De voorzitter opent de zitting op 12/09/2022 om 18:59.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen.
Bestuursdecreet van 7 december 2018.
De notulen van de vergadering van 4 juli 2022 worden goedgekeurd.
In het kader van de voorziene werken langs deze weg werd een ontwerp tot wegen- en rioleringswerken voor deze weg opgemaakt door Ingenieursbureau Goegebeur – D’Hauwer BV.
De Weistraat loopt vanaf Kruisem door tot aan de Heirweg (grondgebied Oudenaarde) waardoor de werken gedeeltelijk op het grondgebied van Kruisem en gedeeltelijk op het grondgebied van Oudenaarde zullen plaats vinden.
Door de beperkte breedte van deze weg zijn voor de wegeniswerken grondinnames noodzakelijk die vermeld staan op het plan in bijlage bij dit besluit en die zullen gerealiseerd worden door de gemeentebesturen op wiens grondgebied de te onteigenen percelen liggen.
Door de grondinnames dient ook een aangepast rooilijnplan opgemaakt te worden zoals vermeld op het plan in bijlage bij dit besluit en dit dient bevestigd te worden door de gemeentebesturen op wiens grondgebied de aangepaste rooilijn ligt.
De onteigende instanties zijn de gemeentes Kruisem en Oudenaarde, elk voor hun eigen grondgebied. De gemeentes zijn op grond van artikel 6 van het Vlaams Onteigeningsdecreet bevoegd om tot onteigening over te gaan.
Artikel 7 van het Vlaams Onteigeningsdecreet is de rechtsgrond voor deze onteigeningen. Er is geen specifieke rechtsgrond voorhanden om tot onteigening over te gaan in functie van de realisatie van een rooilijn van een gewijzigde buurtweg of ter realisatie van een fietspad. De gemeenten kunnen, indien geen specifieke rechtsgrond bestaat, op grond van artikel 7 Vlaams Onteigeningsdecreet tot onteigening overgaan in de gevallen waarin ze oordelen dat de onteigening noodzakelijk is voor de uitwerking van de infrastructuur of het beleid inzake de gemeentelijke aangelegenheden.
Huidige onteigeningen zijn noodzakelijk voor de uitwerking van zowel de (fiets)infrastructuur als het gemeentelijk beleid inzake mobiliteit. Uit de projectnota, die wordt toegevoegd als bijlage bij dit besluit en er integraal deel van uitmaakt, blijkt dat de gemeente verschillende alternatieven heeft overwogen voor de uitwerking van de (fiets)infrastructuur. Het gekozen profiel werd, onder meer, weerhouden omdat er slechts minimale onteigeningen nodig zijn maar kan het profiel enkel maar gerealiseerd worden door middel van de voorziene onteigeningen. De gemeente oordeelt daarom dat de voorgenomen onteigeningen noodzakelijk zijn voor de uitwerking van haar infrastructuur.
Het onteigeningsplan van algemeen nut is het verhogen van de verkeersveiligheid, het voorkomen van verkeersongevallen en het promoten van duurzame mobiliteit. Door de eis van de provincie om de DWA-leiding aan te sluiten op de Coupuren (Oudenaarde) dient er een nieuwe gracht te worden voorzien die enkel kan gerealiseerd worden via onteigeningen. Ook wordt ervoor gekozen om een verbinding te maken tussen het jaagpad en de Weistraat voor de fietsers. Ook hiervoor zijn de nodige onteigeningen nodig.
Artikel 80 van het decreet houdende de gemeentewegen heeft het Vlaams Onteigeningsdecreet (verder: VOD) (artikel 31) gewijzigd in volgende zin.
Artikel 31 van het Onteigeningsdecreet bepaalt nu het volgende:
“Een samenlopende procedure is een onteigeningsprocedure die gelijktijdig loopt met een van de volgende ruimtelijkeplanningsprocedures:
1° de procedure tot vaststelling van een ruimtelijk uitvoeringsplan conform de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, artikel 2.2.6 tot en met 2.2.8, artikel 2.2.9 tot en met 2.2.12 en artikel 2.2.14 tot en met 2.2.18;
2° de procedure tot vaststelling van een voorkeurs- of projectbesluit conform het decreet van 25 april 2014 betreffende complexe projecten, artikel 13 tot en met 17 en artikel 22 tot en met 27;
3° de procedure tot vaststelling of wijziging van een rooilijnplan, conform het decreet van 8 mei 2009 houdende vaststelling en realisatie van de rooilijnen of het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.”
Artikel 31 en verder van het onteigeningsbesluit voorziet dus in een samenloop voor de opmaak van een onteigeningsplan en de opmaak van een rooilijnplan.
Wat betreft het openbaar onderzoek staat in artikel 33 dat ‘In afwijking van artikel 17 het openbaar onderzoek over de voorgenomen onteigening [wordt] geïntegreerd in het openbaar onderzoek in het kader van de ruimtelijkeplanningsprocedures, vermeld in artikel 31’. Volgens artikel 31 VOD wordt de rooilijnprocedure aanzien als een ruimtelijkeplanningsprocedure.
De aankondiging van het openbaar onderzoek zal uit twee delen dienen te bestaan (doch over de zelfde periode plaatsvinden)
1° deel 1: de gegevens, verplicht in het kader van het openbaar onderzoek van het rooilijnplan;
2° deel 2: de gegevens, verplicht in het kader van het openbaar onderzoek, vermeld in artikel 17, in het kader van de onteigeningsprocedure.
Het openbaar onderzoek van de onteigening zal dus geïntegreerd worden in het openbaar onderzoek van het rooilijnplan. Artikel 36 van het VOD bepaalt dat ‘In afwijking van artikel 19, maar voor zover de duur van het openbaar onderzoek van de onteigeningsprocedure niet korter is dan in dat artikel vermeld, is de duur van dat onderzoek bij een samenlopende procedure dezelfde als de duur van het openbaar onderzoek in het kader van de ruimtelijkeplanningsprocedures, vermeld in artikel 31’. De duur van het openbaar onderzoek zal dus dertig dagen bedragen (aangezien dit zowel voor het rooilijnplan als onteigeningsplan decretaal voorzien is op dertig dagen – hier is er geen verschil).
Artikel 38 van het VOD bepaalt verder dat ‘In afwijking van artikel 29 het definitieve onteigeningsbesluit pas vastgesteld [wordt] nadat de plannen en besluiten die het voorwerp vormen van de ruimtelijkeplanningsprocedures, vermeld in artikel 31, definitief werden vastgesteld en dit binnen de dertig dagen.’ Het rooilijnplan zal dus eerst definitief vastgesteld dienen te worden, waarna binnen de dertig dagen het onteigeningsbesluit zal vastgesteld dienen te worden.
De beslissing van de gemeenteraad dd. 13 december 2021 houdende
De beslissing van de gemeenteraad dd. 11 april 2022 houdende
Het openbaar onderzoek werd georganiseerd van 26 april 2022 tot en met 27 mei 2022.
Conform de artikels 11, 12 en 13 van het uitvoeringsbesluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het Vlaams Onteigeningsdecreet van 24 februari 2017 werd het volgende gedaan (waarvan bewijsstukken in bijlage bij dit besluit):
Tijdens het openbaar onderzoek werd het volgende ingediend waaromtrent in het verslag openbaar onderzoek standpunt wordt ingenomen en dat de gemeenteraad tot het zijne overneemt. Het verslag van het openbaar onderzoek maakt integraal deel uit van dit besluit.
Bezwaar 1 : betreft onteigeningen 9 tot en met 11
De gemeenteraad neemt hierover het volgende standpunt in :
De oprit van de woning, Weistraat 37, ligt volledig op het perceel van deze woning.
De bewoners van de Speelstraat 73A en B en Weistraat 37 zullen moeten aansluiten op de nieuwe riolering langs de Weistraat. RWA kan in bestaande gracht die dus een openbare functie heeft en als dusdanig moet onderhouden worden door gemeente
De oprit naar cabine zal behouden blijven
Bij het aanleggen van de buffergracht zal het hoogteverschil moeten bekeken worden en ondervangen door de aanleg.
De prijs van de onteigening wordt bepaald door een schattingsverslag samen met de wettelijke vergoedingen hier bovenop. De kosten worden gedragen door de onteigende instantie, de gemeente Kruisem.
Het is niet de intentie om van de Weistraat een autostrade te maken maar enkel om binnen de bestaande wegbedding deze te vernieuwen met hier en daar uitwijkstroken.
De waterhuishouding zal door het aanleggen van de buffergracht niet verstoord worden maar zelfs verbeteren aangezien het water nu langzaam zal weglopen wat tot nu toe niet het geval is.
De rooilijn moet hier aangepast worden door de voorziene onteigening.
Bezwaar 2 : betreft inneming 1
De gemeenteraad neemt hierover het volgende standpunt in :
Betreffende fietsverbinding
De gemeente Zingem heeft er destijds voor gekozen om, in samenspraak met de stad Oudenaarde het dubbele knelpunt ter hoogte van De Heuvel in Oudenaarde weg te werken. Dit kan alleen door de fietsers die uit Zingem komen Oudenaarde binnen te rijden via het jaagpad. Om dit te realiseren moet er een verbinding vanuit de Weistraat naar het jaagpad worden aangelegd. Na overleg en onderzoek van de diverse mogelijkheden is ervoor gekozen om dit ter hoogte van jullie perceel te doen omdat dit de enigste locatie is waarbij de natuurwaarden het minst worden geschonden. Deze waarden zullen bij de aanleg maximaal worden gerespecteerd (zie hieronder).
Juridische achtergrond:
Verscherpte natuurtoets:
In het kader van het renoveren van de riolering van de Weistraat en een deel van de Heirweg wordt een fietsverbinding voorzien tussen de Weistraat en het jaagpad langs de Schelde.
De fietsverbinding dwarst het VEN-gebied ter hoogte van de percelen A 185d en B 1242a.
Percelen zijn eigendom van ANB en de Vlaamse Waterweg en worden beheerd door ANB (maaien).
Bij de opstartvergadering van dit project dd. 12/06/2018 werd door mevrouw de Hemptinne van ANB meegedeeld dat ANB zich akkoord kan verklaren met de aanleg van het fietspad.
Volgens het gewestplan ligt een deel van dit fietspad binnen natuurgebied en ligt deze zone ook binnen het VEN-gebied ‘De vallei van de Bovenschelde Zuid’.
Volgens de bodemkaart bevindt het fietspad zich deels in een sterkgleyige kleibodem en deels in een matig natte zandleembodem.
De zone bevindt zich niet binnen een habitattype uit de habitatrichtlijn.
Motivatie :
Volgens de Biologische Waarderingskaart – Versie 1 bevindt de zone waar de werken zich situeren binnen een biologisch waardevol, doch soortenarm permanent cultuurgrasland.
Tevens ligt deze binnen een faunistisch belangrijk gebied.
Volgens de Biologische Waarderingskaart – Versie 2 ligt deze zone tevens binnen een complex gebied van biologisch waardevolle en zeer waardevolle elementen bestaande uit:
-verruigd grasland
-vochtig grasland gedomineerd door russen
-rietland en ander vegetaties van het rietverbond
-opslag van allerlei aard.
Volgens de habitatkaart ligt het deelproject in een laaggelegen schraal hooiland:
glanshaververbond of geen habitattype uit de habitatrichtlijn, doch wel in een regionaal
belangrijk biotoop moerasbos van breedbladige wilgen.
Volgens de kaart van potentieel natuurlijke vegetatie kan binnen de direkte omgeving een
elzen-vogelkersbos ontstaan.
Tot het beperken van de impact van de werken binnen het natuurgebied worden verschillende maatregelen getroffen. Deze maatregelen werden reeds besproken met ANB.
Beschrijving der werken :
De bedoeling der werken is de aanleg van fietsverbinding tussen de Weistraat en het jaagpad langsheen de Schelde. De fietsverbinding wordt aangelegd in een halfverharding, zijnde een waterdoorlatende gestabiliseerde porfiersteenslagverharding. Het fietspad zal een breedte hebben van 2,50m met langs weerszijden een bufferstrook van 1m breedte.
Voor de aansluiting op het jaagpad dient de langsgracht gedwarst te worden met het fietspad.
Hiertoe wordt deze langsgracht plaatselijk overwelfd met gewapend betonbuizen di. 800mm.
Langs weerszijden van de overwelving wordt een kopmuur voorzien.
De ophoging nodig tot het overbruggen van de overwelving van de langsgracht zal omwille van de stabiliteit gebeuren met aanvullingsmateriaal. Op dit aanvullingsmateriaal wordt een 1m dikke laag voorzien met aanvulgrond. Daar bovenop komt een biodegradeerbaar geodoek met daarop een 10cm dikke laag teelaarde die naderhand wordt ingezaaid.
Het fietspad zelf wordt aangelegd in een waterdoorlatende halfverharding bestaande uit 10cm gestabiliseerde profiersteenslag en een 25cm continue steenslagfundering. Het fietspad wordt langs weerszijden afgeboord met een ingegraven borduur type ID4.
Door de aanleg van het fietspad zal er een reststrook ontstaan t.h.v. het perceel A185d.
Dit perceel wordt in dit geval het best bebost met inheemse soorten. De bebossing dient wel te gebeuren in het plantseizoen na de aanleg van het fietspad.
Betreffende vergoeding
De prijs van de onteigening wordt bepaald door een schattingsverslag samen met de wettelijke vergoedingen hier bovenop. De kosten worden gedragen door de onteigende instantie, de gemeente Kruisem. Indien er bij de onderhandelingen geen akkoord wordt bereikt, is het aan de onteigende instantie (de gemeente) om een procedure bij de vrederechter op te starten die dan na onderzoek van het dossier en na verslag van een deskundige de vergoeding zal bepalen.
Bezwaar 3 : betreft inneming 22
De gemeenteraad neemt hierover het volgende standpunt in :
De totale oppervlakte van dit perceel bedraagt 8680 m² waardoor er na de onteigening nog een voldoende groot perceel overblijft om hier rendabel landbouwactiviteiten te kunnen uitvoeren, zelfs met het hedendaags groot materiaal. De eventuele minwaarde voor uw perceel zal bekeken worden bij de onteigeningsvergoeding
Volgens de hoogteprofielen die wij digitaal kunnen raadplegen is uw perceel nagenoeg plat met een minieme helling naar achteren.
Voor de noodzaak van de onteigening zie bijlage 6 vanaf pagina 4 tot en met pagina 6
Bezwaar 4 : gaat specifiek over uitwijkstrook
Dit bezwaar gaat over de uitwijkstrook ter hoogte van haar eigendom die volgens haar te lang en te breed is
De gemeenteraad neemt hierover het volgende standpunt in :
De Weistraat is een smalle straat waar het moeilijk is om elkaar te kruisen. Het bestuur kiest er dan ook voor, waar het mogelijk is, uitwijkstroken aan te leggen. Deze zulen worden uitgevoerd in deftig materiaal.
Een uitwijkstrook moet voldoende breed en lang zijn zodat wagens gemakkelijk hierop kunnen stil staan in afwachting van een kruisend voertuig. Het is duidelijk dat bij te krappe uitwijkstroken naast (richting aangelanden), voor en achter putten ontstaan die dan ook leiden tot frustratie bij de omwonenden en bijkomend werk genereert voor het bestuur om deze putten te vullen.
Bezwaar 5 : betreft inneming 3
Voor dit bezwaar geldt dezelfde motivatie als bij bezwaar 2.
Mondelinge opmerking betreffende inneming 23
Vragen om gans het perceel in te nemen want is al een klein perceel (470 m²) met langs de beek een rij bomen die het voor de landbouw (na inneming) totaal onbruikbaar maken. De gemeenteraad doet het voorstel om het volledig perceel aan te kopen en dan door te verkopen aan de aanpalende eigenaar indien deze bij de onderhandelingen hiermee akkoord gaat
De andere bezwaren hebben betrekking op de rooilijn of de werken en werden reeds behandeld bij de definitieve aanvaarding van het rooilijnplan.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Vlaams Onteigeningsdecreet van 24 februari 2017 en het Onteigeningsuivoeringsbesluit van 27 oktober 2017.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
Het gemeentewegendecreet van 3 mei 2019 en de latere wijzigingen hierop.
Het rooilijn- en innemingsplan van deze weg zoals opgemaakt door Ingenieursbureau Goegebeur – D’Hauwer BV
De definitieve aanvaarding van het rooilijnplan door de gemeenteraad in zitting van 4 juli 2022
Door het gezamenlijk openbaar onderzoek kan de definitieve aanvaarding van het innemingsplan nu maar gebeuren aangezien tegen de definitieve aanvaarding van het rooilijnplan geen beroep werd ingediend. Indien hiertegen beroep zou ingediend zijn, wordt dit plan geschorst en ook derhalve het openbaar onderzoek.
De onderhandelingen voor aankoop in der minne worden nu ook opgestart.
Het verslag van openbaar onderzoek
Artikel 1 :
Het definitief onteigeningsbesluit, inclusief de projectnota en de onteigeningsplannen met innemingstabel (opgemaakt door Ingenieursbureau Goegebeur – D’Hauwer BV) in bijlage van dit besluit, wordt goedgekeurd met de motivering van het algemeen nut en de onteigeningsnoodzaak.
Artikel 2 :
Het onteigeningsplan opgemaakt door Ingenieursbureau Goegebeur – D’Hauwer BV wordt goedgekeurd en definitief vastgesteld.
Artikel 3 :
Het verslag van het openbaar onderzoek wordt definitief goedgekeurd en vastgesteld.
Artikel 4 :
Een afschrift van deze beslissing zal worden overgemaakt aan de betrokken eigenaars en een uittreksel wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.
De Bulkenstraat is de oude voetweg nr. 66 in het vroegere Zingem.
Op 9 mei 1969 werd door de vroegere gemeente Zingem een verkavelingsvergunning verleend voor de huidige woningen (nr. 2 en 4) waarbij een rooilijn werd ontworpen die echter nooit werd bekrachtigd;
De eerste bouwvergunning dateert van 10 juni 1969 voor het bouwen van een woning.
Aangezien een bouwvergunning maar kan verleend worden aan een uitgeruste weg, is dit een duidelijke indicatie dat deze weg op dat moment reeds uitgerust was met de nutsvoorzieningen die toen bestonden, dus inclusief verlichting.
Volgens de bevolkingsgegevens is er reeds bewoning aanwezig in deze straat sedert 1971.
Het achtergelegen deel van deze voetweg werd afgeschaft (besluit BD 29/06/1984).
Momenteel ligt deze weg nog volledig op privé-eigendom alhoewel er een openbaar gebruik van meer dan 30 jaar is (zie motivatie in de voorgaande leden).
De gemeente zou deze weg nu willen opnemen in het openbaar domein.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
Het gemeentewegendecreet van 3 mei 2019 en de latere wijzigingen hierop.
Het rooilijn- en afbakeningsplan van deze weg zoals opgemaakt door landmeter Noël Martens
Artikel 13 §5 van het GWD bepaalt het volgende :
Als de gemeente met betrekking tot een grondstrook al dertig jaar bezitshandelingen heeft gesteld waaruit de wil van de gemeente om eigenaar te worden van de wegbedding duidelijk tot uiting komt, dan is de gemeenteraad ertoe gerechtigd om de grondstrook zonder financiële vergoeding op te nemen in het openbaar domein, zonder toepassing van artikel 28.
Voor de toepassing van het eerste lid worden onder meer het aanbrengen van een duurzame wegverharding over het geheel of over een substantieel deel van de weg of het aanbrengen van openbare verlichting als bezitshandelingen beschouwd.
De motivatie in het overwegend gedeelte waaruit blijkt dat de gemeente reeds meer dan 30 jaar bezitshandelingen heeft gedaan, zullen deze gronden via het in het vorig vermelde artikel GWD in bezit worden genomen.
Artikel 3 GWD:
“Dit decreet heeft tot doel om de structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van de gemeentewegen te vrijwaren en te verbeteren, in het bijzonder om aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit te voldoen.
Om de doelstelling, vermeld in het eerste lid, te realiseren voeren de gemeenten een geïntegreerd beleid, dat onder meer gericht is op:
1° de uitbouw van een veilig wegennet op lokaal niveau;
2° de herwaardering en bescherming van een fijnmazig netwerk van trage wegen, zowel op recreatief als op functioneel vlak.”
Artikel 4 GWD:
“Bij beslissingen over wijzigingen van het gemeentelijk wegennet wordt minimaal rekening gehouden met de volgende principes:
1° wijzigingen van het gemeentelijk wegennet staan steeds ten dienste van het algemeen belang;
2° een wijziging, verplaatsing of afschaffing van een gemeenteweg is een uitzonderingsmaatregel die afdoende wordt gemotiveerd;
3° de verkeersveiligheid en de ontsluiting van aangrenzende percelen worden steeds in acht genomen;
4° wijzigingen aan het wegennet worden zo nodig beoordeeld in een gemeentegrensoverschrijdend perspectief;
5° bij de afweging voor wijzigingen aan het wegennet wordt rekening gehouden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder daarbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij worden de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen.
De aanpassing van de rooilijn is noodzakelijk voor de uitwerking van haar infrastructuur. Momenteel kunnen er door de bestaande situatie geen aanpassingen gebeuren aan de nutsvoorzieningen.
Artikel 1 :
Het rooilijnplan van de Bulkenstraat ( BW nr. 66, gelegen te Kruisem, deelgemeente Zingem) zoals te zien op het rooilijnplan opgemaakt door landmeter Noël Martens wordt voorlopig aanvaard en die in bijlage is bij dit besluit.
Artikel 2 :
Het college van burgemeester en schepenen onderwerpt het ontwerp volgens de artikels van het gemeentewegendecreet aan een openbaar onderzoek.
De lokale besturen Oudenaarde, Kruisem, Kluisbergen en Wortegem-Petegem organiseerden gezamenlijk een studie om te onderzoeken of een eventuele fusie of verdergaande samenwerking wenselijk en haalbaar is.
De studie omvat een bestuurskrachtanalyse, medewerkers- en burgerbevraging. Via een bestuurskrachtanalyse werden objectieve parameters in kaart gebracht. Aanvullend werden de medewerkers van de besturen bevraagd. Tot slot gingen de vier lokale besturen actief in dialoog met de burger via een digitale bevraging en de organisatie van gespreksavonden om na te gaan hoe inwoners denken over het idee van een fusie of versterkte samenwerking.
1. Bestuurskrachtanalyse
Een bestuurskrachtanalyse bekijkt in welke mate lokale besturen voldoende capaciteit (zoals financiële middelen en personeel) hebben om de uitdagingen waarvoor ze staan, het hoofd te bieden.
Uit de studie blijkt dat elk van de vier lokale besturen beschikt over een vrij gunstig socio-economisch profiel en een goede financiële gezondheid. De werkloosheidsgraad en kansarmoede liggen relatief laag en de ondernemingsgraad ligt relatief hoog.
Inzake bestuurskracht zijn aanvullend ook volgende vragen relevant:
- Kunnen de gemeenten ook in de toekomst kwaliteitsvolle dienstverlening blijven aanbieden?
- Kunnen ze de vele maatschappelijke uitdagingen (bv. klimaat, digitalisering, …) aan?
- Wat met de historische schulden en stijgende kosten in tijden van budgettaire krapte?
- En de moeilijke zoektocht naar gekwalificeerd personeel?
Door de krachten te bundelen, zouden de vier besturen samen aan bestuurskracht winnen. Administratieve schaalvergroting laat de besturen toe om de dienstverlening anders te organiseren, een meer aantrekkelijke werkgever te worden en zodoende sterk gekwalificeerde medewerkers aan te trekken en in dienst te houden en om dé regionale referentie te worden op gebied van cultuur, sport, recreatie en dienstverlening.
Een fusie zou ertoe leiden dat het fusiebestuur efficiënter kan werken. In tijden van stijgende energieprijzen, investeringskosten en personeelskosten is dit relevant.
2. Medewerkersbevraging
De medewerkers van de besturen Kruisem, Kluisbergen, Oudenaarde en Wortegem-Petegem werden bevraagd via anonieme vragenlijsten om een antwoord te krijgen op de vraag ‘Als er een fusie zou komen, waarover moeten we dan nadenken?’. De medewerkersbevraging leverde nuttige input op over de administratieve werking van de vier lokale besturen.
In alle besturen ervaren de medewerkers de opportuniteit van kennisdeling als een grote kans. Ook het beschikken over meer financiële middelen, meer mogelijkheden om participatie met burgers te organiseren en het bereiken van een efficiëntere dienstverlening, werden vaak als kansen benoemd.
Bezorgdheden werden geuit over het herschikken van taken en de mogelijke impact van een fusie op de autonomie en de verantwoordelijkheden van medewerkers.
Aanvullend kwam tot uiting dat de medewerkers sterk begaan zijn met de burger en moet, binnen het verhaal van schaalvergroting, de dienstverlening flexibel en klantvriendelijk blijven. Vooral de persoonlijke aanpak en de nabijheid van diensten willen de medewerkers behouden.
3. Burgerdialoog
In de loop van de maand mei polste een digitale bevraging naar wat er leeft bij burgers. Deze input was essentieel met het oog op de échte dialoog: in juni vonden gespreksavonden plaats binnen de vier lokale besturen. Na een toelichting over de uitdagingen waarmee lokale besturen geconfronteerd worden, vonden gespreksrondes in kleine groepjes plaats. Deze leverden zeer waardevolle inzichten op.
Over het algemeen zijn de inwoners van mening dat door een meer intensieve samenwerking, de efficiëntie en kwaliteit van de dienstverlening zal stijgen. Hiervoor zou geen fusie nodig zijn. De burger is sterk geïnteresseerd in de redenen waarom een fusie wordt overwogen. Zo rezen veel vragen over welke gemeenschappelijke visie en prioriteiten de vier gemeenten samen hebben; zij wensen geïnformeerd te worden over de resultaten van het onderzoek en de vervolgstappen.
Indien de vier besturen beslissen om samen te werken dan wel te fuseren, verkiezen de burgers een gedecentraliseerd dienstverleningsmodel met lokale antennes. De openingsuren zijn hierbij belangrijk. De meest aangehaalde voorbeelden van dienstverlening die dichtbij moet blijven zijn: het loket burgerzaken, het containerpark, de bibliotheek, de cultuurcentra, … Doordachte centralisatie van bepaalde functies die zich niet rechtstreeks tot burgers richten, kan voor een meerderheid wel. Ook de blijvende ondersteuning van het lokale verenigingsleven en de ontwikkeling van een gebiedsgericht beleid met de nodige ruimte voor de lokale eigenheid van elke gemeente zijn twee belangrijke aandachtspunten voor burgers.
De haalbaarheidsstudie maakte het voorwerp uit van een overleg van de politieke stuurgroep (samengesteld uit de 4 burgemeesters en een delegatie uit de 4 schepencolleges) waarbij alle bovenstaande bevindingen grondig werden besproken en in overweging genomen.
Het eindrapport rond de haalbaarheidsstudie wordt gepubliceerd op de website van de gemeente. Verder zal de inhoud van de studie op een toegankelijke, duidelijke en overzichtelijke manier via verschillende offline en online communicatiekanalen gedeeld worden. Ook interne communicatie zal voorzien worden via de gebruikelijke communicatiekanalen in de organisatie.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 56 en 57.
Decreet lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald titel 8 betreffende de vrijwillige samenvoeging van gemeenten.
Artikel 1 :
De gemeenteraad neemt kennis van het eindrapport ‘Haalbaarheidsstudie Vlaamse Ardennen’.
Artikel 2 :
De gemeente Kruisem zet samen met de gemeenten Oudenaarde, Kluisbergen en Wortegem-Petegem in op een versterkte samenwerking binnen de referentieregio Vlaamse Ardennen. De wenselijkheid en haalbaarheid van fuseren wordt niet verder onderzocht.
Om erkend te worden of te blijven maakt het schoolbestuur samenwerkingsafspraken voor elk van zijn scholen die behoren tot het gesubsidieerd gewoon en buitengewoon basisonderwijs, buitengewoon secundair onderwijs en deeltijds beroepssecundair en op de leertijd.
De school is eerste actor binnen de leerlingbegeleiding en moet dan ook de schoolinterne leerlingenbegeleiding op zich nemen.
De school werkt hiervoor een geïntegreerd beleid op leerlingenbegeleiding uit dat een invulling en uitwerking omvat in alle fasen van het zorgcontinuüm per begeleidingsdomein.
De school is eindverantwoordelijke van het beleid op leerlingenbegeleiding voor iedere fase van het zorgcontinuüm en wordt hierbij ondersteund door schoolexterne instanties
De school moet samenwerken met een centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) en moet het initiatief nemen tot het maken van samenwerkingsafspraken met een centrum.
Overleg tussen de schooldirectie en het centrum voor leerlingenbegeleiding heeft geleid tot samenwerkingsafspraken.
Het overleg in de schoolraad van 22 juni 2022.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikelen 27,28,33,37,54 en 172 quinquies.
Het decreet betreffende de leerlingenbegeleiding in het basisonderwijs, het secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding van 18 april 2018.
Het model van samenwerkingsafspraken van het OVSG.
Artikel 1:
De Gemeentelijke Basisschool De Bosrank verlengt de hierbij gevoegde samenwerkingsafspraken met Team Go! CLB Oudenaarde - Geraardsbergen.
Om erkend te worden of te blijven maakt het schoolbestuur samenwerkingsafspraken voor elk van zijn scholen die behoren tot het gesubsidieerd gewoon en buitengewoon basisonderwijs, buitengewoon secundair onderwijs en deeltijds beroepssecundair en op de leertijd.
De school is eerste actor binnen de leerlingbegeleiding en moet dan ook de schoolinterne leerlingenbegeleiding op zich nemen.
De school werkt hiervoor een geïntegreerd beleid op leerlingenbegeleiding uit dat een invulling en uitwerking omvat in alle fasen van het zorgcontinuüm per begeleidingsdomein.
De school is eindverantwoordelijke van het beleid op leerlingenbegeleiding voor iedere fase van het zorgcontinuüm en wordt hierbij ondersteund door schoolexterne instanties
De school moet samenwerken met een centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) en moet het initiatief nemen tot het maken van samenwerkingsafspraken met een centrum.
Overleg tussen de schooldirectie en het centrum voor leerlingenbegeleiding heeft geleid tot samenwerkingsafspraken.
Het overleg in de schoolraad van 23 juni 2022.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikelen 27,28,33,37,54 en 172 quinquies.
Het decreet betreffende de leerlingenbegeleiding in het basisonderwijs, het secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding van 18 april 2018.
Het model van samenwerkingsafspraken van het OVSG.
Artikel 1:
De Gemeentelijke Basisschool De Weide Wereld verlengt de hierbij gevoegde samenwerkingsafspraken met VCLB Oudenaarde.
Op 8 april 2019 onderschreef Kruisem het Europees Burgemeestersconvenant.
In uitvoering van dit Europees Burgemeestersconvenant dient Kruisem een klimaatplan 2022-2030 op te stellen.
Het klimaatplan dient enerzijds een mitigatieplan te bevatten en anderzijds een adaptatieplan.
Huidig voorliggend plan betreft het mitigatieplan. Het adaptatieplan is reeds opgemaakt en goedgekeurd in zitting van de gemeenteraad dd. 14 februari 2022.
Het mitigatieplan werd opgemaakt in samenwerking met het Provinciebestuur en Futureproofed Cities. Via de tool van futureproofedCities werden maatregelen en acties gedefinieerd en kon de bijhorende CO2 reductie ingeschat worden. https://kruisem.futureproofed.com/.
De maatregelen/acties van het mitigatieplan zijn per sector ingedeeld : huishoudens, transport, gemeentelijke voorbeeldfunctie, lokale productie van hernieuwbare energie, industrie en tertiaire sector, landbouw en andere.
Met de uitvoering van voorliggend voorstel aan maatregelen en acties kan de doelstelling van het huidig onderschreven burgemeestersconvenant, 40% CO2 reductie tegen 2030, bereikt worden.
De beslissing wordt genomen rekening houdende met het advies van de milieuraad dd. 5 juli 2022.
Het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 2, 40 en 41.
Het gemeenteraadsbesluit van 8 april 2019 inzake de goedkeuring ondertekening van het burgemeestersconvenant 2030.
Het gemeenteraadsbesluit van 8 november 2021 inzake de ondertekening van het Lokaal Energie- en Klimaatplan 2021-2030.
klimaatrapport uit provincies in cijfers : 1) zonder uitstoot autosnelweg 2) met uitstoot autosnelweg
advies milieuraad dd. 5 juli 2022
1) het voorliggend klimaatmitigatieplan goed te keuren
2) concrete acties te realiseren zoals ook gedefinieerd in de doelstellingen van het eerder ondertekende lokaal klimaat- en energiepact
3) de nodige middelen te voorzien om de acties te kunnen realiseren
1. Aanleiding
De Vlaamse overheid wenst de lokale besturen te ondersteunen in de handhaving op zwerfvuil. Hiervoor zullen gedurende drie jaar 30 handhavers bij de OVAM tewerkgesteld worden die zich uitsluitend zullen bezig houden met het controleren op zwerfvuil in Vlaanderen.
2. Wat houdt het project in?
Via patrouilles op het terrein en prikacties, ook eventueel ’s avonds en in het weekend, zal getracht worden overtreders op heterdaad te betrappen.
De scope is beperkt tot zwerfvuil: sigarettenpeuken, kauwgom, blikjes, flesjes, pizzadozen,snoepverpakkingen, fruitafval, hondenpoepzakjes,… Ook controle op het bij-hebben van een zakje voor hondenpoep valt onder dit project.
Bij vaststelling van een overtreding wordt een bestuurlijk verslag opgemaakt, er wordt niet gewerkt met waarschuwingen. Een effectieve beboeting achteraf door de sanctionerend ambtenaar is noodzakelijk voor het goede verloop van dit project.
De acties wordt afgestemd op de vragen van de gemeente of IMOG, waarbij IMOG de aanvragen van haar vennotenbundelt.
3. Wat niet?
De handhavers zwerfvuil worden niet ingezet voor controles rond sluikstorten, analyse van camerabeelden, sensibiliserende acties, controle op het buiten zetten van huisvuil op verkeerde tijdstippen, of andere afvalovertredingen.
4. Afweging - advies administratie
Het initiatief is positief te noemen : het betreft een gratis ondersteuning (maar vergt bij verslagen ook verdere inzet); alle beetjes kunnen helpen in wat vaak als een knelpunt wordt ervaren door inwoners.
Toezicht en handhaving zijn daarenboven een noodzakelijk sluitstuk in vele beleidsdomeinen.
Anderzijds heeft deze actie een eerder beperkt voorwerp:
Conclusie : globaal positief - er wordt voorgesteld om te focussen op de grotere evenementen op openbaar domein.
De wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties;
Het KB van 21 december 2013 tot vaststelling van de minimumvoorwaarden inzake selectie, aanwerving, opleiding en bevoegdheid van de ambtenaren en personeelsleden die bevoegd zijn tot vaststelling van inbreuken die aanleiding kunnen geven tot de oplegging van een gemeentelijke administratieve sanctie;
Het algemeen politiereglement voor de zone Vlaamse Ardennen;
De gemeentelijke politieverordening betreffende het beheer van huishoudelijke afvalstoffen en vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen
Er zijn geen directe kosten voor de gemeente gekoppeld aan deze aanstelling.
de brevetten van de handhavers
Artikel 1:
Volgende personeelsleden van OVAM aan te stellen als gewestelijke GAS-vaststeller met bevoegdheid voor het grondgebied van de gemeente Kruisem tot het vaststellen van afval gerelateerde inbreuken welke bestraft kunnen worden met een gemeentelijke administratieve sanctie in het kader van het algemeen politiereglement van de zone Vlaamse Ardennen of de gemeentelijke politieverordening inzake de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen, inzonderheid wat betreft het zwerfvuil:
- Jelle Cambré
- Stefan Bonhomme
- Marc Dejaegere
- Ronny Moors
- Remco Van Ransbeeck
- Sonja Wygers
- Jan Lefevre
- Kilian Van Herbruggen
- Mark Deneyer
- Bram Jordens
- Peeters Robie
Artikel 2:
Afschrift van deze beslissing wordt digitaal overgemaakt aan
- OVAM en de intergemeentelijke vereniging IMOG
- de politiezone Vlaamse Ardennen
- de provinciale GAS-ambtenaar
SOLVA is initiatiefnemer van onderstaande 6 intergemeentelijke projecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid voor de periode 2020-2025, waarvoor in 2019 een subsidieaanvraag werd ingediend bij het agentschap Wonen-Vlaanderen:
Cluster 1: Denderleeuw | Haaltert | Ninove;
Cluster 2: Erpe-Mere | Lede | Sint-Lievens-Houtem;
Cluster 3: Oosterzele | Zottegem | Zwalm;
Cluster 4: Geraardsbergen | Herzele | Lierde;
Cluster 5: Kluisbergen | Maarkedal | Ronse;
Cluster 6: Horebeke | Kruisem | Oudenaarde | Wortegem-Petegem.
De deelnemende steden/gemeenten aan een IGS-project lokaal woonbeleid moeten een aantal verplichte activiteiten uitvoeren en kunnen desgewenst ook een aantal aanvullende activiteiten uitvoeren. Deze aanvullende activiteiten worden door de gemeente zelf gekozen en kunnen verschillend zijn binnen eenzelfde cluster.
De subsidie voor de aanvullende activiteiten wordt berekend als een percentage van de subsidie van de verplichte activiteiten: 5% voor een aanvullende activiteit uit de lijst van het agentschap Wonen-Vlaanderen, 3% voor een eigen voorstel van aanvullende activiteiten.
Voor de gemeente Kruisem werden volgende aanvullende activiteiten ingediend en goedgekeurd voor de periode 2020-2025:
Prioriteit 2: De gemeente werkt aan de kwaliteit van het woningpatrimonium en de woonomgeving
2_7: Een afsprakenkader met de minister en het sociaal verhuurkantoor dat actief is in de stad/gemeente aanvragen en, als het afsprakenkader wordt gesloten, conformiteitsonderzoeken uitvoeren met het oog op de inhuurneming van woningen en kamers door het sociaal verhuurkantoor.
2_8: De lokale partners via structurele samenwerking betrekken bij het lokale woningkwaliteitsbeleid.
Prioriteit 3: De gemeente informeert, adviseert en begeleidt inwoners met vragen over wonen
3_1: Een uniek loket installeren voor alle lokale woonactoren die werkzaam zijn in de gemeente.
3_2: Sociaal en/of technisch begeleiden op maat van kwetsbare inwoners.
3_3: Samenwerken met het vredegerecht en de deurwaarder in het kader van de procedure gerechtelijke uithuiszetting.
Voor de periode 2023-2025 kan een herziening gevraagd worden voor de aanvullende activiteiten in het activiteitenpakket.
Deze herzieningsaanvraag moet uiterlijk op 30 juni 2022 ingediend worden bij het agentschap Wonen-Vlaanderen. De initiatiefnemer heeft de tijd tot en met 30 september 2022 om een kopie van de besluiten van de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten, waaruit het akkoord met de herzieningsaanvraag blijkt, over te maken.
De aanvraag moet een beschrijving van de aanvullende activiteiten voor de periode van 1 januari 2023 tot 31 december 2025 bevatten, die bestaat uit:
a) een schematisch overzicht van de aanvullende activiteiten, waarbij wordt aangegeven in welke van de deelnemende gemeenten de activiteiten worden uitgevoerd;
b) een verantwoording van de keuze voor de aanvullende activiteiten;
c) voor elke activiteit afzonderlijk een omschrijving van de huidige situatie, het beoogde resultaat en de acties voor 2023 en 2024.
SOLVA stelt als initiatiefnemer voor om volgende herziening van de aanvullende activiteiten op te nemen in de subsidieaanvraag voor de gemeente Kruisem voor de periode 2023-2025 (het gaat hier enkel over de bijkomende activiteiten, naast de reeds ingediende activiteiten voor de periode 2020-2022):
Prioriteit 2: De gemeente werkt aan de kwaliteit van het woningpatrimonium en de woonomgeving
2_1: Op eigen initiatief conformiteitsonderzoeken uitvoeren en gratis conformiteitsattesten afgeven.
2_11: Eigen activiteit: ‘Van zolder tot kelder, overal een rookmelder’: samen met energiesnoeiersbedrijven woningen van eigenaar-bewoners controleren op de aanwezigheid van rookmelders. Als er geen zijn, of ze zijn defect of van slechte kwaliteit, dan wordt er per bouwlaag een gratis rookmelder geplaatst. Initiatiefnemer: SOLVA.
2_12: Eigen activiteit: Eigenaar-verhuurders ontzorgen bij woningkwaliteitsproblemen in kader van procedure CA. Dit gebeurt aan de hand van de fiches woningkwaliteit en de (nieuwe) fiches rond renovatie. Eigenaar-verhuurders worden ook toegeleid naar SVK of renovatietrajecten/renovatiecoach SOLVA. Initiatiefnemer: SOLVA.
2_13: Eigen activiteit: Organisatie van groepsaankoop stookoliesanering. Deelnemers worden toegeleid naar renovatietrajecten/renovatiecoach SOLVA. Initiatiefnemer: SOLVA.
Prioriteit 3: De gemeente informeert, adviseert en begeleidt inwoners met vragen over wonen
3_4 Eigen activiteit: kwetsbare doelgroep ondersteunen bij de zoektocht naar een kwalitatieve woning op de private woningmarkt via opmaak wekelijks huurbestand, incl. vermelding CA/O.O. Initiatiefnemer: SOLVA.
Uiterlijk in de maand december 2022 neemt de minister een beslissing over de herziening. Het agentschap brengt de initiatiefnemer op de hoogte van de beslissing van de minister.
Wanneer de minister beslist om de aanvraag tot herziening geheel of gedeeltelijk goed te keuren, wordt de subsidie van het project opnieuw berekend conform artikel 2.19 Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021 voor de periode van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2025.
Als de minister beslist om de aanvraag tot herziening af te keuren, blijft het oorspronkelijke subsidiebedrag behouden.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40§1.
Vlaamse Codex Wonen van 2021, artikel 2.4.
Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, Boek 2, Deel 2, Titel 4, in het bijzonder artikel 2.30.
Ministerieel besluit van 12 december 2019 houdende de subsidiëring van intergemeentelijke projecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid voor de periode 2020-2025.
Gemeenteraadsbesluit van 8 juli 2019 tot goedkeuring van het subsidiedossier voor het intergemeentelijk project lokaal woonbeleid ‘SOLVA cluster Horebeke, Kruisem Oudenaarde Wortegem-Petegem ’ voor de periode 2020-2025.
Besluit:
Artikel 1:
De gemeenteraad keurt de herziening van de aanvullende activiteiten in het activiteitenpakket van het intergemeentelijk project lokaal woonbeleid ‘SOLVA cluster Horebeke, Kruisem Oudenaarde Wortegem-Petegem ’ principieel goed.
Artikel 2:
Een kopie van het besluit van de gemeenteraad wordt voor 30 september 2022 overgemaakt aan initiatiefnemer SOLVA.
De voorzitter sluit de zitting op 12/09/2022 om 19:45.
Aldus vastgesteld en beslist in zitting van heden.
De agenda is afgehandeld.
Vanwege de gemeenteraad,
Namens Gemeenteraad,
Kris Nachtergaele
Algemeen directeur
Joop Verzele
Burgemeester-voorzitter