de lokale politie van de politiezone Kluisbergen/Kruisem/Oudenaarde/Wortegem-Petegem/Brakel/Horebeke/Maarkedal/Zwalm (PZ Vlaamse Ardennen) op 1 januari 2025.
De ministeriële omzendbrief van 31 maart 2010 met betrekking tot schaalvergroting van de politiezone.
De verdeelsleutel van de gemeentelijke dotaties (eerste 2 jaar fusiezone en verdeelsleutel 30-65) zoals ook goedgekeurd door de politieraad in zitting van 5 juli 2024.
Het ontwerp van de begroting 2026 voor de politiezone Vlaamse Ardennen zoals dit voor goedkeuring wordt voorgelegd aan de politieraad in zitting van 9 december 2025.
Het ontwerp van de begroting 2025 voor de politiezone Kluisbergen/Kruisem/Oudenaarde/Wortegem-Petegem/ Brakel/ Horebeke/Maarkedal/Zwalm, welke ter goedkeuring voorgelegd wordt aan de politieraad van de politiezone Kluisbergen/Kruisem/Oudenaarde/Wortegem-Petegem/ Brakel/ Horebeke/Maarkedal/Zwalm in zitting van 25 september 2024.
Het verslag van de begrotingscommissie van 18 november 2025 betreffende het ontwerp van politiebegroting 2026.
Artikel 1:
De gemeentelijke werkingsdotatie aan de politiezone Vlaamse Ardennen voor het dienstjaar 2026 ten laste van de gemeente Kruisem wordt vastgesteld op 1.570.340,67 EUR.
De noodzakelijke kredieten worden ingeschreven in de uitgaven van het meerjarenplan 2026-2031 voor het boekjaar 2026.
Artikel 2:
De gemeentelijke investeringsdotatie aan de politiezone Vlaamse Ardennen voor het dienstjaar 2026 ten laste van de gemeente Kruisem wordt vastgesteld op 206.241,02 EUR.
De noodzakelijke kredieten worden ingeschreven in de uitgaven van het meerjarenplan 2026-2031 voor het boekjaar 2026.
Artikel 3:
Een afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de minister van Binnenlandse Zaken, de heer Gouverneur van de Provincie Oost-Vlaanderen, de korpschef van de politiezone Vlaamse Ardennen, de bijzonder rekenplichtige van de politiezone Vlaamse Ardennen en de plaatselijke financieel directeur.
Artikel 4 :
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Het tekort op de begroting van de hulpverleningszone Vlaamse Ardennen dient gedragen te worden door de steden en gemeenten die deel uitmaken van de hulpverleningszone.
De zoneraad heeft een verdeelsleutel vastgesteld voor de gemeentelijke dotaties op grond van de volgende parameters :
- inwonersaantal : 60 %
- gebouwd KI + outillage KI : 30 %
- ongebouwd KI : 5 %
- financiële draagkracht gemeten door gemiddeld inkomen per aangifte : 5 %.
De gemeenteraden van de zone dienen hun akkoord te geven over de verdeelsleutel van de gemeentelijke dotaties en dienen het bedrag van de gemeentelijke dotaties in te schrijven in de gemeentebudgetten.
De verdeelsleutel voor de gemeentelijke dotatie aan de hulpverleningszone ten laste van de gemeente Kruisem wordt voor het dienstjaar 2026 vastgesteld op 9,4729 %.
Ten gevolge van de overeengekomen verdeelsleutel werd de gemeentelijke werkingstoelage te betalen door de gemeente Kruisem bepaald op 670.601 EUR.
De gemeentelijke werkingstoelage 2025 aan de hulpverleningszone wordt ingeschreven in de uitgaven van het meerjarenplan 2026-2031 / boekjaar 2026.
Ten gevolge van de overeengekomen verdeelsleutel wordt de gemeentelijke investeringstoelage te betalen door de gemeente Kruisem bepaald op 362.562 EUR.
De gemeentelijke investeringstoelage 2025 aan de hulpverleningszone wordt ingeschreven in de uitgaven van het meerjarenplan 2026-2031 / boekjaar 2026.
De wet van 31 december 1963 betreffende de Civiele Bescherming en alle latere wijzigingen.
De aanvullende overeenkomst tussen alle gemeenten binnen de prezone Vlaamse Ardennen van 25 februari 2003 en gewijzigd op 16 oktober 2007.
De wet van 15 mei 2007 betreffende de Civiele Veiligheid en alle latere wijzigingen, in het bijzonder de artikelen 67 en 68.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Het KB van 2 februari 2009 tot vaststelling van de territoriale afbakening van de hulpverleningszones.
Het KB van 4 april 2014 inzake de vaststelling, berekening en betaling van de federale basisdotatie voor de hulpverleningszones.
Het KB van 19 april 2014 tot bepaling van de verdeelsleutel van de bijkomende federale dotatie aan de prezones en aan de hulpverleningszones.
De ministeriële omzendbrief van 14 augustus 2014 betreffende de gemeentelijke dotaties aan de hulpverleningszones – criteria.
Artikel 1
De gemeentelijke werkingsdotatie aan de Hulpverleningszone Vlaamse Ardennen voor het dienstjaar 2026 ten laste van de gemeente Kruisem wordt vastgesteld op 670.601 EUR.
De noodzakelijke kredieten worden ingeschreven in de uitgaven van het meerjarenplan 2026-2031 voor het boekjaar 2026.
Artikel 2:
De gemeentelijke investeringsdotatie aan de hulpverleningszone Vlaamse Ardennen voor het dienstjaar 2026 ten laste van de gemeente Kruisem wordt vastgesteld op 362.562 EUR
De noodzakelijke kredieten worden ingeschreven in de uitgaven van het meerjarenplan 2026-2031 voor het boekjaar 2026.
Artikel 3 :
Een afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de minister van Binnenlandse Zaken, de heer Gouverneur van de Provincie Oost-Vlaanderen, de voorzitter van de hulpverleningszone Vlaamse Ardennen, de bijzonder rekenplichtige van de hulpverleningszone Vlaamse Ardennen en de plaatselijke financieel directeur.
Artikel 4 :
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Om te voldoen aan de welzijnswetgeving van onze arbeidsplaatsen dient er een nieuwe gemeenteloods te worden gebouwd.
Het creëert de unieke kans om de afdeling Infra op één locatie samen te brengen op de site in de Melkerijstraat (voor het containerpark) in eigendom van het gemeentebestuur.
De bouw van een nieuwe loods met burelen, magazijnen en ateliers biedt belangrijke efficiëntiewinsten in het voorraadbeheer en de interne samenwerking van de afdeling INFRA.
De site heeft een centrale ligging met een goede ontsluiting via aanpalende gewestwegen en het bouwbudget is gevrijwaard van grondverwerving.
Er is een Ruimtelijk UitvoeringsPlan (RUP) voor handen, waarbinnen de krijtlijnen vastgelegd zijn om de nieuwbouw te kunnen realiseren.
In het lopende meerjarenplan 2000-2025 werd het voortraject voor de bouw van een nieuwe loods als actie opgenomen.
In het nieuwe meerjarenplan 2026-2031 werd de uitvoering als actie opgenomen en werd het hiervoor een investeringskrediet van 4.650.000,00 EUR (incl. BTW) ingeschreven.
In overleg met het schepencollege werd een behoefteninventaris opgemaakt, voorafgegaan door een medewerkersbevraging.
De keuze werd geopperd om via een Design en Build (& Maintain)-formule te werken voor de bouw van een nieuwe gemeenteloods (DB&M).
Omdat DB(M) verdienmodellen zijn, staat kostenefficiënt bouwen voorop om de bindende offerteprijs van ontwerp en realisatie te respecteren.
Dit wil meteen zeggen dat er ook sneller dient gebouwd te worden om die kostenefficiëntie te waarborgen.
Dit kan doordat architect en aannemer in 1 bouwteam werken en beproefde bouwmethodieken (bv. prefab, beton- en metaalskeletbouw…) en gebruik van eigen fabricaten, gangbaar zijn.
Ook andere faalkosten kunnen meer vermeden worden (bv. aannemers die met elkaar moeten communiceren om aansluitende of overlappende werken uit te voeren, respect voor uitvoeringstermijnen, bewaking van de kostprijs in overeenstemming met de ingediende offerte...)
De Maintain-optie van de DB(M)-formule legt enkel de focus op het onderhoud van de speciale technieken.
Elke inschrijver dient verplicht een Maintain voorstel toe te voegen aan zijn offerte.
Het bestuur kan autonoom beslissen of zij deze verplichte optie inzake de Maintain-optie al dan niet zal gunnen.
Rasschaert Advocaten BV werd in een onderhandelingsprocedure op 22/09/2025 door het schepencollege aangesteld als dienstverlenende partner om dit dossier juridisch en technisch mee te begeleiden.
Daarnaast werden er eind 2025 verkennende bodemonderzoeken uitgevoerd en een opmetingsplan opgemaakt.
Voor het verdere verloop van de aanbesteding wordt voorgesteld om via een 2-trapsprocedure te werken, waarbij via een selectieleidraad een voorselectie wordt gemaakt van het bouwteam waarmee we verder onderhandelen, vooraleer we gaan toewijzen.
Er wordt voorgesteld de voornoemde opdracht te gunnen bij wijze van de mededingingsprocedure met onderhandeling.
De wetgeving laat zulks toe op grond van artikel 38, §1, 1°, b) van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten omdat de uit te voeren werken tevens ontwerp- of innovatieve oplossingen bevatten.
Daarenboven geldt dat de opdracht niet gegund kan worden zonder voorafgaandelijke onderhandelingen wegens specifieke omstandigheden die verband houden met de aard, de complexiteit of de juridische en financiële voorwaarden of wegens de daaraan verbonden risico’s (op grond van artikel 38, §1, 1° c) van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten).
Deze procedure voorziet in een selectiefase, een offertefase en een onderhandelingsfase.
Selectiefase:
De selectiefase is het eerste deel van de procedure waarin de bouwheer nagaat welke kandidaten in aanmerking komen op basis van hun ervaring, technische bekwaamheid en financiële draagkracht en waaruit een doorselectie wordt gemaakt op basis van prijs/kwaliteit van de beste 3 kandidaten (uitzonderlijk zullen er 4 kandidaten geselecteerd worden bij een ex aequo op plaats 3).
Offertefase:
De drie geselecteerde kandidaten kunnen een offerte indienen.
De offertes worden beoordeeld aan de hand van een aantal vooropgestelde gunningscriteria.
Onderhandelingsfase:
Op basis van deze beoordeling en bijhorende rangschikking wordt één of meerdere inschrijvers uitgenodigd voor de onderhandelingen.
Op basis van de best and final offers na de onderhandelingen wordt de opdracht toegewezen aan één inschrijver.
Vergoeding:
Voor de deelname aan de selectiefase wordt er geen vergoeding voorzien voor de kandidaten.
Elke inschrijver die wordt geselecteerd en een definitieve regelmatige offerte indient in de offertefase, maar de opdracht niet bekomt, zal een vergoeding ontvangen ten bedrage van 7.500,00 EUR.
Op deze vergoeding is geen BTW van toepassing (de opmaak van een offerte betreft een handeling buiten de BTW-sfeer, er is geen tegenprestatie van een goederenlevering of dienstprestatie).
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikelen 36 en 38 (§1, 1°, b en c).
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
Het besluit van de gemeenteraad van 15 december 2025 met de goedkeuring van het meerjarenplan 2026-2031.
Artikel 1:
De selectieleidraad voor de opdracht “Bouw nieuwe gemeenteloods binnen een Design Build (Maintain)-formule”, opgesteld door Rasschaert Advocaten BV i.s.m de afdeling INFRA wordt goedgekeurd.
Artikel 2:
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de mededingingsprocedure met onderhandeling.
Artikel 3:
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.
Artikel 4:
De offertevergoedingen die wordt voorzien voor de geselecteerde kandidaten (in principe 2) niet gekozen inschrijvers die een definitieve offerte indienden, zal gebeuren met het krediet ingeschreven in het investeringsbudget, op budgetcode 0200-02/2210007/BESTUUR/CBS/0/IP-NP (ACT-166).
De gemeente Kruisem kan zich laten vertegenwoordigen op iedere gewone en buitengewone algemene vergadering van de instellingen, vennootschappen, verenigingen zonder winstoogmerk, andere samenwerkingsverbanden en overlegorganen, waarvan zij deel uitmaakt.
Er dient overgegaan te worden tot het aanduiden van één of meerdere vertegenwoordigers welke dienen gemachtigd te zijn om, namens de gemeente, alle akten en bescheiden met betrekking tot voormelde gewone en buitengewone algemene vergaderingen te onderschrijven. Het is wenselijk om, in geval van verhindering of belet van de aangeduide vertegenwoordiger, ook een plaatsvervanger aan te duiden.
De gemeente Kruisem is voor één of meerdere activiteiten aangesloten bij de opdrachthoudende vereniging Fluvius West, met zetel te 8500 Kortrijk, President Kennedypark 12.
De gemeenteraad heeft in zitting van 10 februari 2025 de schepenen Robrecht Bothuyne en Kristof Callens aangeduid als respectievelijk vertegenwoordiger en plaatsvervangend vertegenwoordiger van de gemeente Kruisem in de algemene vergadering van Fluvius West
Bij E-post dd. 28 november 2025 heeft vennootschapssecretariaat van Fluvius laten weten dat de kandidatuur van schepen Robrecht Bothuyne als vertegenwoordiger in de algemene vergadering van Fluvius West niet kan aanvaard worden wegens onverenigbaarheid.
Schepen Robrecht Bothuyne zetelt in het Vlaams Parlement en dit is cfr. artikel 24 punt 1 en artikel 12 punt 4 van de statuten van Fluvius onverenigbaar.
Bijgevolg is het noodzakelijk om de aanstelling van schepen Robrecht Bothuyne als vertegenwoordiger in de algemene vergadering van Fluvius West in te trekken en een nieuwe vertegenwoordiger in de algemene vergadering aan te duiden.
Volgende kandidatuur wordt ingediend als vertegenwoordiger in de algemene vergadering van Fluvius West: Kristof Callens - schepen.
Volgende kandidatuur wordt ingediend als plaatsvervangend vertegenwoordiger in de algemene vergadering van Fluvius West: Frederik Spileers - gemeenteraadslid.
De artikelen 41 en 162 van de Grondwet.
De artikelen 34, 35, 40, 41, 326 tot en met 341 en 432 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
De statuten van Fluvius West, in het bijzonder art. 24 punt 1 en art. 12 punt 4
Gelet op de geheime stemming:
met 24 ja-stemmen, 0 neen-stemmen en 0 onthoudingen.
met éénparigheid van stemmen.
Artikel 1:
Het gemeenteraadsbesluit van 10 februari 2025 betreffende de aanstelling van dhr. Robrecht Bothuyne, schepen als effectief vertegenwoordiger en dhr. Kristof Callens, schepen als plaatsvervangend vertegenwoordiger op de (buitengewone) algemene vergaderingen van de opdrachthoudende vereniging Fluvius West wordt ingetrokken.
Artikel 2:
De heer Kristof Callens, schepen, Waregemsestraat 92 te 9770 Kruisem wordt aangeduid als vertegenwoordiger en de heer Frederik Spileers, gemeenteraadslid, Driesstraat 52 te 9750 Kruisem wordt aangeduid als plaatsvervangend vertegenwoordiger van de gemeente Kruisem in de algemene vergadering van Fluvius West.
Artikel 3:
Deze vertegenwoordigingen worden aangeduid voor de duur van de legislatuur 2025-2030, maar kunnen te allen tijde door de gemeenteraad ingetrokken worden.
Artikel 4:
Afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan vertegenwoordiger en plaatsvervangende vertegenwoordiger van ons bestuur in dit intergemeentelijk samenwerkingsverband en het secretariaat.
Artikel 5:
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking op de webtoepassing.
De PZ Vlaamse Ardennen werd reeds verschillende keren met het fenomeen van onaangevraagde drift- en tuningsmeetings geconfronteerd.
Dergelijke bijeenkomsten worden vaak georganiseerd op verlaten terreinen of parkings, en gaan gepaard met:
- ernstige risico’s voor de fysieke veiligheid van deelnemers en omstaanders,
- aanzienlijke geluidsoverlast en hinder voor omwonenden,
- schade aan infrastructuur en het wegdek,
- een verhoogde druk op de lokale politiediensten.
Bij tussenkomsten bij deze meetings krijgt de politie steeds meer te maken met vijandigheid en geweld.
Bijgevolg is het aangewezen een politiereglement uit te vaardigen dat tot doel heeft de openbare orde, rust en veiligheid te vrijwaren door het verbieden van niet aangevraagde drift- en tunningsmeetings op het grondgebied van Kruisem.
Het Decreet Lokaal bestuur van 22 december 2017 in het bijzonder de artikelen 40, 41, 63 en 286 tot 288;
De Nieuwe Gemeentewet, in het bijzonder artikelen 119, 119bis, 133 en 135§2;
De wet van 24 juni 2013 betreffende de administratieve sancties en de uitvoeringsbesluiten;
Het Algemeen Politiereglement van de gemeenten van de politiezone Vlaamse Ardennen;
Artikel 1 - Doelstelling:
Dit reglement heeft tot doel de openbare orde, rust en veiligheid te vrijwaren door het verbieden van niet aangevraagde drift- en tunningsmeetings op het grondbied van Kruisem.
Artikel 2 - Definities:
2.1. Drift- en tuningmeetings: bijeenkomsten van meerdere motorvoertuigen met als (hoofd)doel het uitvoeren van driftmanoeuvres, burnouts, wedstrijden, lawaaiproeven of andere activiteiten die gevaar of ernstige overlast veroorzaken;
2.2. Organisator: natuurlijke of rechtspersoon die de feitelijke samenkomst organiseert, promoot of faciliteert;
2.3. Deelnemer: bestuurder of inzittende van een voertuig dat deelneemt aan de bijeenkomst;
Artikel 3 – Verbodsbepaling:
Het is verboden om op het openbaar domein van Kruisem alsook op private maar publiek toegankelijke plaatsen, drift- en tuningmeetings te organiseren of eraan deel te nemen zonder voorafgaande toelating van het lokaal bestuur.
Artikel 4 – Handhaving en sancties:
4.1. Bij vaststelling van een overtreding kunnen voertuigen geïmmobiliseerd of bestuurlijk in beslag worden genomen indien het rijgedrag de fysieke veiligheid van personen in gevaar brengt.
4.2. Iedere deelnemer wordt beschouwd als zijn in overtreding met de verbodsbepaling.
4.3. Overtredingen kunnen worden gesanctioneerd conform de bepalingen uit het algemeen politiereglement van de gemeenten van de Politiezone Vlaamse Ardennen.
Artikel 5 – Verhaal van kosten:
Wanneer een verboden of niet-vergunde tuning- of driftbijeenkomst aanleiding geeft tot tussenkomst van hulpdiensten of gemeentelijke diensten, kunnen de kosten verbonden aan:
1° opruimingswerken,
2° het plaatsen of herstellen van signalisatie,
3° reiniging of herstel van de openbare weg,
4° wegsleepkosten of immobilisatie van voertuigen,
verhaald worden op de organisator en/of deelnemers.
Indien de organisator niet gekend is, kunnen de kosten verhaald worden op de eigenaar of houder van de voertuigen die deelnamen, op basis van de vaststellingen in het proces-verbaal.
Artikel 6 - Bekendmaking:
Dit reglement zal overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het Decreet Lokaal Bestuur afgekondigd en bekend gemaakt worden.
Artikel 7:
Overeenkomstig artikel 119 van de nieuwe gemeentewet zal een afschrift van dit reglement worden overgemaakt aan de deputatie van de provincieraad, aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan de griffie van de politierechtbank.
Tevens zal een afschrift worden overgemaakt aan het parket van de procureur des konings bij de politierechtbank en aan de korpschef van de lokale politie Vlaamse Ardennen.
Artikel 8
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Overeenkomstig de artikelen 39 en 74 van het decreet lokaal bestuur dienen de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn een deontologische code aan te nemen die van toepassing is op de lokale mandatarissen.
De deontologische code geeft een kader aan de lokale mandatarissen waarin zij hun mandaat moeten uitoefenen en biedt een algemene leidraad voor de lokale mandatarissen om deontologisch zorgvuldig te kunnen handelen bij de uitoefening van het mandaat, hierbij steunend op de volgende waarden : dienstbaarheid, functionaliteit, onafhankelijkheid, openheid, vertrouwelijkheid en zorgvuldigheid.
Sinds maart 2023 dienen alle steden en gemeenten in Vlaanderen verplicht een deontologische commissie op te richten. Deze commissie moet erop toezien dat de lokale politieke mandaten op een verantwoorde manier worden ingevuld.
Naar aanleiding van de nieuwe legislatuur werd door de gemeente- en OCMW-raad op 7 juli 2025 de nieuwe deontologische code voor de lokale mandatarissen van gemeente en OCMW Kruisem vastgesteld.
Door de deontologische commissie, in zitting bijeengekomen op 17 november 2025, werden een aantal voorstellen tot verduidelijking/aanvulling geformuleerd.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 39, 55, 74 en 83.
Het decreet van 3 februari 2023 tot wijziging van het decreet lokaal bestuur, wat betreft de oprichting van een deontologische commissie.
Het gemeente- en OCMW-raadsbesluit van 7 juli 2025 betreffende het goedkeuren van de deontologische code voor de lokale mandatarissen van gemeente en OCMW Kruisem.
Het ontwerp van gewijzigde deontologische code.
Artikel 1 :
De gewijzigde deontologische code wordt goedgekeurd zoals vastgesteld in bijlage bij dit besluit.
Artikel 2 :
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
De gewijzigde deontologische code wordt bekendgemaakt conform de artikelen 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur.
Met het decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten (BOA) streeft de Vlaamse Overheid naar een betere afstemming tussen buitenschoolse opvang en activiteiten voor alle kinderen en gezinnen. Het lokaal bestuur heeft hierbij de regie in handen. Een zo goed mogelijke samenwerking tussen lokale partners (onderwijs, welzijn, cultuur, jeugd, sport, ...) is hierbij van belang. Het lokaal bestuur Kruisem neemt hiervoor de regie in handen en stippelt samen met verschillende partners een lokaal buitenschools beleid uit, binnen de krachtlijnen van het decreet.
Het BOA-decreet heeft 3 duidelijke doelstellingen:
De geleidelijke uitrol van het BOA-decreet in Kruisem ging in 2021 van start, met een interne werkgroep die werd samengesteld (o.a. coördinatoren BKO, dienst Vrije Tijd, Sportdienst, Jeugddienst en coördinator Huis van het Kind). Aansluitend werd een overzicht opgesteld van bestaande initiatieven, zowel gemeentelijke als niet-gemeentelijke, opgesplitst naar schoolweken en vakantieweken. Op basis van dit overzicht werd er een SWOT-analyse opgemaakt met bijhorende actiepunten, en werd een BOA-visie voor Kruisem gecreëerd. Na het opstellen van de visie werden zowel ouders als kinderen bevraagd over het vrijetijdsaanbod. Deze bevraging vormde de basis voor een reeks concrete acties. Momenteel lopen volgende acties: sportsnack na school, busvervoer van scholen in Kruishoutem tot centrum Kruishoutem waar op woensdagnamiddag tal van activiteiten doorgaan, proeftuin naschools haken en een aantal samenwerkingen met de bib (voorleesweek, buitenspeeldag).
Het Agentschap Opgroeien verleende goedkeuring aan de overstap naar BOA op 01/01/2026 door het lokaal bestuur Kruisem. Het lokaal erkenningskader buitenschoolse opvang en activiteiten en de statuten van het lokaal samenwerkingsverband worden ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
Wetgeving buitenschoolse opvang
Wetgeving BOA-decreet
Artikel 1 :
De gemeenteraad keurt het lokaal erkenningskader buitenschoolse opvang en activiteiten en de statuten van het lokaal samenwerkingsverband betreffende uitrol decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten (BOA) voor het lokaal bestuur Kruisem goed.
Artikel 2 :
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc op de webtoepassing van de gemeente.
Het verengingsleven in Kruisem brengt mensen bijeen en draagt op die manier bij tot de sociale integratie van haar inwoners.
De organisatie van activiteiten en evenementen draagt bij tot een positief imago van de gemeente, dit zowel bij de eigen inwoners als daarbuiten.
Het is wenselijk om de drempel te verlagen voor nieuwe (burger)initiatieven die jeugd-, sport-, sociaal-culturele, welzijnsbevorderende of menslievende activiteiten organiseren.
De gemeente Kruisem wil zo veel als mogelijk tegemoet komen aan de reële noden van het lokale verenigingsleven inzake logistieke en promotionele steun.
Een update van het bestaande reglement is aan de orde.
De belangrijkste wijzigingen die worden opgenomen zijn:
De artikelen 41 en 162 van de Grondwet;
De artikelen 40, 41 en 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen;
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen;
Het bestuursdecreet van 7 december 2018;
Het ondersteuningsreglement voor Kruisemse verenigingen en andere organisatoren van jeugd-, sport-, sociaal-culturele, welzijnsbevorderende en menslievende initiatieven ten behoeve van Kruisemse inwoners, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad van Kruisem op 23 december 2019
Het advies van de cultuurraad dd. 1 december 2025; de sportraad dd. 3 december 2025, de jeugdraad dd. 27 november 2025, de mondiale raad dd. 1 december 2025, seniorenraad dd. 1 december 2025.
Artikel 1 - doelstelling
Met onderhavig reglement en maatregelen wenst het gemeentebestuur het bestaande verenigingsleven te ondersteunen alsook de drempel te verlagen voor nieuwe initiatieven die, door middel van het organiseren van activiteiten, bijdragen tot de sociale integratie van haar inwoners en/of bijdragen tot een positief imago van de gemeente.
Artikel 2 – begrippen
De volgende begrippen worden bij de toepassing van het reglement gehanteerd:
Artikel 3 - doelgroep
§ 1
Aan volgende doelgroepen worden de ondersteuningsmaatregelen zoals beschreven in, en volgens de modaliteiten zoals bepaald in onderhavig reglement ter beschikking gesteld:
Categorie A, daaronder begrepen:
Categorie B, daaronder begrepen:
Categorie C, daaronder begrepen:
Categorie D, daaronder begrepen:
§ 2
De coördinator beoordeelt of de aanvragen:
Artikel 4
§ 1
Het gemeentebestuur oordeelt over de relevantie en haalbaarheid van de aanvragen en kan deze bijgevolg ook weigeren.
§ 2
Het gemeentebestuur behoudt zich het recht voor om toegestane dienstverlening op elk ogenblik te herroepen in functie van gemeentelijke activiteiten, activiteiten uit verwante dienstverlening, voor manifestaties waarbij het gemeentebestuur als medeorganisator optreedt of omdat de toegestane dienstverlening omwille van uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden in het gedrang komt.
§ 3
Indien door uitzonderlijke omstandigheden de toegestane dienstverlening niet of slechts gedeeltelijk ter beschikking kan worden gesteld, dan kan het gemeentebestuur in geen geval een schadevergoeding worden opgelegd.
§ 4
Indien een evenementenvergunning vereist is volgens de voorwaarden op www.kruisem.be, maar de evenementenaanvraag door de organisator niet tijdig wordt ingediend, kan de organisator geen aanspraak maken op de in dit reglement voorziene ondersteuningsmaatregelen.
§ 5
Opmerkingen, klachten en bezwaren i.v.m. de toepassing van dit reglement kunnen schriftelijk gericht worden aan het schepencollege, binnen de 14 dagen na vaststelling van de feiten.
Artikel 5 - doelgroep
§ 1
De gemeente Kruisem wil organisatoren zoals omschreven in artikel 3 materieel ondersteunen bij de organisatie van hun evenementen en activiteiten. Zij stelt daartoe gratis materiaal ter beschikking. De actuele lijst met materiaal is terug te vinden op www.kruisem.be.
§ 2
Verenigingen of organisaties die nog een openstaande schuld hebben in het kader van een schadevergoeding zoals omschreven in artikel 10 of naar aanleiding van aangerekende kosten zoals omschreven in § 5 van artikel 8 zijn tijdelijk uitgesloten voor het ontlenen van materiaal.
Artikel 6 – Uitleentermijn
§ 1
De uitleentermijn bedraagt vijf dagen, de dag van het afhalen en terugbrengen inbegrepen.
§ 2
Langere ontleentermijnen worden uitzonderlijk toegestaan en enkel indien ze gemotiveerd zijn alsook andere aanvragen niet in het gedrang brengen.
Artikel 7 – Reservatie
§ 1
Reservatie gebeurt via een daartoe bestemd webformulier.
§ 2
Aanvragen dienen minimaal tien werkdagen en maximaal twaalf maanden voor de datum van gebruik binnen te zijn voor gebruikers van categorieën A en B1°. De gebruikers van categorie B2° tot B5° kunnen ten vroegste zes maanden op voorhand een aanvraag indienen. De gebruikers van categorie C en D kunnen ten vroegste drie maanden op voorhand een aanvraag indienen. Een reservatie kan niet gegarandeerd worden in geval van laattijdige en/of hoogdringende aanvragen.
§ 3
Het materiaal wordt toegewezen in chronologische volgorde van reservatie.
§ 4
De reservatie wordt bevestigd of (deels) geweigerd met vermelding van toegestane aantallen, plaats en datum van ontlening.
Artikel 8 – Vervoer en stockage materiaal
§ 1
De goederen dienen door de ontlener zelf afgehaald en terug gebracht te worden op de met het gemeentebestuur afgesproken plaats, dag en tijdstip. Hierbij zorgt de lener zelf voor het inladen van het materiaal en voor voldoende mankracht.
§ 2
Nadarafsluitingen, werfhekkens, vlaggenmasten, (mobiel) (ere)podium, tentoonstellingspanelen, tafels en stoelen, biertenten en evenementenkoffers worden altijd door de gemeentediensten afgeleverd en opgehaald op een vooraf afgesproken plaats voor een vooraf afgesproken periode.
Het materiaal wordt door het personeel van de gemeentelijke technische dienst enkel op werkdagen en tijdens de diensturen geleverd en opgehaald.
§ 3
De ontlener verbindt zich er toe om tijdens de uitleenperiode het materiaal ergens te (kunnen) plaatsen waar het gevrijwaard blijft van regen of andere mogelijks beschadigende weersomstandigheden.
§ 4
De ontlener verbindt zich er toe om bij de afhaling of levering het materiaal na te kijken en het gemeentebestuur onmiddellijk in kennis te stellen van eventueel vastgestelde mankementen. Bij gebrek aan dergelijke melding wordt er van uit gegaan dat eventuele vastgestelde schade op later ogenblik het gevolg is van het gebruik door de ontlener.
§ 5
De ontlener wordt geacht het materiaal in dezelfde staat, op dezelfde plaats, op een verharde ondergrond en op dezelfde wijze gestapeld terug aan te bieden als waarop het ontvangen werd, vrij van hindernissen die de gemeentelijke diensten verhinderen het materiaal vlot op te halen. Indien personeel moet worden ingeschakeld om het materiaal correct klaar te maken voor vervoer en/of te reinigen, of indien de gemeentelijke diensten moeten terugkeren wegens onvoldoende naleving van deze voorwaarden, worden de kosten aangerekend overeenkomstig het meest recente retributiereglement voor ambtshalve en/of noodzakelijke tussenkomsten van de gemeentelijke diensten.
Artikel 9 – Gebruik
§ 1
Het opzetten en afbouwen van het geleverde materiaal is altijd ten laste van de ontlener.
§ 2
In afwijking van § 1 van artikel 9 kan de ontlener het gemeentebestuur vragen om het materiaal mee te helpen opzetten en afbouwen. Hiertoe moet uiterlijk drie maanden voorafgaand aan de datum van het evenement een gemotiveerd schrijven gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen. Dit schrijven bevat zowel de noodzaak als een zo concreet mogelijke omschrijving (soort steun en geschatte tijdsduur) van de gevraagde steun. De beslissing wordt genomen na advies van de coördinator, die tevens de benodigde inzet bepaalt.
§ 3
De ontlener verbindt zich er toe om bij het gebruik van het materiaal zorg te dragen voor het materiaal als een goede huisvader; alle verstrekte gebruiksaanwijzingen op te volgen; het materiaal niet over te dragen, uit te lenen of ter beschikking te stellen aan derden en om de ontleende materialen in geen geval aan te wenden voor andere dan de vooropgestelde activiteiten zoals omschreven op het reservatieformulier.
§ 4
De ontlener verbindt zich ertoe het materiaal uitsluitend te gebruiken op het grondgebied van de gemeente Kruisem, met uitzondering van aanvragen van categorie C2 en C3.
§ 5
Vaststelling van inbreuken hierop leiden automatisch tot een tijdelijke of definitieve schorsing van de ontleenmogelijkheid.
§ 6
Bij veelvuldige vaststellingen dat het aangevraagde materiaal ongebruikt blijft, kunnen toekomstige aanvragen eenzijdig bijgestuurd worden.
Artikel 10 – Schade, diefstal, verlies
§ 1
De ontlener verbindt er zich toe het gemeentebestuur bij verlies of diefstal van het materiaal het gemeentebestuur zo snel mogelijk per e-mail (vrijetijd@kruisem.be) op de hoogte te brengen.
In geval van diefstal wordt onmiddellijk aangifte gedaan bij de lokale politie en een kopie van het proces-verbaal wordt aan het gemeentebestuur bezorgd.
Bij de nood aan vervanging (bij verlies, diefstal of vernietiging) van een geleend artikel wordt de originele aankoopprijs aangerekend.
§ 2
Beschadiging of vernietiging wordt eveneens onmiddellijk gemeld via vrijetijd@kruisem.be of uiterlijk binnen de tien werkdagen na terugname vastgesteld door de gemeentediensten.
§ 3
In geen geval mag de ontlener zelf herstellingen uitvoeren of laten uitvoeren.
§ 4
Schade wordt aangerekend aan de ontlener kostende de prijs voor herstelling.
§ 5
De kosten voortvloeiend uit schade, verlies of diefstal zijn ten laste van de ontlener, vertegenwoordigd door de verantwoordelijke zoals vermeld in het reservatieformulier.
Artikel 11 – Verzekering en aansprakelijkheid
§ 1
Bij het gebruik van goederen van grote waarde strekt het tot aanbeveling een verzekering af te sluiten.
§ 2
De ontlener verklaart zich akkoord met dit reglement bij het digitaal indienen van het uitleenformulier.
§ 3
De gemeente is niet verantwoordelijk voor eventuele ongevallen of beschadiging van andere materialen, goederen en eigendommen die veroorzaakt worden door het gebruik van materiaal van de uitleendienst.
§ 4
Op het formulier wordt door de ontlener uitdrukkelijk de naam en het adres van een verantwoordelijke vermeld. Deze verantwoordelijke stelt zich persoonlijk borg voor de naleving van dit reglement.
Artikel 12 - Doelgroep
§ 1
Indien het voor de organisatie van activiteiten die plaatsvinden op Kruisems grondgebied noodzakelijk blijkt, stelt het gemeentebestuur vervoer ter beschikking aan de gebruikers van categorie A en B.
Het kampvervoer ten behoeve van Kruisemse jeugdbewegingen valt niet onder de bepalingen van dit reglement.
§ 2
Enkel transporten van en naar de uitleendienst van naburige gemeenten, de provinciale uitleendienst of voor het ophalen en terugbrengen van herbruikbare bekers waarvoor het gebruik van bestel- of vrachtwagen noodzakelijk is, komen in aanmerking.
§ 3
Aanvragen voor andere transporten dan deze vermeld in § 2 kunnen ter goedkeuring voorgelegd worden aan het college van burgemeester en schepenen.
§ 4
Het vervoer wordt beperkt tot maximaal twee aanvragen per vereniging per jaar.
Artikel 13 – Reservatie
§ 1
Het vervoer wordt digitaal aangevraagd via een daartoe bestemd webformulier. De aanvraag vermeldt duidelijk de reden en de noodzaak van het vervoer en kan één persoon opgeven die de chauffeur begeleidt. De technische dienst beoordeelt nadien of deze begeleiding noodzakelijk is.
Afhaal- en terugbrengbevestigingen moeten aan het reservatieformulier worden toegevoegd; worden deze niet bijgevoegd, dan wordt de aanvraag onontvankelijk verklaard.
§ 2
De aanvraag gebeurt ten laatste één maand vóór het vervoer van niet-gemeentelijk materiaal. In geval van vervoer van gemeentelijk materiaal, bedraagt deze termijn 10 werkdagen.
De aanvragen genieten voorrang in chronologische volgorde van ontvangst.
§ 3
De technische dienst coördineert de aanvragen en maakt praktische afspraken met de aanvrager. Het niet-naleven van de gemaakte afspraken kan aanleiding geven tot de tijdelijke schorsing van het recht op vervoer gedurende een periode van maximaal 12 maanden.
Artikel 14 – Het vervoer
§ 1
Per aanvraag wordt één lichte bestelwagen of één vrachtwagen ter beschikking gesteld, inclusief chauffeur. De technische dienst beoordeelt per geval of de begeleidende persoon, door de aanvrager opgegeven in het reservatieformulier, voor de chauffeur noodzakelijk is. Indien dit het geval is, wordt minstens vijf werkdagen vooraf contact opgenomen met de aanvrager.
§ 2
De aanvrager staat zelf in voor het laden en lossen van de vracht en stelt hiervoor voldoende personen ter beschikking.
§ 3
Er wordt geen vervoer georganiseerd:
- op zaterdag, op zondag en op door het college van burgemeester en schepenen vastgestelde feest- en brugdagen;
- buiten de door het college van burgemeester en schepenen vastgestelde dienstuurroosters van het technisch personeel;
- buiten de landsgrenzen van België.
Artikel 15 – Verzekering en aansprakelijkheid
§ 1
De passagier is verzekerd in het kader van de gewone motorvoertuigenverzekering.
§ 2
Het gemeentebestuur kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade aan materialen van de verenigingen tijdens het gemeentelijk transport ervan.
Artikel 16 – Doelgroep
§ 1
De regeling voor het op- en afbouwen van tenten is van toepassing op de organisatie van activiteiten die plaatsvinden op het grondgebied van de gemeente Kruisem. Ondersteuning bij het op- en afbouwen van tenten is uitsluitend beschikbaar voor gebruikers van categorie A en B.
Artikel 17 – Reservatie
§ 1
De aanvraag voor ondersteuning wordt digitaal ingediend via het daarvoor bestemde webformulier.
§ 2
De aanvraag dient ten laatste één maand voor de opbouw van de tent te gebeuren. Aanvragen worden behandeld in chronologische volgorde van ontvangst.
§ 3
Per vereniging kan maximaal één aanvraag per jaar worden ingediend.
Artikel 18 – Inzet en omvang van ondersteuning
§ 1
Voor elke helper die de organisator voorziet, stelt de gemeente één medewerker ter beschikking, met een maximum van vier medewerkers per aanvraag.
§ 2
Hulp wordt verleend voor maximaal vier uur.
§ 3
De coördinator van de gemeentediensten kan de inzet te allen tijde verminderen of terugroepen wegens wijzigingen in de planning of omstandigheden.
§ 4
De ondersteuning door de gemeente geldt uitsluitend voor het op- en afbouwen van de tent zelf. Hulp wordt niet verleend voor het plaatsen van vloeren, zoals cassettevloeren of vlonders, voor het inrichten van de tent, noch voor werkzaamheden op hoogte.
§ 5
Ondersteuning bij op- en afbouwen wordt niet verleend:
Artikel 19 – Aansprakelijkheid
§ 1
De gemeente is niet aansprakelijk voor enige schade, verlies, letsel of ongevallen die voortvloeien uit of verband houden met de ondersteuning bij het op- en afbouwen van tenten, noch voor schade aan materialen, goederen of eigendommen van de organisator of derden.
§ 2
Op het aanvraagformulier wordt door de aanvrager uitdrukkelijk de naam en het adres van een verantwoordelijke vermeld. Deze verantwoordelijke stelt zich persoonlijk borg voor de naleving van dit reglement en kan deze verantwoordelijkheid niet afschuiven op de firma die de tent aanlevert of plaatst. De verantwoordelijke fungeert als rechtstreeks aanspreekpunt van de gemeente.
§ 3
De vereniging en/of organisator is verantwoordelijk voor het verzekeren van alle medewerkers die helpen bij het op- en afbouwen van de tent, zowel tegen lichamelijk letsel als tegen schade aan derden of materialen.
§ 4
De organisator en de opgegeven verantwoordelijke zorgen ervoor dat vóór de aanvang van de op- en afbouw alle noodzakelijke veiligheidsinstructies aan de medewerkers worden verstrekt en dat alle vereiste collectieve en persoonlijke beschermingsmiddelen beschikbaar zijn en correct worden gebruikt.
§ 5
Enkel materiaal dat volledig voldoet aan alle geldende keuringsvoorwaarden, wettelijke voorschriften en Europese normen mag worden gebruikt. De gemeente aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade of ongevallen die het gevolg zijn van het gebruik van materiaal dat niet aan deze vereisten voldoet. Het is de verantwoordelijkheid van de organisator om te waarborgen dat al het gebruikte materiaal veilig, goedgekeurd en geschikt is voor het beoogde gebruik.
§ 6
Wanneer door een medewerker van de gemeente of door de coördinator wordt vastgesteld dat veiligheidsrisico’s onvoldoende beheerst worden, kan de ondersteuning door de gemeente onmiddellijk worden gestaakt. De ontlener kan hiertegen geen aanspraak maken op schadevergoeding of compensatie.
Artikel 20 – De UiTdatank
§ 1
De UiTdatabank is bedoeld voor een breed spectrum aan cultuur-en vrijetijdsaanbod:
agenda-informatie (wie, wat, waar, wanneer) met betrekking tot alles wat er te zien, te doen of te beleven valt
Worden uitgesloten:
Artikel 21 – UiT in Kruisem
§ 1
Publieke activiteiten die in Kruisem plaatsvinden en die in de UiTdatabank zijn ingevoerd, verschijnen op de homepagina van de gemeentelijke website en in UiT in Kruisem, op voorwaarde dat er een afbeelding werd opgeladen in de UiTdatabank.
§ 2
De activiteiten zoals vermeld in artikel 20 § 1 worden ook gepubliceerd in de kalender ‘UiT in Kruisem’ in het gemeentelijk infoblad XM info. Deze activiteiten maakt de gemeente 2 weken vooraf ook mee bekend via de digitale infoborden in Kruishoutem en Zingem.
§ 3
De afdeling vrije tijd is bevoegd voor het valideren van de publicatie van activiteiten die plaatsvinden in Kruisem op UiT in Vlaanderen en bijgevolg op UiT in Kruisem. Zij kan wijzigingen aanbrengen en activiteiten verwijderen indien deze niet voldoen aan de doelstellingen van de UiTdatabank zoals vermeld in § 1 van artikel 20.
§ 4
De afdeling vrije tijd staat de organisator desgewenst bij bij het invullen van de gegevens in de UiTdatabank.
Artikel 22 – Registratie
§ 1
Verenigingen kunnen zich laten registreren als Kruisemse vereniging via een daartoe bestemd webformulier.
§ 2
Geregistreerde verenigingen worden jaarlijks gevraagd om na te gaan of de verstrekte gegevens nog actueel zijn.
§ 3
De gemeente Kruisem kan tijdens de duur van dit reglement overschakelen op het aangeleverde platform van het verenigingsloket (Vlaamse Overheid) om de registratie van de verenigingen in orde te brengen.
Artikel 23 – Publicatie van de verstrekte gegevens
§ 1
Enkel die gegevens waarvan de vereniging aangaf dat ze publiek mogen getoond worden, staan op de website. De andere verstrekte gegevens worden enkel voor administratieve doeleinden gebruikt.
Artikel 24 – Publicatie van artikels en/of foto’s in XM Info
Verenigingen en scholen gevestigd in Kruisem kunnen een artikel en of foto doorsturen voor publicatie in XM info.
De redactie aanvaardt bijdragen die voldoen aan onderstaande criteria:
De redactieraad behoudt zich het recht voor om te beslissen over opname in het infoblad.
Meer info hierover staat op www.kruisem.be/jouw-artikel-in-xm-info.
Artikel 25 – Doelgroep
§ 1
Het gemeentebestuur stelt gratis gemeentelijke informatieborden ter beschikking aan alle categorieën van organisatoren voor zover de informatieborden voldoen aan de gebruiksvoorwaarden zoals bepaald in artikel 27 van onderhavig reglement.
Artikel 26 – Locaties
§ 1
Deze gemeentelijke informatieborden bevinden zich langs de belangrijkste invalswegen:
Anzegemsesteenweg – type A
Deinsesteenweg – type A
Kasteelstraat – type A
Lange Aststraat – type B
Olsensesteenweg – type A
Oudenaardsesteenweg – type A
Ouwegemsesteenweg – type B
Waregemsesteenweg – type A
Artikel 27 – Gebruiksvoorwaarden
§ 1
De niet-gemeentelijke aankondigingen moeten betrekking hebben op activiteiten die cumulatief voldoen aan de volgende voorwaarden:
§ 2 De volgende aankondigingen van derden of inhouden komen niet aanmerking voor het gebruik van de gemeentelijke informatieborden:
§ 3
Per organisator/aanvraag kan tegelijkertijd maar één inschuifpaneel aangebracht worden.
§ 4
De inschuifpanelen kunnen ten vroegste één maand vóór het plaatsvinden van de activiteit aangebracht worden. Verlenging van deze termijn wordt slechts uitzonderlijk toegestaan en mag andere aanvragen niet in het gedrang brengen.
Artikel 28 – Procedure
§ 1
Het gebruik van de informatieborden wordt digitaal aangevraagd via een daarvoor bestemd webformulier dat ter beschikking staat via het digitaal loket.
§ 2
Aanvragen gebeuren maximaal twaalf maanden voor vóór het plaatsvinden van de activiteit voor aanvragers van categorieën A en B1°. Aanvragers van categorie B2° tot B5° kunnen ten vroegste zes maanden op voorhand een aanvraag indienen. De gebruikers van categorie C en D kunnen ten vroegste drie maanden op voorhand een aanvraag indienen.
Voor alle aanvragers geldt dat aanvragen ten laatste zes weken vóór het plaatsvinden van de activiteit moeten worden ingediend.
§ 3
De aanvragen worden behandeld volgens datum van aanvraag, maar de aankondiging van onderstaande activiteiten krijgt in deze volgorde voorrang :
§ 4
De toelating vermeldt de toegestane locaties, periode van plaatsing, uiterste datum van leveren en vroegste datum van ophalen. De aanvrager is zelf verantwoordelijk om een concrete afspraak te maken voor de datum van leveren en ophalen.
§ 5
De inschuifpanelen dienen, na telefonische afspraak, te worden afgeleverd aan één van de twee gemeentelijke loodsen.
§ 6
De plaatsing en het weghalen van de inschuifpanelen gebeurt uitsluitend door de gemeentelijke diensten.
§ 7
Panelen die de 3e week na de activiteit niet werden afgehaald, kunnen meegegeven worden met het afval van het containerpark.
Artikel 29 – De inschuifpanelen
§ 1
In de informatieborden - type A kunnen tot vier inschuifpanelen geplaatst worden. Deze panelen moeten volgende afmetingen hebben (hoogte x breedte x dikte, in cm): (50 x 244 x 1) of (49,5 x 250 x 0,6).
In de informatieborden – type B kunnen tot drie inschuifpanelen geplaatst worden. Deze panelen moeten volgende afmetingen hebben (hoogte x breedte x dikte, in cm): (49 x 250 x 0,6) of (49,5 x 250 x 0,6).
§ 2
De aanvrager dient zelf in te staan voor de aankoop, aanmaak en stockage van zijn inschuifpanelen. De inschuifpanelen dienen vervaardigd te zijn uit een watervaste houten of kunststof plaat.
Ter bevordering van de leesbaarheid is het aangewezen om de borden te voorzien van een effen achtergrond. De belettering kan gebeuren door middel van professionele kleefletters of kan handgeschilderd zijn (ordentelijk, symmetrisch & bij voorkeur met sjablonen).
Het kleven van affiches of andere zaken die kunnen loskomen op de panelen, is niet toegestaan.
§ 3
Indien het paneel niet voldoet aan de voorwaarden zoals bepaald in § 1 en § 2 van artikel 29, kan de plaatsing geweigerd worden.
§ 4
Een paneel kan meerdere activiteiten aankondigen.
Artikel 30 – Aansprakelijkheid
Het gemeentebestuur is niet verantwoordelijk voor het opschrift van de inschuifpanelen en kan op geen enkele manier aansprakelijk worden gesteld voor diefstal of schade aan de inschuifpanelen veroorzaakt door weersinvloeden, beschadiging door derden of tijdens het plaatsen en het gemeentelijk transport ervan.
Artikel 31 – Locaties
Artikel 32 – Gebruiksvoorwaarden
De digitale infoborden worden gebruikt voor het bekendmaken van:
Deze infoborden staan aan van 7 u. tot 22.00 u.
Artikel 33 – Procedure
Je hoeft er als organisator enkel voor te zorgen dat je je activiteit invoert in de UiT-databank. Op die manier komt je activiteit in UiT in Kruisem, in de UiT-kalender in XM info, op de homepagina van de gemeentelijke website en op het digitaal infobord aan De Mastbloem en aan het AC Zingem (max. 2 weken voor de activiteit).
Artikel 34 – Afficheren en flyeren in gemeentelijke beheerde gebouwen
§ 1
Op volgende locaties is plaats voorzien om affiches op te hangen en/of flyers te leggen. Bepaalde locaties huisvesten meerdere diensten. Per locatie is slechts één plaats voorzien om te afficheren en/of flyeren:
§ 2
Alle affiches en flyers dienen bezorgd te worden aan het college van burgemeester en schepenen, Markt 1, 9770 Kruishoutem. Afdeling Vrije Tijd zorgt voor de verdere verspreiding van de affiches volgens de bepalingen in dit reglement.
Artikel 35 – Voorrangsregeling
In functie van de beschikbare ruimte worden volgende voorrangsregels vastgesteld. Hebben voorrang in deze volgorde:
Artikel 36 – Aanplakken
Aanplakken kan enkel onder de voorwaarden zoals bepaald in artikel 87 van het algemeen politiereglement van de politiezone Vlaamse Ardennen en enkel op de plaatsen die vastgesteld zijn door het gemeentebestuur. Deze plaatsen zijn terug te vinden op www.kruisem.be.
Artikel 37 – Tijdelijke publiciteitsborden en/of bewegwijzering
§ 1
Het is verboden tijdelijke publiciteitsborden en/of bewegwijzering aan te brengen op of langs het openbaar domein zonder uitdrukkelijke toestemming van het gemeentebestuur.
§ 2
Beide mogen niet aangebracht worden op straatmeubilair, signalisatie, openbare verlichting, bomen, e.d.
§ 3
Voor de gewestwegen is een afzonderlijke toelating vereist van het Vlaamse Gewest, Administratie Wegen en Verkeer (AWV), Heurnestraat 27 te 9700 Oudenaarde.
De gewestwegen in Kruisem zijn: (deel van de) Alfred Amelotstraat, Anzegemsesteenweg, (deel van de) Boeregemstraat, Deinsebaan, Deinsesteenweg, Gentsesteenweg (N60), Hoogstraat, Kasteelstraat, Kerkstraat, Kruishoutemsesteenweg, Markt, Nazarethsesteenweg, Nederzwalmsesteenweg, Nieuwstraat, Olsensesteenweg, Oudenaardsesteenweg, Ouwegemsesteenweg, Tjollevelddreef, Waregemsesteenweg en Winston Churchillstraat.
§ 4
Deze publiciteitsbordjes en/of bewegwijzeringsbordjes dienen onmiddellijk na het evenement verwijderd te worden. Indien dit niet gebeurt, dan wordt de tijdelijke publiciteit/bewegwijzering verwijderd op kosten van de aanvrager tegen vergoeding zoals bepaald in het meest recente retributiereglement op ambtshalve en/of noodzakelijk tussenkomsten van de gemeentelijke diensten.
Artikel 38 – Flyeren in de gemeentelijke basisscholen
§ 1
Het uitdelen in de gemeentelijke basisscholen van flyers zonder commerciële doeleinden en/of van organisaties waar het gemeentebestuur mee samenwerkt is toegestaan. De schooldirecties worden belast met de uitvoering.
§ 2
Voor het uitdelen van alle andere flyers op de gemeentelijke basisscholen moet voorafgaand toestemming gevraagd worden aan het gemeentebestuur.
Artikel 39 – Doelgroep
§ 1
De regeling voor het gebruik van herrashekkens voor promotionele doeleinden is van toepassing op de organisatie van activiteiten op het grondgebied van de gemeente Kruisem. Ondersteuning wordt uitsluitend verleend aan organisatoren van activiteiten van categorie A en B.
Artikel 40 – Reservatie
§ 1
De kar met herrashekkens dient minstens zes weken vóór de aanvang van de activiteit aangevraagd te worden via vrijetijd@kruisem.be.
§ 2
Aangezien slechts één kar herrashekkens ter beschikking wordt gesteld, worden aanvragen behandeld in chronologische volgorde van ontvangst.
§ 3
De kar kan maximaal 30 dagen voor de activiteit ontleend worden.
§ 4
De herrashekkens worden door de gemeente geleverd en opgehaald op één vooraf afgesproken locatie. De herrashekkens dienen door de aanvrager zelf naar de verschillende promotielocaties te worden gebracht. Omwille van aansprakelijkheidsredenen is het niet toegestaan om hiervoor de kar te gebruiken waarin de herrashekkens worden geleverd en opgehaald.
§ 5
Elke plaats op het openbaar domein waar herrashekkens voor promotie worden geplaatst, moet minstens vier weken vooraf worden aangevraagd via het aanvraagformulier inname openbaar domein.
Promotieborden en herrashekkens mogen in geen geval de zichtbaarheid van bestuurders verminderen of de verkeersveiligheid negatief beïnvloeden.
Artikel 41 – Inzet en gebruik
§ 1
De kar mag uitsluitend worden gebruikt voor het verzamelen van herrashekkens en voeten, en niet voor andere doeleinden.
§ 2
Na gebruik dienen de herrashekkens vrijgemaakt te worden van spanbandjes of ander bevestigingsmateriaal.
§ 3
Vaststelling van inbreuken hierop leiden automatisch tot een tijdelijke of definitieve schorsing van de ontleenmogelijkheid.
Artikel 42 – Aansprakelijkheid
§ 1
De gemeente is niet aansprakelijk voor enige schade, verlies, letsel of ongevallen die voortvloeien uit of verband houden met het gebruik van de herrashekkens, noch voor schade aan materialen, goederen of eigendommen van de aanvrager of derden.
§ 2
De ontlener van de herrashekkens voor promotiedoeleinden verbindt er zich toe het gemeentebestuur bij verlies of diefstal van het materiaal het gemeentebestuur zo snel mogelijk per e-mail (vrijetijd@kruisem.be) op de hoogte te brengen.
In geval van diefstal wordt onmiddellijk aangifte gedaan bij de lokale politie en een kopie van het proces-verbaal wordt aan het gemeentebestuur bezorgd.
Bij de nood aan vervanging (bij verlies, diefstal of vernietiging) van een geleend artikel wordt de originele aankoopprijs aangerekend.
§ 3
Beschadiging of vernietiging wordt eveneens onmiddellijk gemeld via vrijetijd@kruisem.be of uiterlijk binnen de tien werkdagen na terugname vastgesteld door de gemeentediensten.
§ 4
In geen geval mag de ontlener zelf herstellingen uitvoeren of laten uitvoeren.
§ 5
Schade wordt aangerekend aan de ontlener kostende de prijs voor herstelling.
Artikel 43
§ 1
Het gemeentebestuur stelt volgende accommodatie ter beschikking:
§ 2
Het gebruik van de gemeentelijke accommodatie is onderhevig aan de voorwaarden, bepalingen en tarieven zoals vermeld in het meest recente:
§ 3
Deze gebruiks- en retributiereglementen evenals desbetreffende aanvraagformulieren zijn terug te vinden op www.kruisem.be
Artikel 1
Het ondersteuningsreglement voor Kruisemse verenigingen en andere organisatoren van jeugd-, sport-, sociaal-culturele, welzijnsbevorderenede en menslievende initiatieven ten behoeve van Kruisemse inwoners, zoals in bijlage bij dit besluit gehecht, wordt goedgekeurd. Dit reglement vervangt alle voorgaande met ingang van 1 januari 2026.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de afdeling vrije tijd, de afdeling omgeving, de afdeling mens en welzijn, de afdeling infra en het secretariaat.
Artikel 3
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking op de webtoepassing.
Heel wat Kruisemse verenigingen en particulieren tonen zich solidair met goede doelen en dit op eigen initiatief of onder impuls van regionale campagnes.
Het gemeentebestuur wenst solidariteit te stimuleren op een zo laagdrempelig mogelijke manier.
Lokale overheden worden beschouwd als belangrijke partner in het succesvol omzetten van Agenda 2030 van de Verenigde Naties.
De artikelen 41 en 162 van de Grondwet.
De artikelen 40, 41 en 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2014 en latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het gemeentelijk subsidiereglement voor steun aan financiële acties ten voordele van SDG goede doelen en andere zoals goedgekeurd door de gemeenteraad van Kruisem op 14 december 2020.
De duurzame ontwikkelingsdoelen of Sustainable Development Goals zoals omschreven in de Agenda 2030 voor Duurzame Ontwikkeling van de Verenigde Naties;
Het advies van de mondiale raad dd. 1 december 2025.
De kredieten voorzien op jaarbudgetrekening 0160-00/6496000.
Artikel 1
Binnen de grenzen van de voorziene kredieten in het goedgekeurde budget kent de gemeente een subsidie toe aan het goede doel of project waarvoor een Kruisemse vereniging of particulier een financiële actie in het kader van een SDG heeft georganiseerd.
De subsidie wordt bepaald bovenop het bedrag dat via de actie werd ingezameld en wordt rechtstreeks uitbetaald aan het betrokken goede doel of project, overeenkomstig de normen en voorwaarden die hierna worden vastgesteld.
Daarnaast kan ook een subsidie voor een inleefreis worden aangevraagd. Deze subsidie wordt toegekend aan het goede doel of project dat verbonden is aan de inleefreis, overeenkomstig de bepalingen zoals opgenomen Artikel 9.
Artikel 2
Dit subsidiereglement heeft in het algemeen als doel solidariteit op een laagdrempelige manier te stimuleren en in het bijzonder solidariteit met verenigingen en projecten die bijdragen tot het behalen van de Sustainable Development Goals (1 – 2 – 3 – 4 – 5 – 6 – 7 – 8 – 10 – 16).
3 = goede gezondheid en welzijn
7 = betaalbare duurzame energie
8 = waardig werk en economische groei
16 = vrede, veiligheid en sterke publieke diensten
Om in het kader van dit reglement in aanmerking te komen voor subsidies dient de activiteit rond minstens één van bovenstaande SDG’s te werken. De concrete betekenis van de SDG’s is terug te vinden op www.sdgs.be.
Artikel 3
§ 1
Alle financiële acties komen in aanmerking voor deze extra toelage door de gemeente, voor zover deze plaatsvonden tussen 1 januari en 31 december van het vorige kalenderjaar, minstens gericht naar Kruisemse inwoners; al dan niet op Kruisemse grondgebied. Dit moet onder andere blijken uit de communicatie(middelen) over de actie.
§ 2
Voor deze financiële actie is dit de enige vorm van subsidieaanvraag binnen of buiten de gemeente.
§ 3
Zijn uitgesloten voor deze extra financiële steun volgens onderhavig reglement:
- schenkingen aan goede doelen, zonder duidelijk afgebakende financiële actie waarbij geldinzameling voor dit goede doel hoofddoel was van de activiteit;
- goede doelen welke intussen hebben opgehouden te bestaan.
Artikel 4
§ 1
Het college van burgemeester en schepenen kan ten allen tijde controle uitoefenen op de naleving van de voorschriften in dit reglement en op de juistheid van de ingediende aanvraag tot subsidiëring.
Het vaststellen van misbruiken kan leiden tot terugvordering van de ten onrechte verkregen steun.
§ 2
Het college van burgemeester en schepenen doet uitspraak over alle in dit reglement niet voorziene gevallen en beslecht alle betwistingen. Indien van toepassing, dan gebeurt dit na advies door de mondiale raad.
§ 3
Het oude subsidiereglement voor steun aan financiële acties ten voordele van SDG doelen wordt opgeheven vanaf 31 december 2025.
§ 4
Het nieuwe subsidiereglement voor steun aan financiële acties ten voordele van SDG doelen treedt in voege vanaf 1 januari 2026 en wordt opgeheven vanaf 31 december 2031.
§ 5
Het reglement wordt bekend gemaakt via de gemeentelijke website en het gemeentelijk infoblad.
Artikel 6
§ 1
De aanvrager dient de ingevulde aanvraagformulieren met nodige bewijsstukken uiterlijk op 15 februari (van het jaar volgend op het jaar waarin de financiële actie plaatsvond) in.
Bewijsstukken zijn:
§ 2
Elke aanvraag die laattijdig wordt ontvangen, verliest zijn recht op subsidies voor het betrokken kalenderjaar.
§ 3
Het beoordelen van een subsidieaanvraag gebeurt door de ambtenaar mondiale solidariteit van de gemeente Kruisem. Deze dossierbeheerder mag geen belang hebben in de door hem behandelde subsidieaanvraag.
§ 4
De uitbetaling gebeurt uiterlijk binnen de drie maanden na het verstrijken van de deadline voor het indienen van de aanvraag, via overschrijving op het bij het gemeentebestuur bekende bankrekeningnummer op naam van het goede doel.
Artikel 7
§ 1
Dit reglement hanteert volgende definities:
Artikel 8
§ 1
Het subsidiebedrag wordt door middel van volgende formule berekend:
basispunten x A x S x K x D x L= Totaalpunten
Waarbij
§ 2
De subsidiegelden zullen, voor de verdeling ervan, gedeeld worden door de som van alle totaalpunten behaald door de aanvragers, welke de waarde in geld van één punt uitdrukt. Nadien wordt per aanvrager het aantal behaalde totaalpunten vermenigvuldigd met de waarde van één punt. Aldus bekomt men het totale bedrag van de aan het goede doel toe te kennen subsidie.
§ 3
Volgende minimum en maximumplafonds worden in bovenstaande berekening opgenomen en kunnen bij het toepassen stapsgewijs een impact hebben op de waarde van één punt:
Artikel 9 – Subsidie voor inleefreizen
$1 Doel en doelgroep
Inwoners van de gemeente Kruisem die een educatieve reis of inleefstage naar een land in het mondiale zuiden ondernemen, kunnen een subsidie aanvragen. Het gemeentebestuur erkent dat inleefreizen bijdragen aan een beter begrip van mondiale samenwerking en aan het draagvlak voor het gemeentelijk mondiaal beleid.
De subsidie wordt rechtstreeks gestort aan het betrokken goede doel of mondiale project.
$2 Voorwaarden voor toekenning
Om in aanmerking te komen, moet de inleefreis voldoen aan de volgende criteria:
$3 Subsidiebedrag en uitbetaling
Elke inleefreis komt in aanmerking voor een vast bedrag van €150, ongeacht de omvang of duur van de reis. De uitbetaling gebeurt na goedkeuring van de aanvraag, verificatie van de gegevens door de gemeentelijke administratie en nadat de aanvrager heeft bevestigd dat hij/zij één van de acties onder artikel 9 $2, c zal uitvoeren.
Artikel 1
Het gemeentelijk subsidiereglement voor steun aan financiële acties ten voordele van SDG goede doelen wordt goedgekeurd zoals in bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de afdeling vrije tijd en de financiële dienst.
Artikel 3
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking op de webtoepassing.
Het financieel ondersteunen van sport-, jeugd- en socio-culturele verenigingen via werkingsmiddelen kent al een lange traditie.
Het verenigingsleven levert in ruime mate een bijdrage aan het bevorderen van de sociale integratie, maatschappelijke participatie en gemeenschapsvorming.
De vele activiteiten en evenementen die georganiseerd worden door verenigingen of andere initiatiefnemers, maken van Kruisem een "bruisende gemeente".
Dit verenigingsleven kan in die zin beschouwd worden als partner van het gemeentebestuur in de uitvoering van haar beleid.
Bij het sociaal-culturele verenigingsleven bestaat de behoefte om op dergelijke steun te kunnen rekenen.
De artikelen 41 en 162 van de Grondwet.
De artikelen 40, 41 en 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2014 en latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het gemeentelijk subsidiereglement er ondersteuning van organisatoren van sociaal-culturele activiteiten zoals goedgekeurd door de gemeenteraad van Kruisem op 23 december 2019.
Het advies van de cultuurraad dd. 15 september 2025.
De kredieten voorzien op jaarbudgetrekening 0739-00/6496000.
Artikel 1
§ 1
Binnen de grenzen van de voorziene kredieten in het goedgekeurde budget, worden aan verenigingen die actief zijn in Kruisem subsidies verleend volgens de normen en voorwaarden die hierna worden vastgesteld.
§ 2
Algemene voorwaarden
Artikel 2
§ 1
Ieder trekker van een subsidie moet deze subsidie gebruiken voor het doel waarvoor zij is toegekend en moet het gebruik ervan kunnen rechtvaardigen.
De gemeente heeft het recht om ter plaatse de aanwending van de verleende toelage te doen controleren.
Een subsidie kan (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd wanneer blijkt dat de subsidie niet wordt aangewend voor de algemene werking of voor het doel waarvoor zij is toegekend zoals omschreven in artikel 5.
§ 2
Het college van burgemeester en schepenen kan ten allen tijde controle uitoefenen op de naleving van de voorschriften in dit reglement en op de juistheid van de ingediende aanvraag tot subsidiëring.
Het vaststellen van misbruiken kan leiden tot de uitsluiting van de betreffende vereniging voor alle subsidies van het betreffende werkjaar of tot terugvordering van de ten onrechte verkregen subsidie.
§ 3
De subsidies zullen aan de verenigingen worden toebedeeld via overschrijving op het bij het gemeentebestuur bekende bankrekeningnummer op naam van de vereniging. Indien de vereniging verandert van bankrekeningnummer, dan meldt de vereniging dit op eigen initiatief.
Artikel 3
Indien de vereniging op het ogenblik van het vaststellen van de subsidie, ten aanzien van het lokaal bestuur nog enige openstaande schuld heeft, waarvan de aanvankelijke betalingstermijn verlopen is, wordt de uitbetaling van de subsidie opgeschort tot het ogenblik dat de vereniging de openstaande schuld heeft voldaan. De vereniging wordt hiervan schriftelijk op de hoogte gebracht.
Artikel 4
In navolging van artikel 4 van de wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen kan bij de toekenning van een subsidie waarvan de gemeentelijke financiële steun op jaarbasis meer dan 1.240 euro bedraagt, de begunstigde verzocht worden om een verantwoording in te dienen. In voorkomend geval wordt de termijn waarbinnen deze verantwoording dient te worden voorgelegd, vermeld in de beslissing tot toekenning van de subsidie.
Deze verantwoording wordt ondersteund met een kasverslag, jaarverslag of activiteitenverslag waaruit de financiële vraag duidelijk blijkt. Indien de begunstigde een boekhoudkundige verplichting en neerleggingsplicht heeft, wordt dit ondersteund door de jaarrekening.
Artikel 5
De subsidies dienen aangewend te worden voor het aanbieden van sociaal-culturele activiteiten aan de Kruisemse inwoners en op die manier de inwoners te laten deelnemen aan cultuur en/of de maatschappelijke participatie en sociale integratie mee te bevorderen.
Artikel 6
Specifieke voorwaarden:
De vereniging organiseerde het afgelopen werkjaar minstens drie ledenbijeenkomsten;
OF
De vereniging organiseerde het afgelopen werkjaar minstens één openbare activiteit op het grondgebied Kruisem
Artikel 7
In geval de aanvrager een vereniging of andere organisator zonder lidmaatschap betreft, dient deze te voldoen aan volgende voorwaarden om in aanmerking te komen voor subsidiëring:
Artikel 8
§ 1
Het beoordelen van een subsidieaanvraag gebeurt door de jeugdambtenaar van de gemeente Kruisem Deze dossierbeheerder mag geen belang hebben in de behandelde subsidieaanvragen.
De uitbetaling gebeurt jaarlijks vóór einde van het jaar.
§ 2
Het college van burgemeester en schepenen doet uitspraak over alle in dit reglement niet voorziene gevallen en beslecht alle betwistingen. Indien van toepassing, dan gebeurt dit na advies door de cultuurraad.
§ 3
Het oude gemeentelijk subsidiereglement voor organisatoren van sociaal-culturele activiteiten wordt opgeheven vanaf 31 december 2025.
§ 4
Het nieuwe reglement “gemeentelijk subsidiereglement ter ondersteuning van organisatoren van sociaal-culturele activiteiten” treedt in voege vanaf 1 januari 2026 en wordt opgeheven vanaf 31 december 2031.
§ 5
Het reglement wordt bekend gemaakt aan alle voor subsidies in aanmerking komende verenigingen en organisaties die actief zijn in Kruisem alsook via de website.
Artikel 9
Dit reglement hanteert volgende definities:
Voorbeelden zijn: eigen organisatie of bezoek aan een muziekoptreden, theatervoorstelling, kunsttentoonstelling, dansvoorstelling, bezoek aan een kunstmuseum…;
Voorbeelden zijn: workshops of lessenreeksen, voordrachten en lezingen, debat, stads- of bedrijfsbezoek, …;
Voorbeelden zijn: quiz, zangavond, kaarting, beurs, kookactiviteit, naai-en breilessen, buurt- of straatfeest, thematische wandeltocht (bv. halloween, sneukel,…)…;
Artikel 10
§1
De verenigingen die wensen in aanmerking te komen voor subsidiëring, dienen jaarlijks het hiertoe ter beschikking gestelde aanvraagformulier voor werkingssubsidies socio-culturele verenigingen volledig ingevuld, ondertekend en vergezeld van de nodige bewijsstukken ten laatste op 30 september in te dienen.
§2
Elke vereniging waarvan het aanvraagformulier laattijdig (na 30 september) ontvangen wordt, verliest hierdoor zijn recht op subsidies voor het betrokken werkjaar.
§3
Verenigingen welke intussen opgehouden hebben te bestaan, kunnen geen subsidies meer ontvangen.
Artikel 11
§1
De subsidies, verleend volgens de kredieten ingeschreven in het budget van het lopende dienstjaar, worden berekend op grond van de gegevens en de activiteiten betreffende
1. Het voorbije werkingsjaar (van 1 september tot met 31 augustus); of
2. Het voorbije kalenderjaar (van 1 januari tot en met 31 december)
§2
Bij de eerste subsidieaanvraag in het kader van dit reglement dient de vereniging een keuze te maken tussen één van bovenstaande opties. Deze keuze dient aangehouden te worden tot minstens het einde van de legislatuur.
Artikel 12
De subsidiegelden zullen, voor de verdeling ervan, gedeeld worden door de som van het totaal aantal punten behaald door de rechthebbende verenigingen, welke de waarde in geld van één punt uitdrukt. Nadien wordt per vereniging het aantal behaalde punten vermenigvuldigd met de waarde van één punt. Op die manier bekomt men het totale bedrag van de aan de vereniging toe te kennen subsidie.
Artikel 13
§1
De totale voorziene subsidies voor organisatoren van sociaal-culturele activiteiten worden verdeeld volgens puntentelling zoals weergegeven in onderstaande tabellen.
Limieten op aantal punten worden bekeken per tabel:
| ALGEMEEN LUIK tot. max 125 ptn |
|||
| Wat |
Omschrijving |
Puntenverdeling |
Max |
| Kadervorming |
Deelname aan een vorming |
2pt per dag per bestuurslid |
18
|
| Activiteiten |
Onbezoldigde medewerking aan activiteiten van de gemeente (als medeorganisator) |
Per activiteit 10 pt |
30 |
|
|
Organiseren van bijzondere activiteiten/evenementen |
Per activiteit 5 pt |
15 |
| Communicatie |
Up-to-date website |
5 pt |
5 |
|
|
Social Media |
5 pt |
5 |
| Kwaliteit |
Bijwonen algemene vergadering (werkingsjaar) |
20 pt / verontschuldigde afwezigheid 5 pt |
20 |
|
|
Van welke adviesraden (bestuur) is de organisatie actief lid? |
10 pt per adviesraad |
60 |
|
|
Accent: duidelijk aantoonbare en nieuwe maatregelen nemen op vlak van: |
30 pt per domein |
30 |
|
|
1. inclusief werken, toegankelijkheid, maatschappelijk kwetsbare doelgroepen |
Er kan maximum 1 domein gekozen worden en gedurende de legislatuur kan 1 domein maximaal 2 keer hetzelfde thema kiezen met een tussenperiode van twee jaar.
|
|
|
|
2. vernieuwing bestuursploeg |
|
|
|
|
3. structurele samenwerking met een andere Kruisemse organisator |
|
|
|
|
4. teambuilding |
|
|
|
|
5. duurzaamheid, SDG's |
|
|
|
|
6. veiligheid |
|
|
|
|
7. communicatie en/of promotie |
|
|
| EENMALIGE CULTURELE, SOCIALE, EDUCATIEVE & JEUGDACTIVITEITEN tot. max 1200 ptn |
||||
| Type eenmalige activiteit |
Beschrijving |
Ptn / activiteit publiek |
Ptn / activiteit ledenact. |
Max |
| Organisatie culturele activiteit
|
Organisatie van een muziekoptreden, kunstententoonstelling; toneelvoorstelling, … voor een breed publiek |
40
+15 per dag |
/ |
300
100 |
| Organisatie culturele activiteit internationaal karakter |
Organisatie van een muziekoptreden, festivalsfeer, voorstelling met een internationaal karakter en voor een breed publiek. |
60
+15 per dag |
/ |
300
100 |
| Bezoek culturele activiteit |
Organisatie van een groepsbezoek aan een culturele activiteit die door een externe organisatie wordt aangeboden vb: muziekoptreden, theatervoorstelling of museumbezoek. |
30 |
15 |
300 |
| Organisatie sociale activiteit (incl sportieve activiteiten) |
Activiteiten in de sector van de algemene vrijetijdsbesteding die mensen met elkaar in contact brengen, al dan niet om samen dingen te doen rond een gedeelde hobby of interesse of gewoon om elkaar beter te leren kennen. Voorbeelden zijn: quiz, zangavond, kaarting, beurs, kookactiviteit, naai- en breilessen, buurt- of straatfeest, thematische wandel- of fietstocht vb. halloween, sneukel, … |
35 |
20 |
300 |
| Organisatie educatieve activiteit |
Het organiseren van een activiteit waarbij kennisoverdracht, vorming of bewustmaking centraal staat. |
25 |
20 |
300 |
| Organisatie jeugdactiviteit |
Educatieve of socio culturele activiteiten waarbij kinderen, jongeren en/of gezinnen met (jonge) kinderen de exclusieve doelgroep zijn |
35 |
20 |
300 |
| Andere |
Eenmalige activiteit die niet onder bovenstaande categorieën valt |
20 |
10 |
200 |
| CULTURELE, EDUCATIEVE & SOCIALE ACTIVITEITENREEKSEN tot. max 500ptn |
||||
| Type activiteitenreeks |
Beschrijving |
Ptn/ |
Ptn/ activiteit leden |
Max |
| Creatieve reeks |
Activiteitenreeks waarin deelnemers actief creatieve of kunstzinnige vaardigheden ontwikkelen of produceren. |
15 |
10 |
200 |
| Informatieve reeks |
Reeks waarin kennisoverdracht, educatie, maatschappelijke bewustwording of zelfredzaamheid centraal staat. |
15 |
10 |
200 |
| Sportieve reeks |
Reeks gericht op fysieke activiteit, beweging en gezondheid. |
15 |
10 |
200 |
| Recreatieve reeks |
Reeks waarbij ontspanning, ontmoeting en vrijetijdsbesteding centraal staan. |
10 |
5 |
100 |
| Culturele activiteit |
Repetities |
2 |
60 |
|
| Overige activiteitenreeks |
Activiteitenreeks die niet onder bovenstaande categorieën valt |
10 |
5 |
100 |
Artikel 1
Het gemeentelijk subsidiereglement er ondersteuning van organisatoren van sociaal-culturele activiteiten wordt goedgekeurd zoals in bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de afdeling vrije tijd en de financiële dienst.
Artikel 3
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking op de webtoepassing.
Het financieel ondersteunen van sport-, jeugd- en socio-culturele verenigingen via werkingsmiddelen kent al een lange traditie.
Het verenigingsleven levert in ruime mate een bijdrage aan het bevorderen van de sociale integratie, maatschappelijke participatie en gemeenschapsvorming.
De vele activiteiten en evenementen die georganiseerd worden door verenigingen of andere initiatiefnemers, maken van Kruisem een "bruisende gemeente".
Dit verenigingsleven kan in die zin beschouwd worden als partner van het gemeentebestuur in de uitvoering van haar beleid.
Bij het jeugdverenigingsleven bestaat de behoefte om op dergelijke steun te kunnen rekenen.
Het jeugdwerk levert in ruime mate een bijdrage aan de ontwikkeling en het welbevinden van jonge mensen, binnen een kansrijk kader voor hoofdzakelijk non-formeel en informeel leren.
De artikelen 41 en 162 van de Grondwet.
De artikelen 40, 41 en 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2014 en latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het gemeentelijk subsidiereglement er ondersteuning van organisatoren van een regelmatig jeugdaanbod zoals goedgekeurd door de gemeenteraad van Kruisem op 23 december 2019.
Het advies van de jeugdraad dd. 27 november 2025.
De kredieten voorzien op jaarbudgetrekening 0750-00/6496000.
Artikel 1
§ 1
Binnen de grenzen van de voorziene kredieten in het goedgekeurde budget, worden aan verenigingen die actief zijn in Kruisem subsidies verleend volgens de normen en voorwaarden die hierna worden vastgesteld.
§ 2
Algemene voorwaarden
Artikel 2
§ 1
Ieder trekker van een subsidie moet deze subsidie gebruiken voor het doel waarvoor zij is toegekend en moet het gebruik ervan kunnen rechtvaardigen.
De gemeente heeft het recht om ter plaatse de aanwending van de verleende toelage te doen controleren.
Een subsidie kan (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd wanneer blijkt dat de subsidie niet wordt aangewend voor de algemene werking of voor het doel waarvoor zij is toegekend zoals omschreven in artikel 5.
§ 2
Het college van burgemeester en schepenen kan ten allen tijde controle uitoefenen op de naleving van de voorschriften in dit reglement en op de juistheid van de ingediende aanvraag tot subsidiëring.
Het vaststellen van misbruiken kan leiden tot de uitsluiting van de betreffende vereniging voor alle subsidies van het betreffende werkjaar of tot terugvordering van de ten onrechte verkregen subsidie.
§ 3
De subsidies zullen aan de verenigingen worden toebedeeld via overschrijving op het bij het gemeentebestuur bekende bankrekeningnummer op naam van de vereniging. Indien de vereniging verandert van bankrekeningnummer, dan meldt de vereniging dit op eigen initiatief.
Artikel 3
Indien de vereniging op het ogenblik van het vaststellen van de subsidie, ten aanzien van het lokaal bestuur nog enige openstaande schuld heeft, waarvan de aanvankelijke betalingstermijn verlopen is, wordt de uitbetaling van de subsidie opgeschort tot het ogenblik dat de vereniging de openstaande schuld heeft voldaan. De vereniging wordt hiervan schriftelijk op de hoogte gebracht.
Artikel 4
In navolging van artikel 4 van de wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen kan bij de toekenning van een subsidie waarvan de gemeentelijke financiële steun op jaarbasis meer dan 1.240 euro bedraagt, de begunstigde verzocht worden om een verantwoording in te dienen. In voorkomend geval wordt de termijn waarbinnen deze verantwoording dient te worden voorgelegd, vermeld in de beslissing tot toekenning van de subsidie.
Deze verantwoording wordt ondersteund met een kasverslag, jaarverslag of activiteitenverslag waaruit de financiële vraag duidelijk blijkt. Indien de begunstigde een boekhoudkundige verplichting en neerleggingsplicht heeft, wordt dit ondersteund door de jaarrekening.
Artikel 5
De subsidies dienen aangewend te worden voor de organisatie van een regelmatig aanbod voor kinderen en jongeren
Artikel 6
In afwijking van artikel 1 § 2 kunnen interlokale jeugdverenigingen eveneens aanspraak maken op subsidies voor organisatoren van regelmatig jeugdaanbod. In dat geval wordt de vereniging enkel gesubsidieerd voor de werking die plaatsvindt op het grondgebied van de gemeente (leden en activiteiten)
Artikel 7
In geval de aanvrager een vereniging of andere organisator zonder lidmaatschap betreft, dient deze te voldoen aan volgende voorwaarden om in aanmerking te komen voor subsidiëring:
Artikel 8
§ 1
Het beoordelen van een subsidieaanvraag gebeurt door de jeugdambtenaar van de gemeente Kruisem Deze dossierbeheerder mag geen belang hebben in de behandelde subsidieaanvragen.
De uitbetaling gebeurt jaarlijks vóór einde van het jaar.
§ 2
Het college van burgemeester en schepenen doet uitspraak over alle in dit reglement niet voorziene gevallen en beslecht alle betwistingen. Indien van toepassing, dan gebeurt dit na advies door de jeugdraad.
§ 3
Het oude gemeentelijk subsidiereglement ter ondersteuning van organisatoren van regelmatig jeugdaanbod wordt opgeheven vanaf 31 december 2025.
§ 4
Het nieuwe reglement “gemeentelijk subsidiereglement ter ondersteuning van organisatoren van een regelmatig jeugdaanbod” treedt in voege vanaf 1 januari 2026 en wordt opgeheven vanaf 31 december 2031.
§ 5
Het reglement wordt bekend gemaakt aan alle voor subsidies in aanmerking komende verenigingen en organisaties die actief zijn in Kruisem alsook via de website.
Artikel 9
Dit reglement hanteert volgende definities:
Artikel 10
§ 1
De verenigingen die wensen in aanmerking te komen voor subsidiëring, dienen jaarlijks de hiertoe ter beschikking gestelde aanvraagformulier volledig ingevuld, ondertekend en vergezeld van de nodige bewijsstukken ten laatste op 30 september in te dienen.
§2
Elke vereniging waarvan het aanvraagformulier laattijdig (na 30 september) ontvangen wordt, verliest hierdoor zijn recht op subsidies voor het betrokken werkjaar.
§3
Verenigingen welke intussen opgehouden hebben te bestaan, kunnen geen subsidies meer ontvangen.
Artikel 11
§1
De subsidies, verleend volgens de kredieten ingeschreven in het budget van het lopende dienstjaar, worden berekend op grond van de gegevens en de activiteiten betreffende
§2
Bij de eerste subsidieaanvraag in het kader van dit reglement dient de vereniging een keuze te maken tussen één van bovenstaande opties. Deze keuze dient aangehouden te worden tot minstens het einde van de legislatuur
Artikel 12
De subsidiegelden zullen, voor de verdeling ervan, gedeeld worden door de som van het totaal aantal punten behaald door de rechthebbende verenigingen, welke de waarde in geld van één punt uitdrukt. Nadien wordt per vereniging het aantal behaalde punten vermenigvuldigd met de waarde van één punt. Op die manier bekomt men het totale bedrag van de aan de vereniging toe te kennen subsidie.
Artikel 13
De verdeling van het totale jaarlijkse subsidiebedrag voor jeugdactiviteiten gebeurt volgens onderstaande percentages.
§ 1
40% van de totale voorziene subsidies voor organisatoren van jeugdactiviteiten worden verdeeld volgens puntentelling zoals weergegeven in A) algemene werking.
§ 2
3% van de totale voorziene subsidies voor organisatoren van jeugdactiviteiten worden verdeeld volgens puntentelling zoals weergegeven in B) communicatie en samenwerking.
§ 3
25% van de totale voorziene subsidies voor organisatoren van jeugdactiviteiten worden verdeeld volgens puntentelling en verdeelsleutel zoals weergegeven in C) kamp.
§ 4
20% van de totale voorziene subsidies voor organisatoren van jeugdactiviteiten worden verdeeld met een verdeelsleutel zoals weergegeven in D) huisvesting.
§ 5
2% van de totale voorziene subsidies voor organisatoren van jeugdactiviteiten worden verdeeld met een verdeelsleutel zoals weergegeven in E) recyclage.
§ 6
5% van de totale voorziene subsidies voor organisatoren van jeugdactiviteiten worden verdeeld met een verdeelsleutel zoals weergegeven in F) inclusief, toegankelijk en laagdrempelig.
§ 7
5% van de totale voorziene subsidies voor organisatoren van jeugdactiviteiten worden verdeeld met een verdeelsleutel zoals weergegeven in G) kwaliteitsproject.
§ 8
Het restbedrag wordt bijgeteld bij C) Kamp en verder verdeeld volgens de verdeelsleutel van artikel 13 § 3
1 punt per lid (inclusief alle leiding)
+ 2 punten per kind dat structureel extra begeleiding nodig heeft
+ 1 punt per leiding die beschikt over:
----------------------------------------------------------------------------------------------------
Frequentiecoëfficiënt:
x2 tweewekelijkse werking
x3 wekelijkse werking
| de vereniging geeft haar activiteiten in via de UIT-Databank |
5 ptn |
| de vereniging beschikt over een actieve website en/of publieke Facebookgroep of -pagina die up-to-date wordt gehouden en waarop minstens de contactgegevens van de groepsverantwoordelijken en de locatie terug te vinden zijn. |
10 ptn |
| de vereniging heeft een afgevaardigde die regelmatig aanwezig is op de algemene vergadering van de Jeugdraad |
5 ptn |
| de vereniging zet zich onbezoldigd in bij activiteiten en evenementen georganiseerd door de gemeente of gemeentelijke adviesraden |
10 ptn |
Een kamp is een verblijf op verplaatsing van minstens 4 opeenvolgende dagen, georganiseerd door de jeugdvereniging die de aanvraag indient, waarbij zowel leiding (excl kookploeg) als leden aanwezig zijn. Ten minste 50% van de deelnemers moet ingeschreven lid zijn van de organiserende jeugdvereniging. Per leeftijdsgroep kan jaarlijks slechts één aanvraag worden ingediend
De huurkosten voor kampterrein en tenten komen in aanmerking voor subsidie, exclusief waarborg en kosten van beschadiging of verlies. Deze blijven ten laste van de vereniging.
De kampsubsidie bestaat uit twee gelijke delen van telkens 12,5%:
(De toelage per vereniging hangt bij dit deel af van de bewezen kosten, het beschikbare budget en het aantal aanvragen. De subsidie kan maximum 75% bedragen van de bewezen kosten per vereniging)
De toelage per vereniging hangt af van de bewezen kosten, het voorzien budget en het aantal aanvragen. De subsidie kan maximum 75% bedragen van de bewezen kosten.
Volgende kosten komen in aanmerking:
Subsidie vereniging X = voorzien budget x kosten vereniging X
som kosten alle aanvragen
Elke jeugdvereniging kan een kopie van een factuur of betalingsbewijs inbrengen van een bezoek aan het recyclagepark.
De subsidie kan max 100% bedragen van de kosten, met een maximum van €100 per jeugdvereniging.
Voorbeeld:
1 zetel weegt ongeveer 60kg
Tarief Rode Groep --> €0,2/kg
60kg x €0,2 = €12
Met dit luik willen we jeugdverenigingen stimuleren om een inclusieve, toegankelijke en laagdrempelige werking uit te bouwen, zodat alle kinderen en jongeren kunnen deelnemen, ongeacht hun achtergrond, beperking of financiële situatie.
De vereniging kan hiervoor verschillende initiatieven nemen, zoals:
Deze subsidielijn is vrijblijvend en bedraagt maximaal €250 per vereniging per jaar. Bij de beoordeling wordt niet gekeken naar het aantal acties dat een vereniging indient, maar naar de intensiteit en de kwaliteit waarmee ze een actie hebben uitgewerkt. Voor de verantwoording volstaat een (korte) beschrijving bij aanvraag en een eenvoudig bewijs (bv. foto, verslag of evaluatie).
Deze subsidie wil jeugdverenigingen stimuleren om een toekomstgerichte en vernieuwende werking uit te bouwen en in te zetten op actuele thema’s en maatschappelijke uitdagingen. Een kwaliteitsproject kan een groot thematisch initiatief zijn, maar ook een jaaractie zoals structureel werken rond het opruimen en netjes achterlaten van de jeugdlokalen.
Om jullie verder op weg te helpen, geven we enkele mogelijke thema’s:
Deze subsidielijn is vrijblijvend en bedraagt maximaal €250 per vereniging per jaar. Voor de verantwoording volstaat een korte beschrijving bij aanvraag en een eenvoudig bewijs (bv. foto’s, verslag of evaluatie).
Artikel 1
Het gemeentelijk subsidiereglement er ondersteuning van organisatoren van een regelmatig jeugdaanbod wordt goedgekeurd zoals in bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de afdeling vrije tijd en de financiële dienst.
Artikel 3
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking op de webtoepassing.
Het financieel ondersteunen van sport-, jeugd- en socio-culturele verenigingen via werkingsmiddelen kent al een lange traditie.
Het verenigingsleven levert in ruime mate een bijdrage aan het bevorderen van de sociale integratie, maatschappelijke participatie en gemeenschapsvorming.
De vele activiteiten en evenementen die georganiseerd worden door verenigingen of andere initiatiefnemers, maken van Kruisem een "bruisende gemeente".
Dit verenigingsleven kan in die zin beschouwd worden als partner van het gemeentebestuur in de uitvoering van haar beleid.
Bij het sportverenigingsleven bestaat de behoefte om op dergelijke steun te kunnen rekenen.
De artikelen 41 en 162 van de Grondwet.
De artikelen 40, 41 en 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2014 en latere wijzigingen.
De artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het gemeentelijk subsidiereglement er ondersteuning van sportverenigingen zoals goedgekeurd door de gemeenteraad van Kruisem op 23 december 2019.
Het advies van de sportraad dd. 3 december 2025.
De kredieten voorzien op jaarbudgetrekening 0740-00/6496000.
Artikel 1
§ 1
Binnen de grenzen van de voorziene kredieten in het goedgekeurde budget, worden aan verenigingen die actief zijn in Kruisem subsidies verleend volgens de normen en voorwaarden die hierna worden vastgesteld.
§ 2
Algemene voorwaarden
Artikel 2
§ 1
Ieder trekker van een subsidie moet deze subsidie gebruiken voor het doel waarvoor zij is toegekend en moet het gebruik ervan kunnen rechtvaardigen.
De gemeente heeft het recht om ter plaatse de aanwending van de verleende toelage te doen controleren.
Een subsidie kan (al dan niet gedeeltelijk) worden teruggevorderd wanneer blijkt dat de subsidie niet wordt aangewend voor de algemene werking of voor het doel waarvoor zij is toegekend zoals omschreven in artikel 5.
§ 2
Het college van burgemeester en schepenen kan ten allen tijde controle uitoefenen op de naleving van de voorschriften in dit reglement en op de juistheid van de ingediende aanvraag tot subsidiëring.
Het vaststellen van misbruiken kan leiden tot de uitsluiting van de betreffende vereniging voor alle subsidies van het betreffende werkjaar of tot terugvordering van de ten onrechte verkregen subsidie.
§ 3
De subsidies zullen aan de verenigingen worden toebedeeld via overschrijving op het bij het gemeentebestuur bekende bankrekeningnummer op naam van de vereniging. Indien de vereniging verandert van bankrekeningnummer, dan meldt de vereniging dit op eigen initiatief.
Artikel 3
Indien de vereniging op het ogenblik van het vaststellen van de subsidie, ten aanzien van het lokaal bestuur nog enige openstaande schuld heeft, waarvan de aanvankelijke betalingstermijn verlopen is, wordt de uitbetaling van de subsidie opgeschort tot het ogenblik dat de vereniging de openstaande schuld heeft voldaan. De vereniging wordt hiervan schriftelijk op de hoogte gebracht.
Artikel 4
In navolging van artikel 4 van de wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen kan bij de toekenning van een subsidie waarvan de gemeentelijke financiële steun op jaarbasis meer dan 1.240 euro bedraagt, de begunstigde verzocht worden om een verantwoording in te dienen. In voorkomend geval wordt de termijn waarbinnen deze verantwoording dient te worden voorgelegd, vermeld in de beslissing tot toekenning van de subsidie.
Deze verantwoording wordt ondersteund met een kasverslag, jaarverslag of activiteitenverslag waaruit de financiële vraag duidelijk blijkt. Indien de begunstigde een boekhoudkundige verplichting en neerleggingsplicht heeft, wordt dit ondersteund door de jaarrekening.
Artikel 5
§ 1
Deze subsidies dienen gebruikt te worden om de sportieve doelstellingen van de vereniging te bevorderen. Meer in het bijzonder moeten deze subsidies een kwalitatieve sportbeoefening bevorderen, met specifieke aandacht voor een goede jeugdwerking.
§ 2
De vereniging moet een laagdrempelige sportieve werking hebben binnen de gemeente Kruisem.
Artikel 6
Specifieke voorwaarden
Artikel 7
§ 1
Het beoordelen van een subsidieaanvraag gebeurt door de sportfunctionaris van de gemeente Kruisem. Deze dossierbeheerder mag geen belang hebben in de behandelde subsidieaanvragen.
Daarna wordt de beoordeling voorgelegd voor advies aan het bestuur van de sportraad.
De uitbetaling gebeurt jaarlijks vóór einde van het jaar.
§ 2
Het college van burgemeester en schepenen doet uitspraak over alle in dit reglement niet voorziene gevallen en beslecht alle betwistingen. Indien van toepassing, dan gebeurt dit na advies door de sportraad.
§ 3
Het oude gemeentelijk subsidiereglement ter ondersteuning van sportverenigingen wordt opgeheven vanaf 31 december 2025.
§ 4
Het nieuwe reglement “gemeentelijk subsidiereglement ter ondersteuning van sportverenigingen” treedt in voege vanaf 1 januari 2026 en wordt opgeheven vanaf 31 december 2031.
§ 5
Het reglement wordt bekend gemaakt aan alle voor subsidies in aanmerking komende verenigingen en organisaties die actief zijn in Kruisem alsook via de website.
Artikel 8
§ 1
De subsidies worden verdeeld aan de hand van het statuut die de geregistreerde sportvereniging heeft. In totaal zijn er twee verschillende clubstatuten.
§ 2
Clubs met statuut A
Vereniging waarvan de leden sportactiviteiten beoefenen die voorkomen op de sporttakkenlijst van de Vlaamse Overheid. Deze clubs kunnen beschikken over een totaal bedrag A1, verminderd met de optelsom van het budget uitgegeven aan de clubs met statuut B en het budget uitgegeven aan de sportspecifieke opleidingen.
§ 3
Clubs met statuut B
Vereniging waarvan de leden sportactiviteiten beoefenen die niet voorkomen op de sporttakkenlijst van de Vlaamse Overheid maar die aangeboden worden door erkende Vlaamse organisatie voor de sportieve vrijetijdsbesteding. Deze clubs kunnen beschikken over een totaal bedrag van € 120 per club.
Artikel 9
Dit reglement hanteert volgende definities:
Artikel 10
§ 1
De verenigingen die wensen in aanmerking te komen voor subsidiëring, dienen jaarlijks het hiertoe ter beschikking gestelde aanvraagformulier voor werkingssubsidies socio-culturele verenigingen volledig ingevuld, ondertekend en vergezeld van de nodige bewijsstukken ten laatste op 30 september in te dienen.
§ 2
Elke vereniging waarvan het aanvraagformulier laattijdig (na 30 september) wordt ontvangen zal geen aanspraak kunnen maken op de subsidie voor het betrokken werkingsjaar/kalenderjaar.
§ 3
Verenigingen welke opgehouden hebben te bestaan, kunnen geen subsidies meer ontvangen.
Artikel 11
§1
De subsidies, verleend volgens de kredieten ingeschreven in het budget van het lopend dienstjaar, worden berekend op grond van de gegevens en de activiteiten betreffende
§2
Bij de eerste subsidieaanvraag in het kader van dit reglement dient de vereniging een keuze te maken tussen één van bovenstaande opties. Deze keuze dient aangehouden te worden tot het einde van de legislatuur.
Artikel 12
§ 1
De subsidiegelden voor de terugbetaling van sportspecifieke opleidingen worden vastgelegd op maximum 5% van het totale budget werkingssubsidies voor sportverenigingen.
§ 2
Indien blijkt dat de subsidiegelden voor sportspecifieke opleidingen niet toereikend genoeg zijn, zal een procentuele verdeling worden toegepast op alle ingediende aanvragen.
Artikel 13
De verenigingen met een statuut A, zoals vermeld in artikel 8 (§ 2) ontvangen een volledige terugbetaling van het inschrijvingsgeld van een sportspecifieke opleiding (trainerscursus) voor (jeugd)sportbegeleiders of jeugdsportcoördinatoren van een aangesloten trainer of lid van de vereniging.
Voorwaarden:
Artikel 14
De werkingssubsidie voor clubs met statuut B bedraagt € 120 per club en wordt verdeeld onder alle sportverenigingen die aan voorwaarden vastgesteld in de artikelen 1; 5; 6 en 8 (§ 1 en § 3) van dit subsidiereglement, voldoen.
Artikel 15
§ 1
Het krediet dat rest na de terugbetaling van de inschrijfgelden voor de sportspecifieke opleidingen en de uitbetaling van de vaste bedragen voor clubs met statuut B, wordt volgens een puntensysteem verdeeld.
§ 2
De subsidiegelden zullen, voor de verdeling ervan, gedeeld worden door de som van het totaal aantal punten behaald door de rechthebbende verenigingen, welke de waarde in geld van één punt uitdrukt. Nadien wordt het totaal per vereniging aantal behaalde punten vermenigvuldigd met de waarde van één punt. Aldus bekomt men het totale bedrag van de aan de vereniging toe te kennen subsidie.
Artikel 16
§ 1
De werkingssubsidies voor clubs met statuut A worden verdeeld volgens onderstaand puntensysteem onder alle sportverenigingen die aan voorwaarden vastgesteld in de artikelen 1; 5; 6 en 8 (§ 1 en §2) van dit subsidiereglement, voldoen.
§ 2
De minimumtoelage voor elke club met statuut A bedraagt € 175.
Criteria
| Categorie |
Omschrijving |
Puntenverdeling |
| Leden |
Totaal aantal leden |
- van 1 tot 20 leden = 2 punten - van 21 tot 50 leden = 4 punten - van 51 tot 100 leden = 6 punten - van 101 tot 200 leden = 8 punten - meer dan 200 leden = 10 punten |
| Aantal jeugdleden (minimum van 5 leden) |
- van 1% tot 10% = 4 punten - van 11% tot 20% = 8 punten - van 21% tot 30% = 12 punten - van 31% tot 50% = 16 punten - meer 50% = 20 punten |
|
| Aantal Kruisemse leden (minimum van 5 leden) |
- van 1% tot 10% = 2 punten - van 11% tot 20% = 4 punten - van 21% tot 30% = 6 punten - van 31% tot 50% = 8 punten - meer 50% = 10 punten |
|
| Trainingsuren |
Totaal aantal in clubverband georganiseerde trainingsuren (volwassenen en jeugd) |
- van 1 tot 100 u = 2 punten - van 101 tot 250 u = 4 punten - van 251 tot 500 u = 6 punten - van 501 tot 1000 u = 8 punten - meer dan 1000 u = 10 punten |
| Aantal trainingsuren onder leiding van niet-gediplomeerde trainers (volwassenen en jeugd) |
- van 1 tot 100 u = 2 punten - van 101 tot 250 u = 4 punten - van 251 tot 500 u = 6 punten - van 501 tot 1000 u = 8 punten - meer dan 1000 u = 10 punten |
|
| Aantal trainingsuren onder leiding van gediplomeerde trainers (volwassenen en jeugd) |
- van 1 tot 100 u = 6 punten - van 101 tot 250 u = 12 punten - van 251 tot 500 u = 18 punten - van 501 tot 1000 u = 24 punten - meer dan 1000 u = 30 punten |
|
| Wedstrijddagen |
Aantal wedstrijddagen voor volwassenen |
- van 1-20 dagen = 1 punt - van 20-50 dagen = 2 punten - van 50-150 dagen = 3 punten - van 150-200 dagen = 4 punten - + 200 dagen = 5 punten |
| Aantal wedstrijddagen voor jeugd |
- van 0-20 dagen = 3 punten - van 20-50 dagen = 6 punten - van 50-150 dagen = 9 punten - van 150-200 dagen = 12 punten - + 200 dagen = 15 punten |
|
| Trainers
|
Aantal niet gediplomeerde trainers |
te vermenigvuldigen met 3 punten tot max. 30 punten |
| Aantal gediplomeerde trainers voor volwassenen Sportkwalificaties volgens de referentietabel voor sportkwalificaties van de Vlaamse Trainersschool |
Te verdienen punten per kwalificatie: - Categorie 8: 24 punten - Categorie 7: 21 punten - Categorie 6: 18 punten - Categorie 5: 15 punten - Categorie 4: 12 punten - Categorie 3: 9 punten - Categorie 2: 6 punten - Categorie 1: 4 punten |
|
| Aantal gediplomeerde trainers/jeugdsportcoördinatoren voor jeugd Sportkwalificaties volgens de referentietabel voor sportkwalificaties van de Vlaamse Trainersschool |
Te verdienen punten per kwalificatie: - Categorie 8: 60 punten - Categorie 7: 50 punten - Categorie 6: 40 punten - Categorie 5: 30 punten - Categorie 4: 20 punten - Categorie 3: 15 punten - Categorie 2: 10 punten - Categorie 1: 6 punten |
|
| Opleiding / vorming |
Vorming voor trainers(1) |
Per begonnen dag 2 punten per persoon met een maximum van 10 punten per persoon. |
| Vorming voor bestuursleden (1) |
Per begonnen dag 2 punten per persoon met een maximum van 10 punten per persoon. |
|
| Activiteiten |
Medewerking aan activiteiten van de gemeente |
Per activiteit 5 punten met een maximum van 15 punten |
| Organiseren van bijzonder activiteiten/evenementen |
Per activiteit 5 punten met een maximum van 15 punten |
|
| Communicatie
|
Website (1) |
5 punten |
| Social media (1) |
5 punten |
|
| Kwaliteit |
Bijwonen algemene vergadering |
10 punten |
| Vzw-structuur (1) |
10 punten |
|
| Aangesloten bij een erkende sportfederatie (1) |
10 punten |
|
| Maatregelen nemen tegen grensoverschrijdend gedrag (bv. werken met API binnen de club = aanspreekpunt integriteit) (1) |
5 punten |
(1) Slechts de helft van de punten worden toegekend voor dit criterium indien een vereniging ook werkingssubsidies sport ontvangt bij een andere gemeente
Artikel 1
Het gemeentelijk subsidiereglement er ondersteuning van de sportverenigingen wordt goedgekeurd zoals in bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de afdeling vrije tijd en de financiële dienst.
Artikel 3
Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking op de webtoepassing.
Het goedgekeurde reglement vermeldt het volgende:
Punt 3 geconcedeerde begravingen, Artikel 7: Retroactieve thuisbewaring van een geconcedeerde asurne
De aanvraag tot retro-actieve thuisbewaring van een asurne uit een concessie in het columbarium of het urnenveld, bij toepassing van artikel 24 en 24 bis, van het decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, zoals tot op heden gewijzigd, moet schriftelijk worden ingediend bij het college van burgemeester en schepenen door de overlevende echtgeno(o)t(e) of samenlevende partner en de bloedverwanten eerste graad.
Bij de slotbepalingen van het algemene reglement werd ook nog volgend artikel opgenomen:
Artikel 1 : Beslechting van onvoorziene gevallen
Alle niet in dit reglement voorziene gevallen worden beslecht door het college van burgemeester en schepenen, in zoverre zij niet door een wet, besluit of decreet aan een andere overheid worden toegewezen.
Dit betekent dat kinderen van plus ouders niet op gelijke wijze behandeld worden als bloedverwante kinderen. Dat zij pas via een speciaal punt in de reglementering de kans krijgen om een aanvraag te kunnen plaatsen is een discriminatie tegenover bloedverwante kinderen. Bovendien zijn zij blootgesteld aan de willekeur van het college van burgemeester en schepenen.
Nochtans kan een band tussen plus kind en –ouder om verschillende redenen even sterk of soms zelfs sterker zijn dan de kind-ouder band tussen bloedverwanten.
Tijdens de gemeenteraad van november 2025 werd nadrukkelijk gewezen op deze discriminatie en werd daarom door VoorKruisem! gevraagd de goedkeuring van dit agendapunt uit te stellen tot de volgende gemeenteraad zodat de aanpassing kon opgenomen worden. De aanpassing werd geweigerd en het punt werd als dusdanig door de meerderheid toch goedgekeurd.
Met VoorKruisem! wensen wij alle leden van de gemeenteraad de kans te geven om deze pijnlijke discriminatie te herzien.
Doel :
Gelijke rechten voor plus - en bloedverwante kinderen.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, inzonderheid artikel 21.
Het gemeenteraadsbesluit van 17 november 2025 betreffende de goedkeuring van het algemeen reglement op de begraafplaatsen en de lijkbezorging.
De gemeenteraadsfractie VoorKruisem! vraagt volgende aanpassing van punt 3 artikel 7 goed te keuren:
De aanvraag tot retro-actieve thuisbewaring van een asurne uit een concessie in het columbarium of het urnenveld, bij toepassing van artikel 24 en 24 bis, van het decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, zoals tot op heden gewijzigd, moet schriftelijk worden ingediend bij het college van burgemeester en schepenen door de overlevende echtgeno(o)t(e) of samenlevende partner en de bloedverwanten eerste graad. de bloed- of aanverwanten en de personen met wie de overledene een feitelijk gezin vormde.
De gemeenteraad besluit om dit agendapunt te verdagen naar een volgende zitting. Er zal voorafgaandelijk juridisch advies worden ingewonnen met betrekking tot artikel 24 § 3 van het Decreet op de begraafplaatsen en lijkbezorging.
De voorzitter sluit de zitting op 15/12/2025 om 23:53.
Aldus vastgesteld en beslist in zitting van heden.
De agenda is afgehandeld.
Vanwege de gemeenteraad,
Namens Gemeenteraad,
Kris Nachtergaele
Algemeen directeur
Joop Verzele
Burgemeester-voorzitter